*

 

Hokken doe je in het weekend

Monic Slingerland − 05/02/03, 00:00

Ouderen kiezen steeds vaker voor een lat-relatie, wanneer ze voor de tweede keer een levenspartner vinden. Veertig procent van de 55-plussers gaat opnieuw trouwen, de rest woont ongehuwd samen of heeft een weekendrelatie.

De weekendrelatie is populair onder ouderen die na een scheiding of sterfgeval opnieuw een levensgezel vinden. Bij haar langlopende onderzoek naar de levensloop van 4500 55-plussers merkte sociologe Jenny Gierveld dat deze leeftijdsgroep lang niet altijd voor een traditioneel huwelijk kiest, wanneer ze voor de tweede keer een verbintenis aangaat. Een op de drie ouderen kiest voor een lat-relatie, iets meer dan een kwart gaat ongehuwd samenwonen. Uiteindelijk is het een minderheid die weer trouwt: twee op de vijf.

,,Een ouder koppel vertelde me tijdens een van de recente gesprekken die ik heb gevoerd, hoe de week wordt doorgebracht. Het weekend is heel belangrijk. Door de week gaan beide partners hun eigen gang, ieder in zijn huis. Op zaterdagochtend, zo tegen elf uur, komen ze weer bij elkaar. Vlak voor de lunch drinken ze samen een glas rode wijn, om het weekend feestelijk in te luiden, en daarna eten ze een pizza.

's Middags gaan ze samen naar het strand voor een wandeling. Dat glas wijn laat zien hoe belangrijk het voor hen is om het weekend samen door te brengen.''

Gierveld wilde weten waarom ouderen niet altijd hertrouwen wanneer ze opnieuw iemand zijn tegengekomen met wie ze het leven willen delen. ,,Een vrouw, een weduwe van 75, zei dat haar nieuwe vriend nogal traditioneel is. Hij is ook weduwnaar en een jaar ouder dan zij. Zij gaat ervan uit dat hij niet meer zal veranderen. Op die leeftijd zijn mensen gevormd, zo zei ze dat. Zij vindt het moeilijk om de hele week met hem onder één dak te leven. Ze heeft geen zin om van hem te horen waarom ze anderhalf uur is weggebleven om alleen een kilo aardappelen te kopen. Als zij een vriendin tegenkomt bij het boodschappen doen wil ze uitgebreid met haar kunnen kletsen.''

Al sinds 1990 beantwoorden 4500 Nederlanders tussen de 55 en 89 jaar voor het zogeheten Nestor-onderzoek vragen over hun levensloop. Ter aanvulling hierop spreekt Gierveld enkele tientallen van hen persoonlijk. Bij het vergelijken van recente gegevens met oudere, viel het haar op dat een aantal alleenstaanden van destijds nu met iemand samenleeft. Ze gaven op dat ze niet opnieuw getrouwd zijn, maar in het eigen huis zijn blijven wonen. Sommigen zijn de weekends bij elkaar, anderen eten iedere dag samen, andere koppels slapen en eten dan weer bij de een thuis, dan weer bij de ander. Vooral de laatste tijd kiezen ouderen bij een tweede liefde voor een living apart together.

Dat betekent dat er minder alleenstaande ouderen zijn dan uit de officiële statistieken blijkt. Het CBS registreert alleen levensverbintenissen die officieel vastgelegd worden, zoals huwelijken. Geen lat-relaties of contacten waarbij iedere dag samen gegeten wordt.

Jenny Gierveld is verbonden aan het Nias, het in Wassenaar gevestigde onderzoeksinstituut voor sociale wetenschappen. Zij coördineert hier het onderzoek naar de levensloop van ouderen. Acht sociale wetenschappers doen hieraan mee. Haar eigen onderzoek gaat over partnerrelaties van ouderen. Gierveld was tot voor kort directeur van het Nederlands interdisciplinair demografisch instituut.

Ouderen zijn realistisch en gehecht aan hun onafhankelijkheid, merkte Jenny Gierveld tijdens het onderzoek. Ze gaan niet zo snel een nieuwe, vaste relatie aan. Dat geldt voor zowel mannen als vrouwen. Een op de drie oudere mannen die alleen zijn komen te staan hertrouwt. Bij vrouwen van boven de 50 is dat een op de twintig. In aantallen is het verschil niet zo groot als het lijkt, omdat er veel meer oudere vrouwen zijn dan oudere mannen. Wel is het zo dat vrouwen boven de 55 minder keus en minder kans hebben op een nieuwe liefde dan mannen. Toch komt Gierveld veel oudere weduwen en gescheiden dames tegen die echt en oprecht geen man meer hoeven. ,,Die hebben vriendinnen en zussen met wie ze busreisjes maken. Ze hebben hun vrijheid en die willen ze niet meer kwijt.''

Bij hun aarzelingen om een nieuwe verbintenis aan te gaan spelen bij 55-plussers ook materiële motieven een rol. Ouderen zijn bang dat een nieuw huwelijk het einde betekent van een alimentatie of gevolgen heeft voor hun pensioen. Ook hebben ze geen zin hun eigen woning op te geven, al was het maar omdat dat voor de kinderen het vertrouwde nest is.

Op een dag als dinsdag of donderdag gaat de zestigplusser graag zijn eigen gang. Maar op zaterdag en zondag is het anders. Die moeten toch wel het liefst samen doorgebracht worden. Samen op zaterdag schoenen kopen, op zondag samen koffie drinken. En dan maandag weer ieder zijns weegs. Dat het voor ouderen zo belangrijk is het weekend niet alleen te zijn, is opmerkelijk. Boven de zestig zou het verschil tussen het weekeinde en de doordeweekse dagen niet meer zo groot hoeven zijn. Maar zo werkt het niet. Gierveld: ,,Zo zie je: onbewust laten individuen zich leiden door patronen uit de samenleving.''

Je zou ook kunnen zeggen dat mensen het patroon dat ze gewend zijn gewoon voortzetten, ook als er geen reden meer voor is. Door het werk brengen de meeste stellen de doordeweekse dagen gescheiden door. Vrouwen die niet buitenshuis werken zijn gewend hun eigen tijd in te kunnen delen en kunnen inderdaad gezellige praatjes maken bij het boodschappen doen. Na de pensionering verandert dat en zitten de echtelieden elkaar dag in dag uit op de lip. Even wennen. Dan is het niet zo gek dat, als alles opnieuw begint bij een volgende relatie, er gekozen wordt voor het vertrouwde ritme: door de week ieder voor zich, in het weekend samen. Net als vroeger. Zo kan een lat-relatie wel een nieuwe vorm lijken, maar geeft die juist gelegenheid om het vertrouwde patroon voort te zetten.

Dat ouderen hier bewust voor kiezen merkte Gierveld toen ze voor haar onderzoek de contactadvertenties doornam van 55-plussers. Daarin werden Cupido's pijlen geregeld gericht op de weekendliefde.

mailIcon print |