*

 

Hun normen en de onze

Ahmed Aboutaleb − 21/01/03, 00:00

Van meet af aan heb ik een onplezierig gevoel gehad bij het nationale debat over waarden en normen. Ik wil geen spijkers op laag water zoeken, maar bij een debat over dit thema heb ik altijd al het gevoel gehad dat het vooral van oorsprong niet-Nederlanders zijn die aangesproken worden. Het beeld is dat ze onze normen aan hun laars lappen en dat ze weigeren rekening te houden met onze waarden in het publieke domein. In stille dialogen met mijzelf probeer ik geen spoken te zien, maar ik kan niets ondernemen tegen het gevoel dat mij regelmatig bekruipt. Het debat dat nu even door de verkiezingskoorts is onderbroken, onderstreept in mijn ogen het in de laatste jaren latent aanwezige moderne superioriteitsdenken. In vrijwel alle bijdragen ligt de suggestie besloten dat niet-westerse waarden en normen eigenlijk minder zijn en dat dragers van waarden en normen die uit andere landen afkomstig zijn reeds bij het betreden van de Nederlandse bodem er onmiddellijk afstand van moeten nemen.

In veel gevallen zijn belangrijke normen vastgelegd in wetten, verordeningen en andere geschriften. Zonder uitzondering dienen alle inwoners zich aan deze normen te onderwerpen. De wet geldt immers voor allen. In Nederland is rechts rijden de norm. Ook al is links rijden in Suriname de norm, toch kunnen Surinamers hier niet links rijden. Vrouwenbesnijdenis is verboden en het debat daarover is daarom overbodig. Je kunt je in zijn algemeenheid afvragen of een debat over geformaliseerde normen is wel nodig is. Geformaliseerde normen dienen wel te worden gehandhaafd. Dat sommige normen niet of moeilijk te handhaven zijn, is een heel andere discussie. Indien normen niet te handhaven zijn, wordt het tijd ze aan te passen of te schrappen. De komst van migranten kan een van de redenen daarvoor zijn. Zo is ooit de wet op begraven verruimd om recht te doen aan de wensen van nieuwkomers. De praktijk rond coffeeshops daarentegen illustreert wat er kan gebeuren als een norm niet te handhaven is. Een debat over vastgelegde normen geeft de indruk dat er ruimte is voor een andere uitleg, maar die is er, zeker nu, vrijwel niet. Tijdens het inburgeren dienen deze normen wel overgedragen en toegelicht te worden.

Naast geformaliseerde normen, bestaan er ook ongeschreven normen die door de overheid niet kunnen worden afgedwongen. In het maatschappelijk verkeer passen burgers zich doorgaans aan aan zulke algemeen aanvaarde gedragspatronen om afkeurende reacties van de omgeving te vermijden. De maximale straf in dit soort gevallen is hooguit een negatieve bejegening door medeburgers, het niet krijgen van een baan et cetera.

Waarden daarentegen hebben in mijn ogen een persoonlijk karakter. Voor de een is de Bijbel leidraad, voor de ander, de Koran en weer voor een ander is humanisme de inspiratiebron voor maatschappelijk handelen.

Uit het huidige debat over waarden en normen proef ik een rangorde waarbij de niet-westerse waarden onderaan worden geplaatst. Dat nu vind ik ronduit stuitend. Een voorbeeld. Bijna alle Turken in Nederland hebben zichzelf en hun kinderen veel materiƫle welvaart onthouden om gedurende een reeks van jaren familieleden in het land van herkomst te onderhouden. Ze doen inkopen op de markt, kopen kleding bij Zeeman en tandpasta bij de Aldi om geld opzij te kunnen te zetten voor een vader of een moeder. De waarden die in deze praktijk besloten liggen zijn verantwoordelijkheid en solidariteit. In Nederland is inkomenssolidariteit in de wet geregeld. In beide gevallen zijn burgers betrokken bij het ondersteunen van mensen die niet zelfstandig een eigen inkomen kunnen verwerven. Wie desondanks de Turken wil leren wat waarden zijn, doet er verstandig aan enige bescheidenheid op te brengen. Soms helpt het de wereld eens via een andere bril te bekijken.

mailIcon print |