*

 

Machtige oligarchen blijven ook onder Poetin machtig

Wendelmoet Boersema − 20/01/03, 00:00

President Poetin maakte de versterking van de centrale macht één van de thema's van zijn presidentschap. Vanaf het begin bond hij de strijd aan met de machtige oligarchen. Maar een groot deel van de invloedrijkste 'politici' in het land is nog steeds niet democratisch verkozen.

MOSKOU - Wie heeft de meeste politieke macht in Rusland? Die vraag is aan het begin van het jaar altijd goed voor ranglijsten in de media, zoals het dagblad Nezavisimaja Gazeta en het tijdschrift Kommersant. Experts en opiniepeilers riepen over 2002 president Vladimir Poetin opnieuw uit tot machtigste man van Rusland. Uit deze lijstjes en de commentaren van deskundigen zijn enkele belangrijke conclusies te trekken.

De eerste is dat Poetin een stevig fundament heeft gelegd voor zijn herverkiezing over een jaar. De tweede is dat onder Poetin de economisch-politieke macht nog steeds stevig in handen is van de oligarchen, ondanks zijn verkiezingsbelofte dat 'de oligarchen als klasse zouden ophouden te bestaan'.

Het jaar 2002 was het jaar van de 'Pietertsi', zoals in het Russisch de personen heten die in het kielzog van Poetin uit de Petersburgse machtskringen opkwamen. In de bovenste regionen handhaafden zich bijvoorbeeld de ministers Gref (economie) en Ivanov (defensie). Voorbeelden van nieuwkomers zijn de voorzitter van de Federatieraad (Russische Eerste Kamer) Sergej Mironov en Mezprombank-topman Sergej Poegatsjov, die beiden met stip de top-twintig binnenstoomden.

Ook op verschillende 'vice'- posten in de machtsstructuren, zoals bij defensie, de FSB en de presidentiële administratie zijn de Petersburgers inmiddels stevig genesteld. Nezavisimaja Gazeta trekt daarom de conclusie dat in 2002 de aanhangers van de oude Jeltsin-clan het definitief aflegden tegen de nieuwe generatie uit St. Petersburg. De belangrijkste uitzondering hierop is premier Kasjanov, die onder de vleugels van Jeltsin opklom en dankzij de economische groei in Rusland stevig in het zadel zit.

Opvallend is verder dat de regio-bestuurders er bekaaid afkomen. Slechts acht van de 89 Russische gouverneurs staan bij Nezavismaja Gazeta in de top-100- een teken dat Poetins politiek om de macht van het centrum te versterken, succes heeft gehad. Maar of dat ook goed is geweest voor de democratie, is de vraag. Een kandidaat-gouverneur heeft zonder de openlijke steun van het Kremlin nauwelijks een kans, zo bleek tijdens vele regionale verkiezingen afgelopen jaar.

Een slecht signaal is bovendien dat parlementariërs zelden tot de invloedrijkste politici behoren. Alleen enkele partijleiders, zoals de communist Gennadi Zjoeganov en de liberaal Boris Nemtsov, figureren in de lagere regionen.

Aanzienlijk meer invloed is weggelegd voor personen die hun macht niet aan populariteit onder kiezers danken: de oligarchen. Onderzoek wees uit dat in 2002 slechts acht oligarchen-clans ongeveer 85 procent van de grote bedrijven controleren. De inkomsten van de twaalf grootste concerns evenaren de inkomsten van de schatkist. Dat rechtvaardigt de conclusie dat de door Poetin beloofde strijd tegen oligarchen mislukt is.

Poetins in de media breed uitgemeten strijd tegen Boris Berezovski en Vladimir Goesinski, oligarchen uit het Jeltsin-tijdperk, heeft slechts de indruk gewekt van het tegendeel. In feite heeft Poetin de oligarchen als klasse een legitieme plaats gegeven.

In ruil voor terughoudendheid in de politieke arena, mogen de oligarchen in zaken hun gang gaan, zei onlangs de voorzitter van de Unie van Industrialisten en Ondernemers, de 'lobbyclub van oligarchen'. De oligarchen zijn bovendien 'netter' geworden. Maar dat ze nog steeds veel macht hebben, bewees onlangs Sibneft-topman en oligarch Roman Abramovitsj. Hij verkreeg op een openbare veiling zonder noemenswaardige concurrentie het staatsolieconcern Slavneft, dankzij het uitoefenen van politieke druk op voorhand.

Abramovitsj is bovendien een van de tycoons die hun zaken combineren met een politieke functie: hij is gouverneur van Tsjoechotka, wat in Rusland nog steeds weinig ophef veroorzaakt. Ook de politieke machtspositie van Tsjoebais, de man die de komende miljardenprivatisatie van energiemonopolist UES overziet, is in dit licht verklaarbaar.

Tot slot getuigt de top-tiennotering van de Patriarch van Rusland AleksijII van de groeiende rol van de Russisch-Orthodoxe kerk in het openbare leven. De orthodoxe lobby wist het godsdienstonderwijs op scholen door het parlement te krijgen en ze verstevigde haar positie tegenover ander religies aanzienlijk. Daar kunnen de vorig jaar uitgezette katholieke bischoppen en priesters van getuigen.

mailIcon print |