*

 

Herboren Schröder speelt heelmeester van Duitsland

Gerbert van Loenen − 15/03/03, 00:00

Gerhard Schröder heeft zichzelf opnieuw uitgevonden. Opgelucht over de geslaagde ontpopping presenteerde hij zich gisteren als de man die Duitsland gezond gaat maken.

BERLIJN - Een einde aan de zuinigheid was het program waarmee de regering-Schröder in 1998, sterk onder de invloed van minister van financiën Oskar Lafontaine, de werkloosheid dacht te bestrijden. Na amper vijf maanden had Gerhard Schröder zijn rivaal op linksbuiten eruit gewerkt, en wendde hij radicaal de steven. Met de nieuwe minister van financiën Hans Eichel werden in 1999 bezuiniging en belastingverlaging het parool.

Even leek dat goed te gaan, toen in 2000, weliswaar later dan de buurlanden, ook Duitsland dan toch nog een economisch piekje mocht beleven. Maar zodra in 2001 de economie begon af te koelen, bleek Schröders regering onvoorbereid. In strijd met Schröders belofte bleek de werkloosheid weer op te lopen. Hij verklaarde dit door te verwijzen naar de slechte wereldeconomie; binnenlandse oorzaken zag hij niet.

Het gevierde bezuinigingsbeleid van minister Eichel bleek bij de eerste tegenwind om te vallen. Het begrotingstekort naderde een jaar geleden al dicht het in EU-verband afgesproken maximum van drie procent (van het bruto binnenlands product). Een officiële waarschuwing uit Brussel wist Schröder met spierballenvertoon te voorkomen; Duitsland zou heus niet boven de drie procent uitkomen.

Met slechte scores in de opiniepeilingen en de verkiezingen in aantocht, erkende Schröder in de zomer van 2002 dat de oplopende werkloosheid wellicht toch binnenlandse oorzaken heeft. In allerijl liet hij een commissie onder leiding van VW-personeelschef Hartz ideeën ontwikkelen om de arbeidsmarkt beter te laten werken. Deze voorstellen, die met name de oprichting van staatsuitzendbureaus behelzen, beloofde Schröder vlak voor de verkiezingen 'een op een om te zetten'.

Nauwelijks waren de verkiezingen nipt gewonnen, of de regering-Schröder maakte bekend dat het begrotingstekort toch de maximale drie procent had overschreden. Tal van belastingverhogingen, of 'belastingprivilegeafschaffingen' zoals Schröder het liever noemde, volgden.

Hans Eichel, Schröders oogappel uit de jaren 1999-2002, mocht in de tweede regering-Schröder aanblijven, maar dan wel zonder zijn beleid. Van 'consolidatie' spreekt nauwelijks nog iemand, Schröder valt integendeel het Europees stabiliteitspact dat tot zulke begrotingsdiscipline dwingt, voortdurend aan.

In zijn debuut in de rol van saneerder bleek Schröder gisteren twee lijnen te volgen. Enerzijds blijkt hij Wolfgang Clement, de in september aangetreden minister van economische zaken en arbeid, als baken te hebben omarmd. Deze uit het Ruhrgebied afkomstige pragmaticus was in de eerste plaats ingehuurd om de plannen voor de arbeidsmarkt van de commissie-Hartz uit te voeren, maar heeft al tal van eigen ideeën ingebracht. Zo heeft Clement voorgesteld dat kleine en beginnende ondernemers mensen tijdelijk in dienst mogen nemen, zodat ze niet bang hoeven te zijn nooit meer van ze af te komen. Clements plannen zullen 'geheel worden uitgevoerd', zei Schröder gisteren enthousiast.

Anderzijds worden 15 miljard aan extra uitgaven mogelijk gemaakt om de economie te prikkelen. Dat herinnert aan de lijn van Oskar Lafontaine, de linksbuiten wiens ideeën Schröder in 1999 had afgezworen.

mailIcon print |