*

 

Weer een waardeloos beursjaar

door Gijs Moes − 02/01/03, 00:00

AMSTERDAM - Alleen volgens de belastingdienst viel er in 2002 nog wat te verdienen met aandelen. Sinds de invoering van het nieuwe belastingplan wordt iedereen geacht vier procent rendement te behalen.

Toen dat werd bedacht, leek het, na jaren van forse beursstijgingen, een redelijk tot laag percentage. Maar het afgelopen jaar liet een heel ander beeld zien: de belangrijkste graadmeter van de Amsterdamse beurs, de AEX, verloor ruim 36 procent. Het verlies van de AMX, voor middelgrote bedrijven, was vrijwel gelijk. Het was het derde achtereenvolgende jaar dat de Amsterdamse beurs negatief sloot. Dat is sinds de invoering van de AEX, twintig jaar geleden, nog niet gebeurd. Alleen in 1986 en '87 scoorde de index twee verliesjaren op rij.

Ook de andere Europese beurzen deden het in 2002 slecht. De Londense FTSE-index verloor een kwart van haar waarde, de Parijse CAC-40 bijna 35 procent en de Dax in Frankfurt zelfs 45 procent. Ook de Dow Jones, de belangrijkste index in New York, sloot een derde achtereenvolgende jaar negatief af. Dat is niet meer gebeurd sinds het begin van de Tweede Wereldoorlog. In totaal is er in New York dit jaar voor 2,9 biljoen dollar aan beurswaarde in rook opgegaan, ongeveer even veel als de dertig bedrijven in de Dow Jones samen nu nog waard zijn. Im Amsterdam verloren alle beursfondsen tezamen ruim 200 miljard euro aan waarde: van 560 naar 355 miljard euro ana waarde nu.

De verwachtingen voor de Amsterdamse beurs waren een jaar geleden nog voorzichtig positief. Na een verlies van ongeveer zes procent in 2000 en ruim twintig procent in 2001 zou het herstel nu echt komen. Maar na wat gekwakkel in het voorjaar zette de daling vanaf half mei fors door. Een 'eindejaarsrally' zat er al helemaal niet in.

De index is inmiddels teruggezakt naar 3221,73 punten, het niveau van februari 1997. Sinds de top van 700 punten, in augustus 2000, is de waarde van een modaal mandje aandelen op de Amsterdamse beurs dus meer dan gehalveerd. Het kan nog erger: wie destijds, opgezweept door alle positieve verhalen, in telecom- en technologie-aandelen investeerde, is zijn geld nu bijna helemaal kwijt.

En wie slim dacht te zijn door helemaal niet in aandelen te beleggen, bouwt waarschijnlijk wel een pensioen op. Veel pensioenfondsen zijn in nood gekomen en moeten nu premies verhogen.

Achteraf blijken we in de jaren negentig een gigantische zeepbel geblazen te hebben. Bedrijven die nog geen winsten konden tonen, en soms amper omzet, waren op de beurs soms miljarden waard. Nu is daar bijna niets van over, als ze nog bestaan.

De beursmalaise bleef niet tot één sector beperkt. Beleggers die, na twee verloren jaren, dachten wijs te zijn en in 2002 dus investeerden in oude, degelijke fondsen, raakten toch weer geld kwijt. Ex-beurslieveling Ahold was met een daling van 64 procent een groteverliezer. Ook de financiële sector deed het slecht. De boekhoudschandalen in de VS ondermijnden het vertrouwen in de cijfers, de malaise in de economie vergrootte de angst voor slechte leningen en de dalende beurskoersen zelf tastten het vermogen van vooral verzekeraars aan: Aegon zakte zestig procent.

Er waren, zeker, ook stijgers. DSM 3 procent, KPN 9, en die was zo de grote winnaar. Ter relativering: het KPN-aandeel is met een koers van ruim zes euro nu weer bijna een tiende waard van de 65 euro in maart 2000.

mailIcon print |