*

 

Loyaliteit redt Milan Milutinovic niet

Nicole Lucas − 21/01/03, 00:00

* Hij had maar van een ding spijt, vertelde Milan Milutinovic onlangs in een interview voor de Servische televisie: dat hij zich in 1997 door Slobodan Milosevic had laten overhalen de strijd aan te gaan met Vojislav Seselj om het presidentschap van Servië. Hij won -zij het, volgens analisten, op niet geheel reglementaire wijze- en werd opvolger van diezelfde Milosevic die kort daarvoor het presidentschap van Servië had verruild voor dat van Joegoslavië (Servië en Montenegro).

,,Waarom moest ik toch zonodig?', verzuchtte hij vijf jaar later, aan de vooravond van zijn uitlevering aan 'Den Haag'.

Hoewel hij zelf de vraag onbeantwoord liet, lijkt blinde loyaliteit aan de onbetwistbare machthebber de doorslag te hebben gegeven. Het loopt als een rode draad door zijn carrière. Geboren in 1942 in Belgrado, werd hij al jong lid van de communistische partij en ontwikkelde zich tot een loyale apparatsjik, ,,hoogmoedig tegenover ondergeschikten en uiteraard bedreven in het stroopsmeren', aldus Servisch journalist Slavoljub Djukic. In de jaren zeventig speelde hij een hoofdrol bij het zuiveren van het Belgradose universiteitskader van 'liberale dissidenten'.

Zich bijtijds realiserend dat de tijden waren veranderd, verschoof zijn loyaliteit in de jaren tachtig naar Milosevic, die hij kende uit zijn studententijd aan de Belgradose universiteit. Milutinovic, een vlotte spreker in vloeiend Engels en Frans, werd Joegoslavië's ambassadeur in Griekenland. Die functie bleef hij zelfs nog, kort, vervullen toen hij in 1995 minister van buitenlandse zaken werd. Er wordt gefluisterd dat hij in zijn Atheense periode een belangrijke rol speelde bij het ontduiken van de sancties die de VN tegen Belgrado hadden uitgevaardigd.

In 1995 was hij betrokken bij de onderhandelingen in Dayton die een eind maakten aan de oorlog in Bosnië. Adam LeBor beschrijft in zijn biografie van Milosevic hoe president Clinton Milosevic vanuit een vliegtuig belt om hem hartelijk te bedanken voor zijn bijdrage (Milosevic mocht daarna enige tijd het etiket 'vredesduif van de Balkan' voeren). Meteen na Clintons telefoontje belt Milosevic met zijn minister van buitenlandse zaken. Samen moeten ze er om gniffelen. ,,En dat durfde hij zomaar te zeggen in bijzijn van Madeleine Albright? Had hij zich soms op het toilet verstopt?'

Ruim drie jaar later vergaat het lachen de twee echter als ze door het Joegoslavië-tribunaal worden aangeklaagd wegens misdaden in Kosovo. Volgens ingewijden had Milutinovic dit absoluut niet zien aankomen en was hij geruime tijd met stomheid geslagen. Als er al misdaden waren begaan, zo heeft hij bij herhaling beweerd, dan had hij daarmee niets van doen. Van commando-verantwoordelijkheid was geen sprake. ,,Ik had geen enkele constitutionele verantwoordelijkheid, noch over het leger, noch over de politie.' De rechters van het tribunaal hebben het laatste woord.

Het is niet helemaal onwaarschijnlijk dat Milutinovic overal buiten werd gelaten. De relaties tussen de twee mannen was volgens zegslieden in die tijd niet meer zo innig. Tijdens het overleg, begin 1999, in het Franse Rambouillet schijnt Milutinovic zijn 'baas' vergeefs te hebben gewaarschuwd voor de consequenties van het niet ondertekenen van een akkoord over Kosovo.

Vandaar misschien dat hij zich, toen er op 5 oktober 2000, een eind kwam aan het bewind van Milosevic, onmiddellijk loyaal verklaarde aan de nieuwe machthebbers. Hij werkte zonder morren met hen mee, bemoeide zich nergens mee en deed exact wat hem werd opgedragen. Premier Zoran Djindjic hield hem op zijn beurt de hand boven het hoofd door tegenover het tribunaal te verklaren dat Milutinovic onschendbaarheid genoot vanwege zijn functie. Maar met het aflopen van zijn ambtstermijn, eind december, bood ook de trouw aan het nieuwe gezag geen bescherming meer.

mailIcon print |