Terwijl de wereld over de schouders van Blix naar Irak kijkt, speurt emeritus dominee Lenie van Reijendam-Beek naar andere schatten in het gebied van Eufraat en Tigris. En zij vindt ze in de verhalen op de duizenden jaren oude kleitabletten. Vandaag: Ishtar in de onderwereld.
De oppergodin Ishtar heeft het in haar hoofd gehaald een bezoek te brengen aan het dodenrijk waar haar zuster en vijandin Ereshkigal de scepter zwaait. ,,Het land zonder terugkeer waar stof de kost is, klei het voedsel, waar men gekleed gaat als vogels met vleugels als gewaad.'' Ze bonkt op de deur van de onderwereld: ,,Open doen! Anders trap ik de deur in, laat de doden opstaan en laat hen de levenden verslinden.'' Geschrokken raadpleegt de poortwachter Ereshkigal, die verbleekt: ,,Wat komt ze hier doen? Moet ik soms klei gaan eten en modder drinken met mijn hofhouding? Moet ik de mannen gaan bewenen die hun vrouwen hebben achtergelaten? Moet ik rouwen om de meisjes die uit de schoot van hun geliefden zijn weggerukt? Om de peuter die voor zijn tijd stierf? Maar doe open en behandel haar volgens de regels.'' Ishtar komt door de eerste deur en moet haar kroon inleveren. Bij de tweede deur wordt weer een kledingstuk afgenomen en zo door tot bij de zevende deur. Praktisch in haar blootje komt ze voor haar zuster te staan die beveelt Ishtar met zestig plagen murw te slaan.
Intussen gaat het op aarde niet goed, nu de godin van de vruchtbaarheid weg is. Mens noch dier doet nog aan seks en goede raad is duur. Tot de slimme god van het water, Ea, op het idee komt een charmante jongen op Ereshkigal af te sturen en inderdaad krijgt deze gedaan dat hij een wens mag doen. Hij wenst: Ishtar laten besprenkelen met levenswater. Ereshkigal kan zich de haren wel uit het hoofd rukken maar beloofd is beloofd. Door het levenswater herrijst Ishtar gezond en wel. Gaande door de zeven poorten krijgt ze kleren en juwelen weer terug. Wel moet ze losgeld betalen, hoeveel staat er niet bij.
Het verhaal is gebaseerd op een duizend jaar oudere sumerische versie - Ishtar heet hier Inanna - die wat soberder is, maar ook een aantal boeiende extra details heeft.
Ten eerste organiseert Inanna voor haar vertrek een enorm James-Bondachtig beveiligingsplan: mocht ze niet terugkomen dan moet haar vertrouweling Ninshubur naar die en die stad, naar die en die god gaan om haar eruit te redden. Ten tweede heeft Inanna een excuus bedacht voor haar komst: ,,De echtgenoot van mijn zuster is gestorven, eerlijk waar; ik kom voor de begrafenisriten''. En ten slotte: wanneer Inanna door het levenswater, en in dit geval ook het levensbrood, is opgewekt, vlucht de hofhouding/rechtbank van de dodenwereld weg, en trekken de demonen, die de levenden van de aarde wegrukken, met Inanna mee terwijl ze hen wanhopig pobeert af te schudden. Midden in een discussie tussen de demonen en de godin breekt de mythe helaas af.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.