*

 

Ook tuinen willen monument worden

Hans Schmit − 25/01/03, 00:00

Een rijksmonument behoeft niet uitsluitend van steen te zijn. Ook het groene erfgoed, mits oud genoeg en van voldoende cultuur-historische waarde, komt in aanmerking voor bescherming. Zoals buitenplaatsen, parken, erven, lanen, bomenrijen en tuinen.

Kunstschilder Jan van Ravenswaay kocht tussen 1831 en 1841 met vier vrienden grond aan in wat nu de Hilversumse wijk Boomberg is. Zij legden er een kruisvormig stelsel wandelpaden aan die werden beplant met eiken, beuken en linden.

Het eerste stadswandelpark van Hilversum werd in 1848 aan de gemeente verkocht onder de bij de notaris vastgelegde voorwaarde dat de publieke wandeling gegarandeerd zou blijven. Het gebied is nu bebouwd, maar het padenstelsel ligt er nog.

De lange Peerlkamplaan begint op de Kerkbrink, stijgt naar 23 meter hoogte en loopt door tot in het Corversbos, dat ooit behoorde tot het landgoed Gooilust en dat Natuurmonumenten in 1934 heeft geërfd van jonkvrouw Six. Het haaks op de Peerlkamplaan staande pad is in 1996 vernoemd naar Jan van Ravenswaay.

De lommerrijke laan biedt echter lang niet de uitstraling die hij behoort te hebben. De erfscheidingen van de aangrenzende woonhuizen moeten aan diverse voorwaarden voldoen, maar hier wordt al jaren de hand mee gelicht. Beheer en onderhoud schieten tekort en toen de gemeente vorig jaar een deel van de onverharde Peerlkamplaan wilde asfalteren om de toegankelijkheid voor de bewoners van een verzorgingstehuis te verbeteren, was voor de Vereniging Vrienden van het Gooi en de Vereniging Leefmilieu het Gooi, de Vechtstreken e.o. de maat vol.

In een brief aan de Rijksdienst voor de monumentenzorg vroegen zij de laan en het pad aan te wijzen als groen rijksmonument. Zij deden dat in navolging van de Stichting Tuinen Mien Ruys die vorig jaar augustus deze status voor enkele van de tuinen in Dedemsvaart had aangevraagd. Deze zomer valt de beslissing over de Verwilderingstuin uit 1924 en de Oude proeftuin uit 1927.

Ook de aanvraag voor de Peerlkamplaan is in behandeling genomen, waardoor de voorbescherming van kracht is geworden. Dat betekent dat de situatie wordt bevroren: er mogen geen veranderingen meer aan het mogelijk toekomstige rijksmonument worden aangebracht. Voor de Peerlkamplaan betekent dat dat: niet asfalteren.

Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig vond bij de Rijksdienst voor de monumentenzorg (RDMZ) een omslag plaats: de blik werd niet alleen op het rode -gebouwde- erfgoed gericht, maar ook op het groene, zegt Ben de Vries van de RDMZ. Zo zijn in de jaren tachtig de buitenplaatsen geïnventariseerd en van de 450 geselecteerde objecten zijn er al ruim 400 aangewezen als rijksmonument.

De Vries: ,,De criteria voor aanwijzing zijn bij groene monumenten deels gelijk aan die van de rode. Zo moet het monument vijftig jaar oud zijn en een cultuur-historische waarde hebben van nationaal niveau. De bescherming geldt niet de boom, maar de gedachte achter de aanleg. Zo kenmerken de tuinen van Mien Ruys zich door haar ontwerpprincipes. Op buitenplaatsen horen het gebouw en de omgeving bij elkaar, vullen cultuur en natuur elkaar aan en worden dan ook beiden beschermd.''

De verschijningsvormen van het groene erfgoed kunnen zeer divers zijn. De RDMZ kijkt nu naar tuinen: een inventariserend onderzoek naar villatuinen is onlangs afgerond, dat naar kloostertuinen loopt nog. De Vries: ,,Een groen monument kan een park zijn, een erf, een slotgracht, een lanenstructuur, een bomenrij. We onderzoeken nu ook of er criteria zijn voor het beschermen van het blauwe erfgoed: varende monumenten, maar water- en slotenstelsels bijvoorbeeld zouden ook voor bescherming in aanmerking kunnen komen.''

mailIcon print |