Vanuit een bepaald perspectief hebben de somberaars gelijk die de kiezer honen vanwege zijn kennelijk onbedwingbare neiging om zich mee te laten deinen op de golven van de waan van de dag. In amper veertien dagen tijd is het politieke landschap nagenoeg onherkenbaar veranderd en dat alles lijkt alleen maar toegeschreven te kunnen worden aan kiezers die zich als 'stuifzand' gedragen, zoals de Volkskrant-columnist Kees Schuyt woensdag vaststelde: ,,Ze waaien met het geringste zuchtje wind alle kanten op''.
En eenmaal op dit spoor is de verleiding groot om met de dichter van het bijbelboek Prediker een klaagzang aan te heffen over de leegheid van de menselijke soort. IJdelheid der ijdelheden, het is al ijdelheid en het najagen van wind. De mensen zeggen wel dat ze veiligheid, solidariteit, soliditeit en integratie belangrijk vinden. Maar als het erop aankomt kiezen ze voor de toevallige uitstraling van de persoon. Is die prettig, zoals in het geval van Wouter Bos, dan krijgt hij hun stem. Zoals het CDA-kamerlid Gerda Verburg deze gedachte indringend onder woorden bracht: ,,We horen de hele dag dat Bos zo charmant en aantrekkelijk is. Ik vernam zelfs dat hij een lekker kontje heeft.''
Toch denk ik dat de kiezer heel wat standvastiger en uitgesprokener in zijn politieke voorkeuren is dan de grilligheid van het stuifzandlandschap doet vermoeden. Het hangt er maar vanaf welke vergelijking je maakt. Vergelijk je de stand van zaken in de peilingen met de verkiezingsuitslag van 15 mei, dan is Nederland compleet op zijn kop gezet. Van 'een ruk naar rechts' met wijlen Pim Fortuyn en J.P. Balkenende als grote overwinnaars naar een 'ruk naar links' met Jan Marijnissen en Wouter Bos in de heldenrol. Probeer daar maar eens chocola van te maken.
Kijken we daarentegen iets verder terug in het verleden, dan is de continuïteit nog altijd opmerkelijk groot. Ook toen een PvdA van om en nabij de veertig zetels en een VVD met dik dertig zetels. Alleen voor het CDA hing de vlag er toen beroerd bij met minder dan dertig zetels. Maar dat deze partij nu aanzienlijk meer zetels scoort is niet zo verbazingwekkend: de partij had zich programmatisch herpakt en in de persoon van Balkenende had zij eindelijk de persoon gevonden die in staat was het CDA-gedachtegoed aansprekend naar voren te brengen. Tel daar de premier-bonus bij op en je zit op de ruim veertig zetels waar het CDA nu op staat.
Is deze continuïteit inderdaad het normale patroon, dan moeten we wel tot de conclusie komen dat de kiezer vorig jaar mei van slag is geweest. Hij wilde wel volgens zijn bestaande voorkeuren stemmen, maar dat bleek voor veel kiezers niet mogelijk, totaal afgeknapt als men was op Paars en de gevestigde politiek in het algemeen. En ook dat is (achteraf bekeken dan) niet zo verbazingwekkend: Kok was niet meer beschikbaar, eerder al had Bolkestein plaatsgemaakt voor Dijkstal, maar bovenal was er de nieuwkomer Fortuyn, die met zijn flamboyante optreden het vloerkleed compleet wegtrok onder de Haagse gezapigheid en Melkert en Dijkstal lelijk te kijk zette als een stelletje onverbeterlijke regenten.
Vele maanden later en een heus kabinet armer lijken de meeste politici hun lesje wel te hebben geleerd. Het stuifzand is weer enigszins tot rust gekomen. Tenminste, als je al vast kunt houden aan dat beeld. Want zoals ik er nu op terugkijk was er eerder sprake van een dolgedraaide supermarkt; dolgedraaid dan omdat een falende leiding systematisch de verkeerde producten in de schappen had gezet en zo uiteindelijk een consumentenopstand had uitgelokt onder leiding van Pim Fortuyn.
Inmiddels heeft die opstand zijn reinigende werking gehad. Politici zijn zich in deze campagne anders gaan gedragen, opener en makkelijker ook naar het publiek. Kortom: niet de kiezer is veranderd, hooguit een beetje misschien, maar de politiek.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.