*

 

Henricus wandelt door de wereld tegen de pijn

Cokky van Limpt − 15/03/03, 00:00

Kreeg hij tien jaar geleden van een blokje om al stekende pijn in zijn scheenbeen, tegenwoordig loopt pelgrim Henricus langs 's Heren wegen zijn schoenen scheef. Met zijn bureautje De Wandelmaat organiseert hij klooster- en vredeswandelingen in binnen- en buitenland. Het is een wonder, vindt Henricus, dat 'ook een protestant' de pelgrimsstaf in zijn ransel draagt.

Het wandelleven doet Henricus (58) zichtbaar goed. In zijn wandelbureautje annex woonhuis in de bossen bij Appelscha ontvangt de pelgrim met gezond blozende wangen opgewekt zijn gast. Dat is wel eens anders geweest. In een vorig leven werkte Henricus - die toen nog Henk Woelders heette - als ambtenaar. Begin jaren negentig werd de bodem onder zijn bestaan weggeslagen. Alles raakte hij kwijt: zijn vrouw, zijn baan, zijn huis, zijn geld en zijn zelfbeeld.

,,Ik zag geen weg meer, maar gelukkig, weet ik nu, loopt er altijd een weg met je mee.'' Berooid en depressief ging Henricus op retraite in het klooster van de benedictijnen in Doetinchem. ,,Therapie kon ik niet betalen.'' In de beschutting van de monnikengemeenschap, onkruid wiedend en zijn knieën pijnigend op de zenzolder, vond hij zichzelf terug in de St. Willibrordsabdij. En de pelgrimsverhalen die hij er las, gaven een nieuwe richting aan zijn leven.

,,Door mijn artikel-31-opvoeding (gereformeerd vrijgemaakt, CvL) wist ik alles van de pelgrimsreizen van John Bunyan, maar dat je ook gewoon zelf te voet op pad kon gaan, daar had ik nooit van gehoord. Pelgrimeren doe je immers niet als protestant en zeker niet naar botjes en heiligen. De pelgrimsliteratuur die ik in het klooster in handen kreeg, fascineerde mij mateloos. Vooral de spiritualiteit van het pelgrimeren sprak me aan: het gaan van de weg, het leren loslaten en leren vertrouwen. Ik was perplex en dacht: misschien moet ik gaan wandelen. Onmiddellijk stond de romanticus in mij op. Ik zag mijzelf al op blote voeten in een pij naar Santiago de Compostela wandelen. Maar toen een kennis die de tocht had gelopen mij vroeg: 'Henk, wil je ook aankomen?', kwam de romanticus weer met beide voeten op de grond.''

Henricus trok een jaar uit om zich te beraden op zijn pelgrimsplan. ,,De pijnplekken van mijn leven, daar moest mijn tocht beginnen. Langs de kerk bijvoorbeeld, waar mijn ouders schuld hadden beleden, omdat ík was geboren - een 'moetje'. En langs andere plaatsen die herinnerden aan ons gezinsleven.'' Veel van wat misging in zijn leven herleidt hij tot zijn vrijgemaakt-gereformeerde opvoeding. ,,Ik heb nooit geleerd dat ik ook schaduwzijden mocht hebben, dat ieder mens minder goede kanten heeft. Over gedachten aan seks en andere 'zondige' zaken had ik altijd angstvallig mijn mond gehouden. Sprak je daarover, dan werd je afgebrand.''

Zijn opvoeding had Henricus naar eigen zeggen tot 'een verknipte figuur' gemaakt, beladen met schuld- en zondebesef. ,,Ik had het gevoel dat ik op mijn pelgrimstocht de pijn uit mijn lijf moest lopen. En in de stilte wilde ik God ontmoeten om hem ter verantwoording te roepen voor dat rotleven van mij.''

Een advertentie hielp hem aan een wandelmaatje voor de broodnodige training. ,,Ik had 28 jaar een zittend bestaan geleid en wist niet wat wandelen was, laat staan pelgrimeren. Zij heeft me leren lopen, op het Zuiderzeepad. Ik zat diep in de put, maar toen ik zonder pijn de acht kilometer van Durgerdam naar Amsterdam CS had gelopen, had ik het idee dat ik toch nog íets kon. En dat kon niemand me meer afnemen. Pijn in mijn scheenbeen krijg ik nu alleen nog wanneer ik in het tempo van de ander meega. Als ik bij mezelf blijf, in mijn eigen maat loop, heb ik geen pijn.''

In 1994 gaat pelgrim Henricus in zijn eentje op pad, richting Santiago, langs zwarte Madonna's en andere bedevaartsoorden. Onderweg heeft hij God inderdaad ontmoet. ,,Niet in de stilte, zoals ik eigenlijk verwachtte, maar in de goede mensen langs de weg die me koffie gaven of een bed aanboden. Gekwetst en gekneusd als ik was door mijn opvoeding en privé-omstandigheden, was ik stomverbaasd als mensen mij van de weg plukten. Waarom? 'Omdat we zien dat je een goed mens bent.'''

Of een pelgrimstocht slaagt, hangt volgens Henricus af van de intentie waarmee je op pad gaat. ,,Het is niet drie keer ademhalen en huppa je bent een pelgrim. Je moet de bereidheid hebben je over te geven. Dán wordt de ware pelgrim in je wakker en kun je het goede in andere mensen en in jezelf oproepen. Ben je de weg kwijt? Gewoon vertrouwen hebben, dan komt er wel iemand die je helpt.''

Santiago de Compostela heeft Henricus uiteindelijk niet gehaald. Jacobus wacht nog steeds op de omhelzing die hij de heilige na aankomst had toebedacht, want na drie maanden en 1600 kilometer bleef de Friese pelgrim steken in Zuid-Frankrijk. ,,Door de vele bijzondere ervaringen en ontmoetingen was ik een beetje losgeraakt van de aarde, maar een telefoontje uit Nederland bracht mij met een klap in de rauwe werkelijkheid terug. Ik kreeg te horen dat mijn WAO-uitkering zou worden omgezet in een bijstandsuitkering, wat inhield dat ik twee derde van mijn inkomen kwijt was.''

Dat werd Henricus te veel. ,,De uitstraling van de pelgrim in mezelf was ik helemaal kwijt.'' Maar een bijzondere laatste dag verzoent hem met de gedachte huiswaarts te keren. ,,Ik had van een vriend een reisverhaal meegekregen, over een adelaar die denkt dat hij een kip is. Op een dag neemt een man de adelaar mee om hem zijn ware identiteit te leren. Maar zodra de boer met het voer rammelt, duikt de adelaar weer terug het kippenhok in. Op de derde dag neemt de man de adelaar mee naar een berg. 'Je hebt het hart van een adelaar', zegt hij, 'vlieg en keer niet terug'. Dán vliegt de adelaar weg. Aan dat verhaal moest ik denken, toen ik aan het eind van mijn tocht over een weg liep die bezaaid lag met dode roofvogels - te pletter gevlogen tegen vrachtwagencombinaties. Op dat moment hoorde ik een stem in mijn buik, die zei: je hoeft niet verder te ploeteren. In de dichtstbijzijnde stad kocht ik een treinkaartje en ik reisde terug naar Nederland.''

Daar volgde nog veel meer narigheid. Maar het pelgrimszaad was gezaaid. Met behoud van uitkering en hulp van deze en gene begon hij in 1996 De Wandelmaat, 'bureau voor kleinschalige pelgrimswandelingen'. Winst zit er (nog) niet in, maar er is wel animo voor zijn tochten langs kloosters en over oude pelgrimspaden in Nederland, België, Ierland, Polen en Oostenrijk. ,,In de eerste drie maanden van dit jaar zijn er al vijftig mensen met me meegeweest.''

Sinds drie jaar leidt pelgrim Henricus bovendien wekelijkse vredeswandelingen, langs kerken en kerkjes in het Friese en Groningse land, waar de wandelaars om 'bemoediging' vragen. Iedereen kan meelopen, voor één euro per wandeluur. De opbrengst is bestemd voor die ene grote droom die Henricus nog voor ogen staat: de bouw van een Pelgrimsvredeskapel. Het ontwerp, in de vorm van een slakkenhuis met drie niveaus, is al klaar.

mailIcon print |