AMSTERDAM - Kennis over de problemen van armoede en de waarde van ontwikkelingshulp is bij de inwoners van 22 rijke landen maar zeer beperkt aanwezig. Desondanks is er in de laatste twintig jaar nauwelijks sprake van 'hulpmoeheid'.
Dat zijn de belangrijkste conclusies uit een gisteren gepubliceerd rapport van de Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling (Oeso). Volgens de onderzoekers zijn, vooral als reactie op natuurrampen en noodsituaties, de donaties aan ontwikkelingslanden door de bevolkingen in de 22 onderzochte rijke landen gestegen. Die gulheid gaat overigens niet gelijk op met de kennis over de ontwikkelingslanden. Die blijft tamelijk oppervlakkig, zo stellen de onderzoekers.
Ondanks het grote draagvlak voor ontwikkelingshulp -gemiddeld zegt 81,4 procent van de ondervraagden voor steun te zijn- zijn het afgelopen jaar de bijdragen van overheden gedaald. De 22 Oeso-landen gaven in 1992 nog 0,33 procent van het nationaal inkomen uit aan steun, in 2001 daalde dat percentage tot 0,22 procent. Aan die daling lijkt een einde te zijn gekomen nu veel Oeso-landen hebben gezegd de hulp te zullen opschroeven. Dat zou betekenen dat in 2006 22 miljard dollar extra voor steun beschikbaar komt.
Dat is nog altijd veel te weinig, want de Wereldbank heeft uitgerekend dat de huidige inspanning (50 miljard dollar per jaar) zeker verdubbeld moet worden, willen de Millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties worden gehaald. Een van die doelstellingen is de halvering van de armoede in de wereld in 2015. De rijke landen blijven onverminderd ver verwijderd van de in de Verenigde Naties afgesproken norm van 0,7 procent van het bruto binnenlands product. Nederland (met 0,8 procent) is een van de weinige landen die aan die norm voldoet.
De Ieren en de Nederlanders zijn de grootste aanhangers van steun. In Nederland ligt de steun op 90 procent van de bevolking, in Ierland zelfs 95 procent. Staatssecretaris Van Ardenne (CDA, ontwikkelingssamenwerking) memoreerde gisteren bij het in ontvangst nemen van het Oeso-rapport dat in Nederland 1,7 miljoen mensen op enigerlei wijze betrokken zijn bij ontwikkelingssamenwerking. Daarme was Van Ardenne nog niet tevreden. Zij wil dat ook meer allochtonen en migranten bij het vraagstuk worden betrokken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.