*

 

De soap 'Den Haag vandaag'

Meindert van der Kaaij − 22/01/03, 00:00

Op de dag van de stembusgang: de Belgische socioloog Mark Elchardus over de dramademocratie, die nu ook Nederland in zijn greep heeft. De door de media aangedreven dramademocratie reduceert partijen tot merknamen.

Het is zijn grootste frustratie dat zijn boek 'De Dramademocratie' al bijna bij de drukker lag toen Pim Fortuyn furore maakte. De opkomst van deze populist is volgens de Belgische socioloog Mark Elchardus de beste illustratie van de wisselwerking tussen media en politiek. De berichtgeving over politiek lijkt steeds meer op een toneelstuk of een reality-soap.

De basis rond zijn theorie over de dramademocratie legde Elchardus, hoogleraar aan de Brusselse Vrije Universiteit, tien jaar geleden toen hij zich afvroeg waarom vooral socialistische kiezers waren overgestapt naar het extreem-rechtse Vlaams Blok. Hij stuitte op een heftig gevoel van wantrouwen en onbehagen bij dat deel van de kiezers.

Het begon hem tegelijkertijd op te vallen dat in de berichtgeving werd ingespeeld op dat wantrouwen. Toen in 1996 de affaire-Dutroux België in zijn greep kreeg, dachten wetenschappers en journalisten dat die zaak de oorzaak was van het wantrouwen in de politiek en de rechtsspraak. Volgens Elchardus was dat wantrouwen er echter al veel langer en is de zaak-Dutroux slechts een uiting van de gezagscrisis in België.

Het werd Elchardus steeds duidelijker dat het onbehagen in de samenleving veel breder leefde dan het deel dat op het Vlaams Blok stemde. Hij merkte dat burgers zich onveilig voelden, terwijl dat niet aan een toename van de criminaliteit viel toe te schrijven. Een andere paradox was de groei van het onbehagen en een pessimistische kijk op de toekomst in een tijd dat Vlaanderen een zeer welvarende regio is. Een van de lange-termijn-oorzaken daarvoor is volgens Elchardus de toenemende vergrijzing. ,,Oudere mensen voelen zich sneller onveilig en kwetsbaar.''

Een andere oorzaak is volgens Elchardus de positie van lagergeschoolden in onze kennismaatschappij. Behalve dat zij weten dat zij bij een teruglopende conjunctuur als eersten weer op straat staan, hebben zij het gevoel dat zij het dagelijkse leven niet meer kunnen bijbenen. ,,Banken sluiten vestigingen en mensen moeten hun zaken via email regelen. Zo maak je een grote groep burgers het toch moeilijk om te functioneren.''

Tot slot speelt ook de televisie een rol in het gegroeide onbehagen. ,,Uit internationale onderzoeken blijkt dat mensen die veel televisie kijken veel meer verzuurd zijn dan zij die weinig kijken en liever persoonlijk contact hebben. Met name commerciële media apelleren aan angst, geweld en gevaar.''

Beslissend onderdeel van de dramademocratie is volgens Elchardus dat media inspelen op dat wantrouwen van hun publiek. ,,Als veel burgers zo'n wantrouwen en onbehagen hebben, verwachten zij antwoord op de vraag: waarom zijn we zo? De verwachtingen van het publiek bepalen steeds meer het beeld en de inhoud waarmee journalisten komen. Als er een politicus corrupt blijkt, dan gaan zij daar veel aandacht aan besteden, want een corrupte politicus maakt duidelijk waarom de burger de politiek niet vertrouwt. Zo ontstaat er intussen wel een volkomen vertekend beeld van de werkelijkheid.''

De paralellen tussen België en Nederland zijn volgens Elchardus legio. Ook in Nederland rennen de camera's van Enschede naar Volendam en van de Bijlmer naar de bouwfraude. ,,'s Ochtends schrijft een krant iets waar een politicus 's middags via de radio weer commentaar op geeft en waarop 's avonds op televisie anderen reageren. De volgende dag heeft de krant commentaar op hetgeen op televisie is geweest.''

Het is de hype die volgens Elchardus de media regeert. ,,Neem nu de Belgische witte comités, waarvan we nu weten dat zij niets hebben voorgesteld. Maar ze hebben destijds wel het ganse land in beroering gebracht. Er was een nieuwe mondige burger opgestaan, zo was het vaste geloof. Als er na de witte mars, waaraan 300000 mensen meededen, verkiezingen zouden zijn gehouden, had een witte partij net zoveel succes gehad als de LPF acht maanden geleden. De witte comités zijn een vertoning gebleken en we gaan over tot de orde van de dag.''

In zijn boek De Dramademocratie stelt Elchardus de diagnose dat de media -weliswaar onbewust- de politiek in hoog tempo uithollen. ,,Ze geven zo rap een voorstelling van de samenleving: dat is het volk en dat zijn zijn gevoelens. De media dwingen politici en partijen om die gevoelens te verwoorden. Toen die witte comités een grote mond opzetten was er geen enkele politicus die opstond om te vragen wie zij dan precies vertegenwoordigden. Als een politicus dat gedaan had, was daarmee zijn carrière onmiddellijk gedaan geweest. Dit mechanisme zet feitelijk de vertegenwoordigende macht buitenspel.''

,,De dramademocratie grijpt ook in in de structuur van de politieke partij. Dat is geen ledenpartij meer, maar een kiesvereniging met een paar experts voor de dossiers, spindokters om de merknaam in de vertoning te regisseren en een mediagenieke lijsttrekker. De gevolgen van de mediagenieke verschillen tussen Ad Melkert en Wouter Bos zijn de afgelopen week voldoende aangetoond.''

Veel is daar volgens Elchardus niet aan te doen. Het beperken van de vrijheid van de media is volgens hem ondenkbaar en zeer ongewenst. ,,We staan nog machteloos tegenover de kennismaatschappij die we hebben gecreëerd. Ik vergelijk het met de opkomst van fabrieken in de negentiende eeuw. De industrialisatie trok gemeenschappen en gezinnen uit elkaar en verslechterde de volksgezondheid. Pas later hebben we met sociale wetgeving daarop een antwoord gevonden. We hebben nog geen idee hoe we met massacommunicatiemiddelen om moeten gaan.''

mailIcon print |