*

 

Meteen een grote bek

Gonny ten Haaft − 03/01/03, 00:00

Leven in een nieuwbouwwijk waar 'nog niets is' valt niet mee. Samen koffie drinken in een kaal leslokaal biedt nog wat troost tegen de hoge schuttingen die iedereen om z'n tuin zet, en de afwezigheid van een winkelcentrum-met-prikbord.

Op het eerste gezicht kan je je er niets bij voorstellen: gezellig koffiedrinken in een leegstaand klaslokaal, nog geen plaat aan de muur en koffie in plastic bekertjes. De vloer is van dat koude, grijze linoleum en jassen hangen over een lege stoel of de verwarming. Toch komen vrouwen uit Ypenburg er graag, voor 'Leyla's koffieochtend' bakken ze graag een taart of speculaasjes.

Ellen Kusse (31) nam vandaag haar twee jongens (6 en 8) mee, het is immers kerstvakantie en ze weet dat Leyla over een kist vol speelgoed beschikt. ,,Nu zie ik eindelijk eens je kinderen'' , zegt Leyla van Cuijk van de Stichting Ondernemend Welzijn verheugd. ,,Tsjee, wat lijkt die oudste op jou.''

Op verzoek van de GGD begon Van Cuijk enkele jaren geleden met koffie- dan wel inloopochtenden voor vrouwen uit Ypenburg, de grote Vinex-wijk bij Den Haag. Verpleegkundigen, (huis)artsen en maatschappelijk werkenden merkten dat sommige vrouwen moeilijk met andere bewoners in contact kwamen, terwijl zij daar wel behoefte aan hadden. De verwachtingen van het leven in een nieuwe woning en buurt zijn soms (te) hoog, dan valt het extra tegen als er niemand is om mee te praten.

,,Door deze inloopochtend heb ik vriendinnen gemaakt'', vertelt Natasja Kluit (34), moeder van een zoontje van drieënhalf. ,,Vooral in de eerste jaren voelde ik me hier alleen. Ik had me er juist zo veel van voorgesteld, van het wonen in een nieuwe wijk waar niemand elkaar kent. Ik dacht dat iedereen daarom open zou staan voor elkaar, maar stootte flink mijn neus.''

Natasja Kluit was een van de eerste bewoners van deze wijk die uiteindelijk 11 000 woningen zal tellen. Als in 2008 al die woningen zijn opgeleverd, is een complete stad ontstaan, de bouwers durven zelfs van een 'moderne tuinstad' te spreken. Allemaal mooi en aardig, zegt Kluit, maar intussen woont zij al vier jaar in een stad die bijna voor de helft klaar is, maar waar nog steeds nauwelijks voorzieningen zijn. Neem deze wekelijkse koffieochtend - met een leeg klaslokaal moeten ze al blij zijn.

Volgens Ellen Kusse en Shasi Soechit (41), net als KLuit regelmatige bezoeksters van deze ochtenden, zijn zulke eenzaamheidsgevoelens ook een verschijnsel van deze tijd. Kluit, Kusse en Soechit behoren tot de vaste kern van de vrouwen voor wie de inloopochtenden een belangrijke sociale functie hebben. Niet omdat ze zich eenzaam voelen, benadrukken ze in koor, wél omdat ze het gezellig vinden elkaar daar samen, zonder verplichtingen, te ontmoeten. Ook Natasja Kluit kan nu lachend vertellen dat ze zich niet meer zo alleen voelt als in die eerste jaren. ,,We zijn naar Ypenburg verhuisd omdat mijn man hier een baan kreeg, we woonden eerst in Amsterdam. Ik heb écht alles geprobeerd om met andere mensen in contact te komen, maar het lukte gewoon niet. De meeste mensen komen uit Den Haag, Voorburg of Zoetermeer. Zij zijn niet uit op nieuwe kennissen, ze gaan gewoon langs bij hun oude vrienden.''

Voor Kusse, die ook tot de pioniers van Ypenburg behoorde, veranderde er veel toen haar oudste kind naar school ging. ,,Via school heb ik veel mensen leren kennen, daarna gaat het vanzelf.'' Soechit beaamt dit. ,,Van mijn buren moet ik het niet hebben. Zelf vraag ik hen ook niet op de koffie, ik voel een drempel om dat te doen. Maar nogmaals, is dit niet iets dat in elke wijk speelt, dat hoort toch gewoon bij deze tijd?''

In zoverre, argumenteert Kluit, dat déze Vinex-wijk werkelijk niets heeft dat het maken van contact vergemakkelijkt. Het vijfduizendste huis is al opgeleverd, maar nog steeds is een kleine noodsupermarkt de enige 'voorziening' waarover deze tuinstad beschikt. Een winkelcentrum, sporthallen, gezondheidscentrum, alles moet nog gebouwd. ,,Gelukkig is er nu een tram'', zegt Kluit, ,,Jarenlang was er alleen een bus die slechts twee keer per uur reed en waarin de buggy opgeklapt moest worden. Daar zat ik met een baby - mijn kind is pas drie en gaat nog niet naar school - verschrikkelijk was dat. Ook voor ouderen is hier niks, geen ouderengym, ouderenverenigingen, niks. Ik ken al ouderen die weer terug willen verhuizen.''

De drie vrouwen dromen van een ijssalon, terrasje, bloemenwinkel, drogist, viswinkel en vers brood van de bakker. Soechit, die vegetariër is, haalt zelfs de meest alledaagse benodigheden vaak in Delft. Ze snapt werkelijk niet dat politici, ambtenaren en bouwers zó vaak hardop durven zeggen dat nieuwe woonwijken van het begin af aan over winkels en openbaar vervoer moeten beschikken, maar dat dit nergens gerealiseerd wordt. Het winkelcentrum van Ypenburg had er al moeten staan - ze mikken nu op 2004.

Gelukkig zijn Ypenburgs perspectieven wel verbeterd nu eindelijk duidelijk is dat deze Vinex-wijk onder Den Haag valt. De eerste jaren behoorden verschillende delen van Ypenburg tot Rijswijk, Pijnacker, Nootdorp en Delft. Uiteindelijk won Den Haag de maandenlange strijd over het 600 hectare tellende grondgebied. ,,Het heet dat we nu geannexeerd zijn door Den Haag'', zegt Kusse, ,,Maar het heeft wel voordelen. Veel beslis singen, bijvoorbeeld over voorzieningen, werden steeds opnieuw uitgesteld omdat niemand zich echt verantwoordelijk voelde. Bovendien weten de bewoners nu tot wie ze zich met klachten en wensen moeten melden. Een wethouder houdt hier nu spreekuur, Natasja en ik hebben daar laatst voorgesteld dat er een markt komt: dat is dé plaats om anderen te ontmoeten.''

Het zijn van die kleine dingen, verzucht Kusse. De C1000, de noodsupermarkt, had maandenlang een prikbord voor mededelingen, vragen of advertenties. Gratis betontegels waren af te halen bij meneer X, mevrouw Y had enkele oppasuurtjes over. Het bord is weg, terwijl er nog geen centraal informatiepunt voor terug is. ,,Eigenlijk had daar ook een koffiehoekje moeten zijn'', vindt Kluit. ,,Als rust- en ontmoetingspunt. Ik weet nog goed hoe iedereen in die eerste jaren strak voor zich uitkeek, het leek wel alsof mensen oogkleppen ophadden. Iedereen was alleen maar bezig met zijn huis, bij de bouwmarkt kwam je elkaar tegen.''

En als het huis af is, volgt direct daarna de schutting. Kluit weet nog hoe ze zich voelde toen ze in een opmerkelijk hoog tempo in belendende tuinen de schermen opgetrokken zag worden. ,,Het eerste wat mensen met elkaar afspreken, is een zo hoog mogelijke schutting'', zegt Kluit. ,,Bij mij precies hetzelfde'', bevestigt Soechit. ,,Dat gaf een heel benauwd gevoel.''

Ondanks hun sombere observaties, zouden de drie vrouwen zeker niet willen verhuizen. Voor de kinderen is het leven in zo'n bouwput geweldig (,,ze vonden het jammer toen de straat af was''), de huizen zijn doorgaans mooi en via de naastliggende snelwegen zijn Den Haag en het recreatiegebied Delftse Hout goed bereikbaar. Ook Kluit heeft het inmiddels naar haar zin, al blijft ze het moeilijk vinden dat het leven zo anoniem is in een wijk waarin maandelijks complete straten worden opgeleverd.

,,In zo'n wijk zijn nog geen codes, er zijn geen regels hoe je met elkaar omgaat'', ervaart Kluit. ,,Iedereen heeft het over waarden en normen, maar die maak je met elkaar. Hoe doe je dat in een wijk waarin mensen vreemden voor elkaar zijn? Dat is toch veel makkelijker als je elkaar kent? Nu krijg je meteen een grote bek als je ergens iets van zegt. Je kan hier bijvoorbeeld geen eendjes voeren, want overal ligt hondenpoep. Omdat ik steeds de wind van voren kreeg als ik erop wees, ben ik ermee gestopt.''

Kusse en Soechit noemen soortgelijke voorbeelden. Wel hopen zij dat dit met de komst van meer voorzieniningen (zoals faciliteiten voor hondenliefhebbers) vanzelf verbetert. De gemeente moet bovendien meer rekening houden met het feit dat vooral gezinnen met jonge kinderen in Ypenburg zijn komen wonen.

,,De verwachting was dat veel meer gezinnen met oudere kinderen, de zogeheten doorstromers, naar Ypenburg zouden trekken'', weet Soechit. ,,Er is nu een groot gebrek aan plaatsen in peuterspeelzalen, crèches en naschoolse opvang. Werkende vrouwen met jonge kinderen kunnen hier beter niet meer komen wonen.''

,,Bij ons hangen er voortdurend slingers in de straat omdat er weer een baby is geboren'', vult Kluit aan. Volgens Kusse krijgen veel ouders nu hun tweede of derde kind. ,,Misschien stijgt het geboortecijfer wel door het gebrek aan voorzieningen'', lacht zij. ,,Daardoor ben je natuurlijk wel veel vaker thuis.''

mailIcon print |