*

 

'Recht op zorg' belast de kabinetsformatie

Marcel ten Hooven − 07/02/03, 00:00

DEN HAAG - De formatiebesprekingen tussen CDA en PvdA zullen zwaar worden belast door een alarmerend rapport over de kosten van het 'recht op zorg'. Het beoogde kabinet kan patiënten dat recht alleen garanderen met pijnlijke maatregelen, zoals de verhoging van eigen betalingen of een kleiner verzekeringspakket. Raadslieden van de informateurs schetsen dat dilemma in hun rapport over de explosieve stijging van de zorgkosten.

Evenzeer belastend voor de formatie is dat het onvermijdelijk lijkt dat PvdA-leider Bos zijn verkiezingsbeloftes over de zorg verbreekt. In de campagne kregen de kiezers van hem de toezegging dat een kabinet met de PvdA de verdubbeling van de ziektekostenpremies zoveel mogelijk ongedaan zou maken. Tegen de zin van het CDA ziet de PvdA ook niets in een hervorming van het ziektekostenstelsel om kosten te besparen, zolang de ziekenhuizen nog doelmatiger kunnen werken.

De ambtelijke raadslieden van de kabinetsinformateurs, afkomstig van Financiën en Volksgezondheid, waarschuwen echter dat verdere kostenbesparing door doelmatiger werken, 'niet realistisch' is. Zij laten in hun rapport zien hoe de kosten de laatste jaren zijn geëxplodeerd. Dat gebeurde sinds PaarsII, onder druk van de maatschappelijke onrust over de wachtlijsten, maatregelen nam als de toekenning van een 'recht op zorg' voor patiënten. Ziekenhuizen mogen sindsdien alle kosten die ze maken om de wachtlijsten weg te werken automatisch bij de rijkskas declareren.

De overheid gaf daarmee elke rem op de kostenstijging prijs, met een explosie als gevolg. Stegen de zorgkosten aanvankelijk 2,5 procent per jaar, na het loslaten van de rem werd dat uiteindelijk 8,8 procent in 2002.

Centraal Planbureau gaat ervan uit dat dit percentage dit jaar al weer terugkeert naar 2,5. Maar de raadgevers van Financiën en Volksgezondheid zijn minder optimistisch. Zij voorspellen

jaarlijkse tegenvaller in de zorgkosten van 2,5 tot 3,5 miljard gulden en schetsen tevens een pijnlijk dilemma voor Balkenende en Bos. Niet alleen politiek, ook juridisch is het praktisch onmogelijk het 'recht op zorg' terug te draaien. Het kabinet-Kok besloot destijds tot dat principe onder druk van rechtszaken die AWBZ-verzekerden voerden om hun wettelijke aanspraak op zorg kracht bij te zetten. De adviseurs wijzen er bovendien op dat de AWBZ en het Ziekenfonds sociale verzekeringen zijn en daarom een recht op zorg met zich mee brengen. Afschaffing daarvan stuit wellicht op een rechterlijk veto.

De alternatieven die het beoogde kabinet van CDA en PvdA resten om de voorziene jaarlijkse tegenvaller in de zorg op te vangen, zijn alle pijnlijk of politiek onhaalbaar. Het kan het overheidstekort verder laten oplopen, of op andere uitgaven extra bezuinigen, of de ziektekostenpremies nog verder opvoeren, of de dekking in de gezondheidszorg zelf zoeken. Dat laatste kan betekenen dat patiënten zelf meer, tot jaarlijks 500 euro, voor hun eigen zorg moeten gaan betalen. Een andere mogelijkheid is dat het verzekeringspakket kleiner wordt. Op zijn minst zo onaantrekkelijk is het derde alternatief waarbij de overheid een streep haalt door het meerjarige salarisakkoord met de ziekenhuizen. Dankzij dat akkoord stijgen die salarissen net zo veel als in het bedrijfsleven.

mailIcon print |