Op het ogenblik is er een stevige discussie aan de gang hoe de professionalisering van het open team verder ingevuld moet worden. Commissies, sponsors, spelers en wijze mannen zijn druk bezig met het smeden van plannen om de professionals van landen als Polen, Italië en Frankrijk naar de kroon te steken.
Een eerste aanzet hiertoe betreft het opzetten van een spelersconvenant. Dit is al aan de kernploegparen voorgelegd, maar het is nog niet formeel bekrachtigd. Iedereen is het er over eens dat het een goede zaak is dat de afspraken op papier komen, maar het laat nog even op zich wachten, omdat de tekst hier en daar aangepast moet worden.
Wat staat er dan in het convenant? Niet veel meer dan een aantal gedragsregels en de onkostenvergoeding. U vraagt zich misschien af of een bridgeteam niet gewoon met een gentleman's agreement kan leven. Natuurlijk kan dat, maar vanuit bondsoptiek valt wel te begrijpen dat men meer grip op de spelers wil hebben. In het recente verleden zijn er namelijk nogal eens problemen geweest met het gedrag van uitgezonden spelers. Wie herinnert zich niet dat Kirchhoff-Paulissen tijdens het EK van 2001 (Tenerife) geploft zijn vanwege een noodlottig misverstand bij het azenvragen? Het convenant dient met name om van dit soort taferelen verschoond te blijven.
Bauke Muller (een hoofdrolspeler in de kernploeg, niet alleen vanwege zijn ernorme ervaring, maar ook omdat hij met zijn partner Simon de Wijs momenteel de meeste indruk maakt), is optimistisch: ,,Het betreft een concept-convenant. Enkele formuleringen kunnen wat duidelijker. De spelers hebben zeker de intentie te voldoen aan hetgeen in het convenant wordt gesteld. Dus geen probleem. De bijeenkomst van de kernploeg was wat mij betreft constructief en harmonieus. Klinkt dus goed.''
Zo te horen zal Toine van Hoof, de onlangs aangestelde teammanager, het dus snel eens worden met de kernploegparen en kunnen we weer gauw verder met de orde van de dag: de ploeg kneden en trainen ter voorbereiding op het EK in juni in Menton (Frankrijk).
Ik wil nog even terugkomen op de finale van de MK, die twee weken geleden werd gespeeld. De Lombard (Rotterdam) versloeg Pegasus (Amsterdam) uiteindelijk vrij gemakkelijk. Van het verliezende team hebben Luitwieler-Van Valen de beste indruk achtergelaten. Vorige week had ik het er al over dat Pegasus weinig geluk had met slemspellen. Aan het beste voorbeeld hiervan kon ik vorige week niet toekomen, dus behandel ik dit zeer moeilijke spel deze keer uitgebreid (Zie diagram 1). Het spel was van cruciaal belang, omdat het gemakkelijk de wedstrijd had kunnen kantelen.
Via het onderstaande biedverloop kwamen Drijver-Schollaardt (De Lombard) in een kansloze 7:
West Noord Oost Zuid
Nie- Drijver Bomhof Schol-
meijer laardt
- - - 1
pas 2 1) pas 3SA
pas 5 2) pas 5
pas 5SA pas 6
pas 6 pas 6
pas 6SA pas 7
pas pas pas
1) Inverted Minor (4+ , forcing)
2) Exclusion Blackwood (A niet meetellen, omdat noord daar een renonce in heeft)
Drijver ging na 5 op zoek naar groot slem. Hij probeerde aan zijn partner duidelijk te maken dat HV van vitaal belang zijn. Waarom Schollaardt over 6SA nog 7 bood is een beetje raadselachtig, want AV lijken bepaald geen gunstig bezit voor 7, als partner een renonce ruiten aangeeft. Nu kwamen ze in 7 en dat is met een vaste hartenverliezer te hoog, terwijl 6SA speelbaar is (maar ook down gaat, omdat HB9 achter de V10 zitten). Luitwieler-Van Valen aan de andere tafel hadden meer controle over het bieden:
West Noord Oost Zuid
De Wijs Luit- Muller Van
wieler Valen
- - - 1
pas 2 1) pas 3SA
pas 4 pas 4 2)
pas 4 2) pas 4 2)
pas 6 pas pas
pas
1) Het equivalent van Inverted Minor (4+ , forcing)
2) Controlebod
Luitwieler bood geen 5, maar bouwde na 3SA rustig op door 4 te bieden. Toen hij 4 (controlebod) van zuid hoorde, vermoedde Luitwieler dat er te veel verspilde punten in ruiten zouden zijn voor een goede 7 (zuid moet iets hebben als: ABxx HVx ABx VBx). Daarom gaf hij de kleine kans op om gecontroleerd een kansrijke 7 uit te bieden en besloot over 4 direct 6 te bieden.
Zoals de NZ-handen liggen is 6 een uitstekend contract, vooral nu zuid leider is, omdat dan met een ruitenuitkomst het contract al meteen gehaald is. Zelfs met HB fout, was het te halen. Hoe zou u 6 afspelen na een passieve troefuitkomst van west?
De winnende lijn is: trek de troeven, speel AH, troef een schoppen en speel een kleine harten naar de tien. West moet nemen met B, maar moet ofwel in ruiten of wel in harten zuid de twaalfde slag komen brengen (harten laat de leider door lopen naar zijn vrouw, ruiten is in de AV-vork van de leider). Van Valen koos voor een speelwijze die vrijwel identiek was, maar in dit geval een essentieel verschil bevatte. Alvorens een kleine harten naar de tien te spelen, incasseerde hij namelijk A. Nu kon west gewoon HB maken en was Van Valen één down. Hij won nog twee impjes, omdat Schollaardt in 7 twee down was gegaan, maar zijn winst was natuurlijk veel groter geweest als beide paren twaalf slagen gemaakt hadden.
Het verschil tussen beide speelwijzen is miniem. De speelwijze van Valen verliest alleen als west HBx(x) heeft; de winnende speelwijze zou verliezend geweest zijn, als west Bx(x) gehad zou hebben (in de overige gevallen winnen beide speelwijzen), want dan maakt west eerst B en -als hij harten door speelt- daarna oost H. Een leuke klus voor een regenachtige zondagmiddag om uit te rekenen welke kans groter is!
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.