Onrust in Venezuela, desillusie in Argentinië, hoop in Brazilië. Latijns-Amerika is in de ban van de sociaal-economische malaise. Voor het continent als geheel eindigde het jaar 2002 in de min.
AMSTERDAM - Vorig jaar is de economie van Latijns-Amerika gekrompen met ruim een procent, blijkt uit cijfers van de Wereldbank. Dat komt voornamelijk door Argentinië, maar zelfs zonder dat slechtste jongetje van de klas is de groei -in 2000 zelfs nog 4,5 procent- afgelopen jaar op een zeer magere 0,7 blijven steken. Geen enkel land onttrekt zich aan de somberheid, al vallen de zware klappen in Argentinië (min 16 procent), Uruguay (min 11,1) en Venezuela (min 6,2).
Dat is een belangrijke verklaring voor de politieke beroering in Latijns-Amerika. Kiezers zijn, twintig jaar na de euforie over het einde aan de dictaturen, de democratische leiders zat. De perceptie is dat de democratie slechts corrupte elites goed heeft gedaan. In verschillende landen hebben zich opvallende machtswisselingen voorgedaan.
De Venezolanen kozen in 1999, de woekerende corruptie beu, voor de linkse populist en voormalig couppleger Hugo Chávez. Mexico brak in 2000 met de PRI, de partij die het land 71 jaar had geregeerd. Que se vayan todos, laat ze allemaal vertrekken, was in Argentinië een populaire leus tijdens de betogingen eind 2001 die leidden tot de vlucht van de toenmalige president Fernando de la Rúa. Bolivia koos vorig jaar nét niet voor Evo Morales, leider van de coca-boeren in het land -de VS hadden al gedreigd alle hulp aan Bolivia stop te zetten. Brazilië kreeg op 1 januari met de beëdiging van 'Lula' da Silva de eerste socialistische president in zijn geschiedenis. In Ecuador wordt deze week met Lucio Gutiérrez ook al een oud-couppleger als president ingezworen.
Het afdanken van de oude garde is stap één, stap twee is met een goed alternatief beleid te komen. Dat is heel wat lastiger gebleken. Venezuela is er onder de autoritaire Hugo Chávez economisch alleen maar op achteruitgegaan en de corruptie is niet verminderd. De samenleving is diep verdeeld en het land staat op exploderen na zes weken van stakingsacties die enkele miljarden dollars hebben gekost. Chávez weigert op te stappen. Hij weet zich gesteund door de armen; die hebben weliswaar geen rijkdom maar in ieder geval een luisterend oor gekregen.
De Argentijnen zitten in een diep dal van verpaupering, al krijgt de bevolking iets van haar zekerheden terug. Zo staat de peso inmiddels stabiel tegenover de dollar en mogen Argentijnen weer geld opnemen bij de banken. Maar de helft van de bevolking leeft inmiddels onder de armoedegrens en de regering ruziet al tijden met internationale schuldeisers over nieuwe financiële hulp -het land is een jaar geleden gestopt met afbetaling van zijn buitenlandse schuld van 130 miljard dollar. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en andere geldschieters weigeren nieuwe leningen zolang er een risico is dat die opnieuw door het corrupte overheidsapparaat worden opgeslokt.
Of verandering op komst is? Nee. Voor de verkiezingen in april zijn de peronisten, medeverantwoordelijken voor de ellende, toch weer favoriet.
Het is de pech van Argentinië en kleinere Latijns-Amerikaanse economieën dat ze noch voor het IMF, noch voor de Verenigde Staten die in het fonds een doorslaggevende stem hebben, belangrijk genoeg zijn. Vergeten worden is funest, ook al ligt het IMF onder vuur omdat het vooral de armen zou treffen met zijn eisen van vrije-markthervormingen en harde staatssaneringen.
Uit de Venezolaanse onrust blijkt dat ook de VS baat hebben bij stabiliteit in het geplaagde Latijns-Amerika. Washington haalt er tien procent van zijn geimporteerde olie en zag de aanvoer door de stakingen opdrogen.
Brazilië heeft het voordeel dat het, als veruit de grootste economie op het continent, niet genegeerd kan worden. De opkomst van Lula, voormalig vakbondsleider en lid van de arbeiderspartij PT, zorgde maandenlang voor onrust op de financiële markten en devaluatie van de Braziliaanse munt, de real. Maar al ruim voor zijn verkiezing maakte het IMF afspraken over financiële steun. Daar had het fonds minstens zoveel belang bij als Brazilië zelf, aangezien een crisis daar -anders dan in Argentinië- wereldwijde gevolgen zou hebben. Door de benoeming van gerenommeerde lieden op financiële posten én door de goede banden met het IMF, keerde de rust snel terug.
Lula is anders, zo wil ook hij bewijzen. Hij heeft dit weekeinde zijn voltallige kabinet in een 'karavaan tegen de honger' meegenomen naar de Vale do Jequitinhonha, een van de armste regio's van Brazilië en beter bekend als de vallei van de misère. De president heeft een bestelling van twaalf gevechtsvliegtuigen ter waarde van 700 miljoen dollar opgeschort om meer geld te hebben voor sociale programma's als 'Honger Nul'.
Door een ontbijt met de Venezolaanse president Chávez en een diner met collega Fidel Castro uit Cuba op de dag van zijn inauguratie, maakte Lula duidelijk dat hij de huiver voor deze autoritaire leiders niet deelt met het Westen. Maar Lula is verstandig genoeg om de 'As van het Goede', die Chávez ziet tussen Venezuela, Brazilië en Cuba, voor diens rekening te laten. Lula houdt liever de sympathie van Washington.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.