Schooldirecteuren zijn niet erg te spreken over de vakkennis en het 'maatschappelijk benul' van de leerkrachten die zij de afgelopen vijf jaar aannamen. Zijn er niet alleen steeds minder leraren, maar ook steeds minder goede meesters en juffen?
AMSTERDAM - 'Niet echt lekker' noemt Frans van Rooij van de CNV onderwijsbond de uitkomst van een enquête door de Algemene Vereniging van Schoolleiders (AVS) en Trouw. ,,Jongere leraren leren natuurlijk nog bij gedurende hun carrière, maar het is toch niet best wanneer schooldirecteuren dit over hun eigen personeel zeggen.''
De 1500 ondervraagde directeuren van basisscholen gaven rapportcijfers aan eigenschappen van leraren die zij het meest waarderen. Vakkennis krijgt een 8,7, maar leerkrachten die minder dan vijf jaar op een school werken voldoen bij lange na niet aan dit ideaal: zij scoren een 6,6, hun oudere collega's een 7,6. Op het onderdeel 'kennis van maatschappelijke ontwikkelingen' krijgen de jongeren een 6,4, de ouderen een 7,1.
De begeleiding van de nieuwe generatie moet beter, denkt Van Rooij. En de pabo's zullen meer eisen moeten stellen. ,,Dat is lastig met het lerarentekort, maar toch zal dat moeten. Op den duur is dat goed voor het aanzien van het onderwijs, en daarmee ook voor de aantrekkelijkheid van het beroep.'' Wat hem betreft krijgen meer studenten dan nu het geval is te horen dat ze niet geschikt zijn als onderwijzer.
Rien van Domburgh, pabodocent en bestuurslid van de Vereniging van lerarenopleiders ligt niet wakker van het onderzoek. ,,Als je dit vijf jaar geleden had gedaan, had je dezelfde uitkomst gekregen: je leert nu eenmaal enorm veel bij in de praktijk.''
Van Domburgh had het wel erg gevonden als jonge leerkrachten niet in staat zouden zijn om te zorgen voor 'een veilig klimaat' in de klas. ,,Want uiteindelijk is het pedagogisch begeleiden van kinderen, leren hoe je met elkaar omgaat, belangrijker dan kennisoverdracht. Een veilige omgeving is bovendien een onmisbare voorwaarde om te leren en daar leggen we in de opleiding heel veel nadruk op.''
Sommige directeuren die hij spreekt klagen inderdaad over de reken- en spelvaardigheid en de algemene ontwikkeling van nieuwkomers, geeft hij toe. ,,Maar anderen zijn juist weer heel enthousiast hoe zo'n nieuweling een gesprek over normen en waarden leidt in de klas.''
Het onderwijs kán door het lerarentekort ook helemaal niet verlangen dat iedereen die voor de klas staat foutloos Nederlands schrijft, meent Van Domburgh. ,,Zo erg is dat niet: de huidige generatie leraren bestaat veel meer dan vroeger uit teamspelers. Wat de een niet goed kan, wordt gedaan door een ander.''
Marten Kircz, hoofdbestuurder van de Algemene Onderwijsbond is minder optimistisch. ,,Een leraar is toch geen activiteitenbegeleider? Dat kinderen leren goed met elkaar om te gaan is heel mooi, maar het moet geen bezigheidstherapie worden.'' Dat risico dreigt volgens Kircz wanneer leerkrachten niet over een 'heel stevig pakket aan kennis' beschikken. ,,Als ze de stof niet goed beheersen, raken ze onzeker en dan ontstaat er onrust in de klas. Zonder kennis van zaken begin je niets in het onderwijs.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.