Het is normaal om de politiek gebrek aan daadkracht te verwijten. Maar de overheid is geen bedrijf met maar één oogmerk. Ze moet verschillende visies verenigen. Voortdurende kritiek op de politiek, ondermijnt de samenleving.
Bij de verkiezingen zou er een kloof zichtbaar zijn geworden tussen politiek en samenleving, die wellicht door wat meer ondernemerszin en daadkracht overbrugd zou kunnen worden. Prominenter aanwezigheid van ondernemers zou de politiek verbeteren. Ondernemers zouden taboes doorbreken en meer besluitvaardigheid brengen in de publieke dienstverlening.
De kennelijke afkeer van de politiek bij ondernemers is geruststellend. Ondernemers en politiek zijn fundamenteel verschillend en de onderneming en de overheid berusten op een geheel verschillende rationaliteit en ethiek. De hemel beware ons voor ondernemers die wel eens politiek zullen bedrijven. Het is minstens zo gevaarlijk als een politicus aan het hoofd zetten van een groot bedrijf.
Natuurlijk zijn er overeenkomsten. Het is echter gevaarlijk om te denken dat vanwege die overeenkomsten er een gelijkenis is, en dat de overheid meer als een onderneming zou kunnen en moeten werken, en dat een ondernemer geschikt is als politicus. Het is een gedachtegang waarin Nederland een bv is, de burger een klant en waarin succesvol politiek bedrijven eigenlijk een kwestie is van goed luisteren, gedegen consumentenonderzoek, een uitgekiende reclamecampagne en doen wat de klant wil.
Het is niet zomaar een vergelijking, maar een beeld waarin burgers steeds meer zijn gaan geloven. Burgers en ondernemers zijn ontevreden over de overheid omdat deze niet beantwoordt aan hun wensen, althans niet snel genoeg.
Het lijkt zo'n bruikbare en elegante vergelijking; het is echter een fundamenteel verkeerd beeld dat de wezenlijke verschillen tussen politiek en ondernemerschap miskent en dat onder meer de oorzaak is van veel politieke verwarring, zie alleen al het afgelopen jaar. Ondernemen is mensen, middelen en activiteiten rationeel ordenen en dienstbaar maken aan een bepaald oogmerk. Ieder die daarbij betrokken is, heeft in beginsel een alternatief; de klant, de werknemer, de leveranciers en de partners.
Politiek is echter de activiteit om binnen de samenleving om te gaan met verscheidenheid en met fundamenteel verschillende doelen en belangen. Niet om ze gelijk te maken, maar om ze met elkaar verenigbaar te maken en om geschillen daartussen te beslechten. In een democratie mag een burger kiezen, maar als hij op een verliezende partij stemt, moet hij zich voegen naar de beslissingen die genomen worden. En ook als hij op een winnende partij stemt, is het twijfelachtig of hij instemt met alles wat deze doet. Hij moet verduren dat de overheid zich met hem bemoeit, terwijl hij er niet om gevraagd heeft.
Een bedrijf kan een activiteit afschrijven die niet succesvol is. Neem het verschijnsel dat bedrijven hun filialen sluiten in wijken waar de klandizie ontbreekt, of waar het onveilig is. De overheid kan een moeilijke buurt niet de rug toekeren, maar zal er juist de leefbaarheid terug moeten brengen; zij kan niet zeggen, blijven jullie maar lekker crimineel in je eigen wijk, ik ga wel elders patrouilleren.
Een overheid kan wel -als een bedrijf- prestatieakkoorden sluiten met de politie, scholen of ziekenhuizen, maar zij kan niet bij tegenvallende prestaties de dienst sluiten, de politie ontslaan en de burgers, leerlingen of zieken aan hun lot overlaten. Een overheid moet beslissen, ook als zij onvoldoende informatie heeft en vrijwel steeds geldt dat een slechte beslissing beter is dan geen beslissing.
Wanneer men de samenleving ziet als onderneming en de overheid als bestuur daarvan, dan is het makkelijk om daar kritiek op te hebben. Net zo makkelijk als wanneer ik vanuit een christelijke ethiek van onbaatzuchtigheid, soberheid en naastenliefde kijk naar het handelen van bedrijven en van de economie. Ook dan is het heel eenvoudig om dat handelen te bekritiseren als fout, verkwistend, hypocriet en belachelijk. De kritiek is echter niet doeltreffend, want het gaat uit van het verkeerde referentiekader. De politiek of de overheid kan men ook niet bekritiseren vanuit het referentiekader van de ondernemer. En het is dan ook al helemaal niet toepasselijk om te spreken van tekortschieten, ondoelmatigheid en falen.
Erger is dat we met al die onterechte kritiek het gezag van de overheid ondermijnen. Het is niet alleen het bedrijfsleven, het is ook een mediacultuur die nog slechts naar de kritiek, het geschil of ogenschijnlijke missers wijst. We institutionaliseren dat zelfs door de verkiezingsstrijd, die vanwege de televisie met oneliners moet worden gevoerd, af te sluiten met een cabaretier. Het is heel gezond om de zelfgenoegzaamheid van politici op gezette tijden door te prikken, maar het is levensgevaarlijk voor de samenleving om de politiek en het overheidshandelen bij voortduring belachelijk te maken op basis van een ethiek, criteria en beelden die niet bij de overheid horen.
Natuurlijk zijn er veel betere methoden om te beslissen, dan het tellen van de neuzen of het volgen van de stroperige procedures van inspraak, besluitvorming en rechtsbescherming. Natuurlijk zou het oneindig veel sneller gaan indien het bestuur zou uitgaan van het belang van het bedrijfsleven voor de economie en dien overeenkomstig op een doortastende wijze ten gunste daarvan zou beslissen. Alleen, geldt dat ook indien het bestuur consistent zou kiezen voor de rationaliteit van milieudefensie, of van de vakbonden? Ik betwijfel of we in dat geval nog blij zouden zijn met snelle, doortastende besluitvaardigheid.
Politiek gaat nu juist over de keuze tussen de verschillende doelen die mogelijk zijn en tussen de verschillende maatstaven die daarbij gehanteerd kunnen worden. Een ding is daarbij zeker; de keuze die uiteindelijk gemaakt wordt, valt altijd te bekritiseren vanuit het tegengestelde gezichtspunt. En vergis u niet; uiteindelijk gaat het vaak om verschillende mensbeelden, om verschillen van godsdienst, geloof en fundamentele waarden. Ieder handelen berust uiteindelijk op een mens- en wereldbeeld dat berust op een levensbeschouwelijk uitgangspunt; of dat nu de erkenning is dat er een God bestaat of de ontkenning.
Ons bestel van politieke besluitvorming is ontstaan uit de noodzaak om ondanks verschillen van levensbeschouwing vruchtbaar met elkaar samen te leven en samen te werken. Dat existentiële besef zijn we echter snel aan het verliezen onder druk van aanhoudende kritiek en een voortdurend belachelijk maken van de overheid.
Vanuit verkeerde beelden is er een geest vaardig geworden over de politiek, die inhoudt dat iedereen alles moet kunnen zeggen. Taboes moeten worden doorbroken. Daarvoor heeft de politiek geen ondernemers nodig, de tegenwoordige politici zijn daar al met veel animo mee bezig. Het moet allemaal kunnen; godsdienst is achterlijk, de diepste waarden en overtuigingen van mensen worden op schandelijke wijze gekwetst, Mohammed was een tiran en een pedofiel. Alleen als iemand wat zegt over de gelijkheid van vrouwen of homofielen dan roept iedereen verontwaardigt waar de strafrechter toch blijft.
Met al die kritiek op elkaar, en met de eisen dat iedereen zich hier moet voegen naar de heersende opvattingen, alvorens we met elkaar praten -inburgeren heet dat- zijn we onze vrijheid aan het verliezen. Want vrijheid heeft twee gezichten. Doorgaans zien we er slechts één: de 'vrijheid van': van behoefte, van meningsuiting, van vrees, van dwang of de vrijheid van bureaucratische regels, ambtenaren en politici. Het is steeds vrijheid in de vorm van de afwezigheid van beperkingen aan het eigen vermogen of kunnen. Maar daardoor wordt iedereen uiteindelijk wel op zichzelf teruggeworpen en wordt vrijheid al gauw wederzijdse onverschilligheid.
Maar alleen kunnen we niet leven. Als individu en om individu te zijn, zijn we op de samenleving aangewezen. De overheid is een voorwaarde voor de 'vrijheid van', omdat zij voorwaarde is om als samenleving, samen te kunnen leven.
Belangrijker dan de 'vrijheid van' is de 'vrijheid om': om gemeenschappelijk de regels te kunnen stellen waarnaar we willen luisteren, om te kunnen participeren in de overheid die ons die regels stelt. De legitieme eis dat wie hier woont, hier moet kunnen communiceren, dreigt te verworden tot de eis dat men maar de eigen identiteit en het eigen geloof moet afzweren voordat men hier mag wonen. En dat hele groepen verbeterd mogen worden op basis van het gedrag van enkelen. Dat leidt tot sociale isolatie en extremisme en uiteindelijk terrorisme. Oorlogen zijn zo begonnen, dat is niet moeilijk. De kunst is om ze te beëindigen. Onderling geweld te pacificeren en geschillen te beslechten. Dat is de essentie van politiek; omgaan met de verschillen.
Politiek is belachelijk en vaak lachwekkend, maar iets beters hebben we nog niet gevonden om met verschil van opvatting om te gaan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.