Toen de schrijfster Sevtap Baycili werd uitgenodigd een donderpreek te houden voor het Haagse festival Winternachten, was ze stomverbaasd: 'Weten jullie niet dat een niet te emanciperen, onderdanige Turkse vrouw de minst geschikte persoon is om een donderpreek te houden? We worden gehoorzaam geboren en gehoorzamen een leven lang. Dat is een aangeboren afwijking. Een cultuurgenetische Turkse productiefout.' Maar ze preekt toch. Tegen 'dat duistere leerstuk uit jullie debatcultuur' dat de dood ziet als 'een goed toekomstplan, zelfmoord als een redelijke optie'.
Toen ik gevraagd werd om hier een donderpreek te houden, dacht ik dat het een grap was. Ik dacht: Wat heb ik te preken? Wat heb ik aan de Nederlanders te vertellen? Moet ik soms op een boze, klagende toon vertellen wat er allemaal wel niet mis is met de mensen in dit o zo schattige liberale democratische land? Hoe de mensen hier denken en leven? Wie ben ik eigenlijk? Een Turkse vrouw, geboren en getogen in een schrikwekkend land als Turkije, en sinds een paar jaar ook nog een allochtoon, omdat ik een paar jaar geleden officieel burger van Nederland ben geworden. Ik mag hier helemaal niks te klagen hebben. Ik kan toch niks hebben om over te preken?
Jullie hebben het prachtig geregeld hier. Alles is in orde. Tenminste dat is mijn mening, de mening van een Turkse vrouw. Het gaat toch prima met jullie? En het ging nog veel beter met jullie voordat wij hier naartoe gekomen zijn. Misschien vinden velen van jullie daarom dat ik niks te zeggen mag hebben over de waarden en normen van deze samenleving. Maar daar gaat een donderpreek toch juist over?
Van mij wordt verwacht dat ik me aan de waarden en normen aanpas. Niet dat ik mijn mond opendoe wanneer ik iets te zeggen heb dat fundamenteel botst met de waarden en normen die de basis van jullie cultuur vormen. Ook wanneer de waarden die jullie hooghouden wel duidelijk botsen met de normen die hier het leven vormgeven.
Is het alleen maar toeval dat ik deze uitnodiging kreeg, slechts een paar dagen nadat Paul Scheffer officieel in de krant verkondigde dat dit land in een identiteitscrisis verkeert? Is het inderdaad zo dat de tijd gekomen is dat er hier echt iets gaat veranderen? Is het echt waar dat jullie niet meer weten wat jullie willen? Ik kan wel zien dat er hier iets niet klopt. Waarom zouden jullie anders een Turkse vrouw, een moslim, willen uitnodigen voor een donderpreek?
Hebben jullie de afgelopen drie jaar geen kranten gelezen, geen tv gekeken en niet naar de geleerden geluisterd? Hebben jullie nooit van Ayaan Hirsi Ali gehoord die het allemaal zo duidelijk bespreekbaar heeft gemaakt?
Ik ben een Turkse vrouw. En vandaag sta ik hier als het bewijs dat jullie de cultuur van jullie medemensen niet eens een beetje kennen. Weten jullie niet dat een niet te emanciperen, onderdanige Turkse vrouw de minst geschikte persoon is om boos te worden en boos een donderpreek te houden? Wat verwachten jullie eigenlijk van mij? Dat ik me ineens integreer en ineens ophoud met te zijn wat ik eigenlijk ben? Een donderpreek houden zit niet in de aard van een Turkse vrouw. Wij Turkse vrouwen worden als moslims geboren en alleen god is met ons. We worden niet boos geboren, zoals de geëmancipeerde Nederlandse vrouwen. We kunnen het ook niet aanleren om boos te worden of kritisch te zijn, omdat god altijd met ons blijft. We worden gehoorzaam geboren en gehoorzamen een leven lang. Dat is een aangeboren afwijking. Een cultuurgenetische Turkse productiefout. Wat we thuis leren, en later op de islamitische school, is hoe precies te gehoorzamen, en aan wie. We doen simpelweg wat de man ons beveelt. Hebben jullie soms Ayaan Hirsi Ali niet aandachtig genoeg beluisterd? Wij Turkse vrouwen kennen maar één enkele vorm van bestaan. Een opgesloten, neergeslagen, kinderbarend bestaan. Onderdrukt. Ook wanneer we hoogopgeleid zijn, dan zijn we nog niet in staat om onze rechten op te eisen zoals Ayaan dat wel deed. Omdat we simpelweg de genen niet hebben die ons zouden moeten helpen om een recht van een plicht te onderscheiden.
Ook wanneer we geen man hebben, kunnen we die cultuur niet loslaten. Kijk naar mij. Kijk goed. Zien jullie niet de ellende die ik elke dag meemaak? Is het niet te zien in mijn ogen? Verdriet. Zien jullie niet dat ik een zielige Turkse vrouw ben, die haar door moslimmannen platgetrapte ego op haar rug draagt, in plaats van een groot schitterend zelfbewust Nederlands superego op haar hoofd? Ik ben een vrouw met een groepsmentaliteit, hebben jullie dat niet in de kranten gelezen de afgelopen tijd? De islamitische groepsmentaliteit die Ayaan Hirsi Ali zo mooi bespreekbaar heeft gemaakt? Ik lééf onder die omstandigheden. Dat is het enige leven dat ik ken. Ik ben inderdaad niet te emanciperen. Ik ben een met niemand te integreren Turkse vrouw: niet besneden, maar nog steeds geen genieter. Vanwege mijn cultuurgenetische identiteit ben ik tegenwoordig ook een vrouw die, wegens het ontbreken van een man in haar pathetisch kleine leven, zich zelfstandig moet onderdrukken. Een vrouw die zichzelf succesvol thuis opsluit, en zich zo nodig ook slaat, een vrouw die zich gedwongen voelt om zich correct uit te huwelijken. Ik besef langzamerhand wel dat ik slechts een achterlijke moslim ben, voor wie de vraag helemaal niet relevant moet zijn. O god, gelooft u nog in mij of sta ik 5 keer per dag voor lul tegenover Allah.
Hoe ernstig moet de verwarring wel niet zijn waarin degenen verkeren, die na al die publiciteit, een Turkse vrouw uitnodigen voor een donderpreek? Hoe ernstig en allesomvattend is het zelfbedrog in dit land tegenwoordig?
Zelfs het houden van een brave lauwe preek gaat mij niet gemakkelijk af. Moslimvrouwen mogen niet naar de moskee voor het vrijdaggebed. Dat is het gebed waarna die imams een preek houden. Een preek is in de islam niet voor vrouwen bedoeld. Moslimvrouwen weten daarom niet eens wat een preek is. Er hoeft niet eens tegen ons gepreekt te worden in onze cultuur. We weten wat we moeten doen en laten en dat doen we dan ook. Gehoorzamen dus.
Ik heb slechts drie keer in mijn leven een preek te horen gekregen. Vermoedelijk, want ik weet dat niet zeker. Drie maal door drie verschillende mannen. Een taxichauffeur in Amsterdam, die zei dat de afstand die ik met de taxi wilde afleggen, geen taxi-afstand was maar een loopafstand. Een preek over taxiklanten-ethiek.
Een andere man, met wie ik een one night stand wilde, preekte tegen me over de one night stand-ethiek. 'Je kunt niet van tevoren bepalen dat het een one night stand is,' zei hij. Ik zei: 'Sorry, ik wilde alleen eerlijk zijn'. Hij zei: 'Je kunt toch niet nu al weten dat het een one night stand wordt'. Ik zei: 'Jawel'. En daarom kreeg ik die avond een preek in plaats van seks. Ik ging, geestelijk verpletterd, vroeg naar huis, helemaal overtuigd van het feit dat ik wegens mijn cultuurgenetische identiteit lichamelijk ongecorrumpeerd zal blijven voor de rest van mijn leven in dit land.
En terwijl ik rustig mijn mintthee dronk, probeerde ik positief over mijn deugden te denken en over mijn eer die ik waarschijnlijk nooit kwijt zal raken. Want ik mag wel neuken van mijn geloof wanneer het echt moet. Maar ik mag niemand misleiden, geen leugens vertellen, niet zinloos kletsen. En dat is nu juist het onvermijdelijke vervelende werk dat in deze cultuur vooraf moet gaan aan de corrumpering van je lichaam.
Maar mijn allereerste preek kreeg ik van mijn vader. Ik weet niet meer wat de aanleiding ervoor was, maar ik weet nog steeds waarover die preek ging. Mijn vader zei dat er een cruciale grens is aan de dingen die iemand allemaal kan doen in zijn leven. Een vrije denker, een filosoof, een wetenschapper en een leergierig en onschuldig kind zoals jij, moeten die grens heel precies weten. 'Een leergierig kind of iemand met een nieuwsgierige vrije geest moet zich helemaal los kunnen laten in de wereld om zo steeds meer te leren. Maar die kenbare wereld, waarin voor ieder mens altijd veel te ontdekken en te leren valt, heeft grenzen. Sommige dingen kun je niet uitproberen en zijn daarom ook niet te perfectioneren. Het zijn zaken die op geen enkele wijze herhaald, teruggedraaid of gecorrigeerd kunnen worden. En die je daarom niet kunt leren.'
Ik moest van mijn vader zelf een voorbeeld bedenken. Na de tien minuten denktijd die ik van hem kreeg, had ik nog steeds geen voorbeeld gevonden. Alles leek me toen te perfectioneren, te corrigeren, te herhalen en te leren. Alles leek me vatbaar voor experimenten.
Mijn vader zei: 'Je kunt niet experimenteren met de dood, en met niets wat jouw leven of het leven van een ander in gevaar brengt. Je kunt bijvoorbeeld niet op het dak klimmen en er dan afspringen, alleen om er achter te komen of je inderdaad dood zou gaan als je van het dak springt. Je kunt niet iemand doden om er achter te komen wat er kan gebeuren als je iemand doodt. Zelfmoord en moord zijn zaken die geen onderwerp en geen bezigheid kunnen worden voor iemand met een vrije geest, een denker, een wetenschapper, of voor een onschuldig kind, een nieuwsgierig, leergierig, vrijdenkend mens.'
Ik dacht eerst dat mijn donderpreek hierover moest gaan. Omdat ik denk dat jullie wel een donderpreek nodig hebben over deze kwestie. Velen van jullie denken dat de doodstraf terug moet komen, zonder eraan te denken dat de dood geen straf is. Dat is een kwestie waarover zelfs iemand uit Turkije, waar de doodstraf sinds kort niet meer bestaat, een preek kan houden.
Jullie beginnen de dood langzaam als een normaal en neutraal deel van het leven te zien. De dood als een goed toekomstplan. Zelfmoord als een redelijke optie. De dood als straf. De dood als oplossing. Maar ik denk dat tenminste jullie kinderen beschermd moeten worden tegen dat duistere leerstuk uit jullie debatcultuur.
Alleen omdat de volwassenen progressief willen leven en doodgaan, moeten de kinderen met gedachten rondlopen die oorspronkelijk alleen de gedachten van oude eenzame zieke mannen zijn. Jullie kinderen zijn misschien de saaiste kinderen in de hele wereld. Papegaaien in een klein menselijk lichaam. Het enige wat ze kunnen is het zelfverzekerd herhalen van de ingewikkelde argumenten die ze thuis of op school hebben aangeleerd. Ingewikkelde redeneringen die jullie bedenken over de dood, over de doodstraf, over moord en zelfmoord. Maar ik vind dat je deze duistere kant van het progressieve leven en denken niet zomaar aan kinderen kunt presenteren. Omdat een kind van nature al radicaal denkt en progressief leeft.
Jullie leren ze jullie eigen gedachten over jullie eigen problemen en daarom zou het me niet verbazen als in de toekomst steeds meer jongeren, zelfs kinderen, zelfmoord zullen plegen. Van de tv en van hun ouders leren ze al op zeer jonge leeftijd dat het heel normaal is om onder bepaalde omstandigheden met het leven op te willen houden. Wanneer het leven te zwaar wordt en wanneer je niks meer kunt bedenken om naar te verlangen, wanneer je niet in staat bent om voor jezelf te zorgen en wanneer er niemand meer lijkt te zijn die je helpt, zodat je weer verder kunt kijken dan je eigen leven en verder dan je eigen verdriet. Weet niemand dat juist een kind zich vaak zo voelt en zo denkt? En is het niet gevaarlijk om hun te leren dat het leven in theorie verrukkelijk is, maar dat in de praktijk dood, zelfmoord of moord in sommige gevallen de oplossing kunnen zijn? Dat mag een kind van mij niet weten. Maar over zoiets essentieels durf ik eigenlijk niet tegen jullie te preken. Want ik ben maar een Turkse vrouw. Ik moet eerst maar eens Nederlands leren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.