AMSTERDAM - Jan Timman wil uitblinken in Wijk aan Zee. De 51-jarige grootmeester staat in zijn negentiende Corus-schaaktoernooi op een kruispunt in zijn loopbaan. Bij een goede prestatie maakt hij de twintig zeker vol, bij een desastreus verloop is zijn actieve carrière zo goed als voorbij.
,,Wijk aan Zee is een uitdaging voor mij,'' zegt Timman aan de vooravond van het voormalige Hoogovenstoernooi. ,,Ik speel niet vaak meer in de grote toernooien en mis het contact met de topschakers. In Wijk aan Zee kan ik me meten met de wereldtop. Ik ga er met de ambitie naar toe me te handhaven in de top. Daar is me veel aan gelegen, al is het een heel zwaar toernooi.''
Timman is bang dat hij moeite zal hebben zich langdurig te concentreren. ,,De concentratie gaat achteruit,'' geeft hij toe. ,,De alertheid ook. Om krachten te sparen zal ik af en toe moeten aansturen op korte remises. Die ontwikkeling is er door mijn leeftijd ingeslopen. Ik ben niet piepjong meer, maar ik weiger uitgebluste partijen te spelen.''
Het evenement is een grandslam in het klassieke schaak. Als Linares het Wimbledon in het schaken is, is Wijk aan Zee het Roland Garros. Dertien dagen van zeven uur topschaak. ,,Schaken kan intens wreed zijn,'' zegt Timman uit ervaring. ,,Eén verkeerde zet en je bent er geweest.'' Timman stond vroeger garant voor spektakel. Zijn verrichtingen werden in Nederland koortsachtig gevolgd. Maar door gebrek aan sterke zenuwen en gemis aan killersinstinct werd hij nooit de eerste Nederlandse wereldkampioen ná Max Euwe.
Vorig jaar kwam de oude Timman in Wijk aan Zee even bovendrijven. De overwinning op Van Wely riep herinneringen op aan de gedreven schaker die het toernooi twee keer (in 1981 en 1985) won. ,,Dat was de Timman uit de jaren tachtig,'' jubelde de Rus Sjipov, de hoofdcommentator van de website KasparovChess. ''Twintig jaar later is Timman nog een steeds een musketier.''
In dat geval is hij wel een musketier van een uitstervend schaakras. ,,Schaken,'' oordeelt hij, ,,is minder leuk. De stijl is harder, fanatieker, professioneler. Er wordt keihard gewerkt, maar het spel is er niet op vooruitgegaan. Spelers vertrouwen blindelings op de computer. Er is minder ruimte voor eigen creativiteit op het bord.''
Profschaker zou hij nooit weer worden. ,,Vroeger waren schakers bohémiens. Kleurrijke figuren, bon-vivants die tot de verbeelding spraken. Die zijn er nauwelijks meer. De schaker van tegenwoordig is een nette jongen met een stropdas om die twee keer per week naar een sportschool gaat. De doorsnee afspiegeling van de maatschappij.''
Over de dagen na zijn actieve loopbaan denkt Timman nog niet vaak na. De afgelopen jaren liet hij zich eens ontvallen dat hij nu gelukkiger was dan in de dagen dat hij in een WK-cyclus speelde. ,,Ik voel me vrijer.''
Wel zou Timman meer tijd willen besteden aan het coachen van talentvolle jeugdspelers. ,,Van Daniel Stellwagen bijvoorbeeld,'' zegt hij. De vijftienjarige speler uit Soest werd dit jaar de jongste nationale jeugdkampioen na Timman. ,,In het verleden heb ik met Van den Doel en De Vreugt gewerkt voordat ze grootmeester werden. Dat is beide partijen goed bevallen.''
Overleg met de bond leverde nog geen resultaat op. ,,De bond zou het Franse model moeten overnemen. Daar hebben spelers als Bacrot en Lautier vier jaar bondstraining genoten van topspelers. Dat zou in Nederland ook moeten. De jongeren hebben talent, maar ze blijven op een bepaald niveau steken.''
Timman ambieert een functie als jeugdcoach. ,,Maar er blijkt geen samenwerking met de bond mogelijk.'' Geen schaker is zo vaak afgeschreven als Jan Timman. ,,Het raakt me elke keer weer, al krijg ik langzamerhand wel een olifantenhuid. Laten we maar eens kijken hoe het toernooi loopt. Als het helemaal niks wordt, kijk ik wel verder. Maar gek genoeg speel ik altijd weer goed als ik denk dat het allemaal niets meer uitmaakt.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.