*

 

Omtrekkende beweging van Jan van Zijl

Lex Oomkes − 08/02/03, 00:00

Het kost wat hersengymnastiek, maar het is aardig om twee, los van elkaar staande, berichten uit deze krant van deze week met elkaar in verband te brengen.

Maandag kwam de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) met het advies aan de informateur om een groter deel van de AOW uit de algemene, via de belastingen binnengekomen, middelen te betalen. Donderdag kwam een ander adviesachtig orgaan E-quality met de constatering dat de zo geprezen oudedagsvoorzieningen in Nederland voor een groeiend aantal mensen vooral armoede betekenen. Migranten bijvoorbeeld, die niet voldoen aan de eis van veertig jaar ingezetenschap, krijgen geen volledige AOW-uitkering, laat staan dat zij met een pensioen toekomen aan dat rare ideaal van een oudedagsvoorziening van zeventig procent van het laatst verdiende loon.

De RWI beweert met zijn advies eigenlijk dat de oudedagsvoorzieningen in dit land zo riant zijn, dat ouderen best mee mogen betalen aan hun eigen AOW en E-quality legt de vinger op de zere plek: hoe riant ook, inkomensverschillen zijn op z'n schrijnendst in dat deel van de bevolking dat de pensioengerechtigde leeftijd is gepasseerd.

Misschien moet het RWI-advies wat verder uitgelegd worden. Want wat voorzitter Van Zijl eigenlijk adviseert, wil hij liever niet met zoveel woorden gezegd hebben. Het advies is zeer omfloerst en de uiteindelijke, principiƫle gevolgen laat hij liever op dit moment onbesproken. Nu al is een deel van de AOW, in jargon, gefiscaliseerd. De AOW-premie is onder Paars op een maximum gezet. Een maximum waarvan toen al duidelijk was dat, naarmate de vergrijzing doorzet, er een nieuwe bron zou moeten worden aangeboord om alle AOW-uitkeringen te betalen. Dat extra geld moet uit de overheidsbegroting komen. Wat de RWI nu wil is, om de loonkosten te drukken, de AOW-premie verlagen en dus het deel van de AOW uit de begroting opkrikken. Dat klinkt wellicht onschuldig, maar het gevolg is wel dat het uitgangspunt, dat ouderen niet meebetalen aan de AOW, steeds meer verlaten wordt. AOW-premie betaalt iedereen met een arbeidsinkomen of een uitkering, behalve AOW-gerechtigden. Belasting betaalt iedereen met een inkomen.

De RWI en zijn voorzitter Van Zijl zijn niet dom. Ze zijn zich bewust van dit gevolg. Ze zijn zich ook bewust van de maatschappelijke weerstand die elke idee over AOW en AOW'ers oproept. Dus wordt het pleidooi, dat Van Zijl eerder als PvdA-kamerlid hield in het kader van de betaalbaarheid op lange termijn van de AOW, nu verpakt in een verhaal over het terugdringen van loonkosten.

Het is jammer dat de RWI het pleidooi niet in een wat principiƫler jasje steekt. De AOW is een groot goed, maar wel een duur goed. Bovendien zijn de omstandigheden waaronder de volksverzekering in het leven werd geroepen radicaal veranderd.

In de jaren vijftig was het pensioen nog slechts voor een enkeling weggelegd, het was de AOW instellen of de armoede voor grote bevolkingsgroepen. Bovendien waren toen de kosten te overzien. De gemiddelde levensverwachting was rond zeventig jaar. Nu loopt de AOW-uitkering gemiddeld tien jaar langer door. Reden genoeg om je af te vragen of AOW'ers niet gewoon, vanaf een bepaald inkomen, mee zouden moeten betalen.

Laat staan dat je ook nog verbeteringen aan zou willen brengen, zoals E-quality voorstelt. Zonder ingrepen komen we aan die vraag niet eens toe.

mailIcon print |