*

 

Robert Kragting

Jan Auke Brink − 01/09/03, 00:00

Wijsbegeerte gaat over de grote vragen van het bestaan. Maar wat heb je eraan in het gewone leven? Over de bruikbaarheid van de filosofie.

'Ik heb een eigen filosofieschool opgericht, waar ik cursussen geef. Daar komen vooral mensen van boven de 40. Het is een heel breed publiek: van huisvrouwen tot arts. De deelnemers hebben gemeen dat ze veel levenservaring hebben; veel gezien en veel meegemaakt.

De cursisten komen vooral voor het praktische in de filosofie. Ik kan geen zware logica-cursus met allerlei wiskundige formules aanbieden. Daar komt niemand op af. Maar toegepast kan het wel. Dan kun je kijken naar redevoeringen van politici en die onderzoeken op drogredenen. Maar de cursisten hebben het liever nóg praktischer. Door kennis van de filosofie analyseren ze hun eigen leven, beantwoorden ze concrete vragen als 'moet ik wel, of moet ik niet in een bestuur gaan zitten'.

Kunstfilosofie is ook interessant. Je kunt naar de 'Venus' van Botticelli kijken alsof het alleen een naakte vrouw is, maar als je meer van de ideeën uit die tijd weet, dan kijk je naar een ander schilderij. Vrouwbeelden als de Venus en de Mona Lisa voeren terug op Dante. Hij beschreef een prachtige vrouw als metafoor voor de schoonheid van de filosofie.

Vorige week heb ik een lezing over hem als filosoof gegeven. Iedereen kent Dante als dichter, maar hij was ook een denker. Uit zijn tractaten blijkt ook dat hij ook als filosoof de geschiedenis wilde ingaan. Filosofie vond hij belangrijker dan proza. Dat was opsmuk, lipstick en oogschaduw van de Venus.

De mensen die mijn cursussen volgen zijn gedreven. Ze lezen veel, bezoeken musea en proberen alles met elkaar in verband te brengen. Ik heb bijvoorbeeld cursisten die in Florence op vakantie zijn geweest. Ze vonden het daar prachtig, maar begrepen niet alles wat ze zagen. Als ze de cursus over Florence en het neoplatonisme in de 15e eeuw hebben afgerond, gaan ze terug. Dan valt veel op zijn plaats, begrijpen ze meer.

Soms schurken we tegen het religieuze aan. Dan behandelen we vragen over leven en dood, praten we over hoe met tegenslag om te gaan. Het verschil met religie is dat bij filosofie geen vaste leer hoort. Als ik een verhaal vertel, pikt iedereen er iets anders uit. Dat kán ook, omdat er geen toetsing volgt: de mensen komen vrijwillig, willen zichzelf en de wereld leren kennen.

Dat is het prettige aan filosofie: het is heel vrij. Zelf heb ik van de filosofie geleerd dat je een eigen draai aan het leven kunt en moet geven. Alle grote denkers waren eigengereide donders, ze durfden het aan hun eigen weg te gaan. Neem Nietzsche, die gaf zijn universitaire loopbaan op, om op zijn eigen manier verder te gaan.

Dat heeft mij geleerd dat je risico's moet durven nemen. Vroeger zat ik nog vast in het rechtlijnige denken. Eerst mijn diploma halen, daarna op zoek naar een mooie vacature en vervolgens het sollicitatiegesprek goed afronden. Filosofie heeft me geleerd zélf het initiatief te nemen. Dat dat niet altijd makkelijk is, bleek toen ik mijn filosofieschool oprichtte: in mijn omgeving was veel twijfel. Mensen zeiden tegen me dat het veiliger is een vaste baan in dienstverband te hebben.

Mijn favoriete filosofen zijn Plato en Nietzsche. Plato is heel speels, gebruikt veel humor. Hij reflecteert ook op gebeurtenissen in zijn tijd. Hij groeide op in een burgeroorlog en maakte toen hij 28 was de executie van zijn grote voorbeeld, de filosoof Socrates, mee. Zijn hele oeuvre is te lezen als een reaktie hierop. Ik hou van filosofen van vlees en bloed, filosofen die hun eigen worsteling in hun denken verwerken. Nietzsche doet dat ook. Als ik zijn teksten lees, doen die een beroep op mijn eigen kracht.

Filosofie geeft steun. Veel filosofische teksten zijn te beschouwen als 'troostliteratuur'. Ik heb vooral baat bij Nietzsche. Zijn werk heeft me vaak geholpen om vervelende gebeurtenissen een plaats te geven. Het werkt verzachtend. Een paar maanden geleden is mijn vader overleden. Daar kon ik door de filosofie vrij goed mee omgaan. Plato schreef al over de filosofie als een 'voorbereiding op de dood'. Ik heb er vrede mee dat we uiteindelijk allemaal zullen sterven, al mis ik hem natuurlijk wel.'

mailIcon print |