Bij de verkiezingen komende dinsdag mogen ook de Palestijnse inwoners van Israël hun stem uitbrengen. Maar dat maakt hen nauwelijks volwaardige burgers. Door de intifada zijn voor de meeste Joden álle Palestijnen vijanden geworden.
TEL AVIV - De Arabieren zijn uit het 'Joodse' straatbeeld verdwenen. Niet alleen de Palestijnen uit de bezette gebieden, ook de Israëlische Palestijnen, burgers van de staat Israël, vertonen zich nauwelijks meer in de Joodse buurten.
De 'altisachíen' komt niet meer langs om afgedankte spulletjes op te halen. Wekelijks klonk luid door de straat de Arabische verbastering van het Jiddische 'Alte Sachen'.
Aan het begin van de intifada, ruim twee jaar geleden, zorgde het nog voor enige ophef toen een restaurantketen in Tel Aviv zijn Arabische kelners overplaatste. De klanten hadden geklaagd dat ze zich niet prettig voelden met de kelners, te midden van alle aanslagen.
Moessa ging altijd al naar zijn werk met een keppeltje op. Voor de onbekende klanten heette hij Mosje. Moessa/Mosje werkt niet meer in het buurtcafé in Noord-Tel Aviv.
En Sjosjana wordt door iedereen voor gek uitgemaakt: zij heeft haar Arabische werkster gehouden en liet onlangs zelfs haar balkon uitruimen door de zoon van de werkster. ,,Als ik vermoord word, heeft de zoon van de werkster het gedaan'', riep ze tevoren half spottend door de telefoon.
,,Rechts zet de toon in de samenleving'', zegt de politiek socioloog Lev Grinberg. ,,Het is wij tegen de ander op alle gebieden, links tegen rechts, asjkenazisch (Europees) tegen sefardisch (oriëntaals), religieus tegen seculier, wij tegen de rest van de wereld. En bovenal: wij tegen de Palestijnen.''
,,Werd vroeger nog onderscheid gemaakt tussen de ruim twee miljoen Palestijnen in de bezette (Palestijnse) gebieden leven en de meer dan een miljoen Palestijnen in Israël zelf, ook dat is sinds het begin van de intifada weggevallen. De Palestijnen in Israël worden nu ook als de vijand gezien.''
Onlangs verijdelde het hooggerechtshof de poging van rechtse partijen om twee Arabische politieke leiders, Ahmed Tibi en Azmi Bisjara, bij de verkiezingen uit te sluiten. ,,Maar'', zegt Grinberg, ,,als het erop aankomt tellen ze niet mee. De Palestijnen in de bezette gebieden hebben geen stemrecht, omdat ze geen staatsburgers zijn- terwijl de kolonisten die daar wonen wel stemrecht hebben.''
,,En de Palestijnen die in Israël wonen en in feite 'gewoon' staatsburgers zijn, worden niet als legitiem gezien. Ze mogen kiezen, ze kunnen worden gekozen, maar de Arabische partijen (negen van de 120 zetels - red.) worden bij voorbaat uitgesloten als coalitiepartners, ook door de Arbeiderspartij. De zes miljoen Joodse Israëliërs willen het alleenrecht om te besluiten over de toekomst van de 3,5 miljoen Palestijnen.''
Volgens Grinberg is dat ook de reden waarom premier Jitschak Rabin is vermoord: hij was bereid de Palestijnen mede te laten besluiten over hun toekomst.
De opkomst van de Arabische kiezers lag doorgaans tussen de 75-85 procent. Tot twee jaar geleden, toen ze de premiersverkiezingen boycotten uit protest tegen het doodschieten van dertien jongeren aan het begin van de intifada, en uit woede over het mislukken van het vredesproces. Slechts 20 procent trok naar de stembus.
,,Als ze mij en Tibi nu deelname hadden belet, zouden opnieuw de meesten thuisblijven'', zegt Azmi Bisjara. Hij is professor in de filosofie, en parlementariër en lijsttrekker van de Arabische Alliantie. Bisjara arriveert een uur te laat -file- in Lod, waar een zaaltje met twee-, driehonderd aanhangers de tijd goed vult met liederen over 'het vaderland', toespraken en een video over een confrontatie met de politie.
Bisjara spreekt zijn publiek in het Arabisch toe. Af en toe, zo goed als ongemerkt, gaat hij over in het Hebreeuws. In de ogen van de Palestijnen in de bezette gebieden zijn de Palestijnen van Israël halve Joden. Ze praten, kleden en gedragen zich anders. De Joodse cultuur is dominant. Op de scholen leren de kinderen de Joodse schrijvers, maar nauwelijks over de Palestijnse of Arabische cultuur. Toen een vorige (linkse) minister een Palestijns auteur op het curriculum wilde plaatsen, was de wereld te klein.
Bisjara wil een minimale vorm van autonomie voor de Palestijnen in Israël: eigen scholen, een eigen universiteit, zeggenschap over lokale zaken in de Arabische steden. In Lod trakteren de Palestijnen hem op een staande ovatie. ,,Hij zegt precies wat we voelen en denken'', zegt een jongeman. ,,Ik ga op hem stemmen. Maar wat helpt het?''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.