Joep Engels licht met enige regelmaat wetenschappelijk onderzoek nader uit. Is het zo simpel als het wordt voorgespiegeld? Maken onderzoekers hun conclusies wel waar?
'De verdwijntruc van Elsevier' kopte The Chronicle of Higher Education, een Amerikaans weekblad voor de universitaire gemeenschap, vorige week. Het blad had ontdekt dat Elsevier, 's werelds grootste uitgever van wetenschappelijke tijdschriften, een dertigtal artikelen uit zijn elektronische databank had laten verwijderen. Als je zocht op zo'n artikel, kreeg je bijvoorbeeld slechts de melding dat het om juridische redenen was weggehaald.
Grote verontwaardiging bij de journaliste: het ging weliswaar om slecht of afkeurenswaardig onderzoek, maar wetenschapshistorici zouden hier niet blij mee zijn. Nu zouden ze nooit meer zelf kunnen achterhalen waarom het artikel niet had gedeugd.
De woordvoerder van Elsevier zucht eens diep als hij over deze kwestie aan de tand wordt gevoeld. Hij had nog zo zijn best gedaan The Chronicle van goede informatie te voorzien, maar dat had niet mogen baten. Het was een probleem van de nieuwe elektronische tijdschriften, legt hij uit, waar het - deels Nederlandse - concern nog geen oplossing voor had.
Als een krant of tijdschrift een onjuistheid of belediging publiceert, kan een rechter tot rectificatie dwingen. Meer niet, het papier is immers geduldig, de abonnees blijven in het bezit van de gewraakte tekst. Maar met een online-tijdschrift ligt dat anders: één druk op de knop en het onjuiste of beledigende stuk is weg. Elsevier: ,,Op één artikel bijvoorbeeld lag de verdenking dat het plagiaat was. Daardoor dreigde de rechtmatige eigenaar van de tekst, de uitgever van het boek waar het uit zou zijn overgeschreven, naar de rechter te stappen en te eisen dat het uit onze databank zou worden verwijderd. Maar hoe zouden we dat moeten beargumenteren? Vanwege plagiaat? Dan zou je weer problemen kunnen krijgen met de schrijver van het artikel.'
Om deze netelige situatie vóór te blijven heeft Elsevier besloten het dertigtal artikelen uit de databank te halen. Voorlopig, dat wel: het concern beraadt zich op de mogelijkheden om de stukken toch beschikbaar te houden. Via een niet voor iedereen toegankelijke route bijvoorbeeld. Overigens, benadrukt de woordvoerder, is het allemaal nog via het archief van de Koninklijke Bi blio theek verkrijgbaar.
De journaliste van The Chronicle nam met deze uitleg geen genoegen. Waarom heeft El sevier geen kattebelletje aan die artikelen gehangen? Met de gedrukte versies ervan heeft men dat wel gedaan. Twee jaar nadat het plagiaat-artikel was verschenen, deelde het blad mee dat het stuk al eerder was gepubliceerd en dat deze versie werd teruggetrokken. En toen een ander verhaal, over de genetische oorsprong van de Palestijnen, veel politieke ophef veroorzaakte vanwege het gebruik van beladen begrippen als 'joodse kolonisten' en 'Palestijnse concentratiekampen', schreef Elsevier de abonnees een brief met het verzoek het artikel te negeren, of uit het blad te scheuren. De online-versie verdween gewoon van het net.
Het blijft inderdaad onduidelijk waarom Elsevier de elektronische artikelen niet van een waarschuwing heeft voorzien. Het is een nieuw medium waarvan nog niet duidelijk is hoe we er precies mee om moeten gaan, zegt de woordvoerder.
Afgelopen september verscheen een rapport waarin de geruchtmakende fraude van de fysicus Jan Hendrik Schön bewezen werd geacht. Schön had in een paar jaar tijd tientallen opzienbarende publicaties op zijn naam gebracht en leek hard op weg naar een Nobelprijs. Maar het rapport bracht aan het licht dat hij zijn meetgegevens had verzonnen en de fysicus werd gedwongen tal van artikelen terug te trekken. Alle betreffende vakbladen, zoals Nature, Science en Physical Review Letters, maakten daar melding van. Ook in hun elektronische databanken staat nu bij elk gewraakt artikel van Schön dat het is teruggetrokken, en is er veelal een link naar het rapport.
Maar, luidt het verweer van Elsevier, fraude heeft veel minder juridische repercussies dan plagiaat of bijvoorbeeld een ondeugdelijk medisch artikel waarin een gevaarlijke therapie wordt aanbevolen. Het zij zo, al blijft het wringen dat artikelen zomaar kunnen verdwijnen.
De woordvoerder heeft gelijk dat het nieuwe medium, van de elektronische tijdschriften, de uitgevers voor nieuwe problemen stelt. Het laatste artikel van genoemde Schön in Science bijvoorbeeld verscheen op 18 april 2002, in een online versie. Dat doen de vakbladen wel vaker, om hun verslaggeving wat actueler te maken. Het is dan de bedoeling dat het artikel enkele weken of maanden later alsnog in druk verschijnt.
Maar dat is met het artikel van Schön nooit gebeurd. Kort na de online-publicatie kwam het fraudeballetje aan het rollen. Science hield de schriftelijke publicatie tegen, vanwege het risico dat het die later weer zou moeten terugtrekken. Maar d t onderzoek is niet in het vonnis terechtgekomen. Waardoor de online-versie nog steeds, zonder kattebelletje, te lezen is. Maar de gedrukte niet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.