Het doden van één persoon, om groter onheil voor zwakkeren te voorkomen: dat was Volkert van der G.'s motief voor zijn moord op Pim Fortuyn. De drempel voor het doden van een mens wordt lager, de weerzin tegen het eten van vlees groter. Over dierenrechten, mensenethiek, het varken als persoon en Kenneth & Carla;.
Schop de hond hard, en goed zichtbaar voor de omstanders. Het zinloos geweld zal niet onbesproken blijven. Je bent, roept het publiek, een dierenbeul en erger. Hetzelfde publiek dat bij de Kiloknaller vlees haalt dat, toen het nog vier pootjes had, een onvergelijkbaar beroerder leven had dan je hond nu. Alle dieren zijn gelijk, maar sommige zijn meer gelijk dan andere, schreef George Orwell al.
In Orwells 'Animal Farm' zijn de dieren, zoals dat gaat in fabels, eigenlijk mensen. In de echte wereld wordt die scheidslijn moeilijker te trekken. En dus wordt het doden van dieren problematischer, stelt de bundel 'Het Doden van Dieren' vast. Volkert van der G. kan tevreden zijn, al is het niet zijn verdienste.
Huisdieren dood je niet, je draait ze de nek niet om, kwakt ze niet met fataal gevolg tegen de muur, maar euthanaseert ze. Want je houdt van ze. Katten en honden zijn zelfs meer dan huisdieren: gezinsleden. Met een crematieverzekering, een kek spijkerpakje en een dikke rekening bij de dokter die geen vee- maar dierenarts heet.
En dat dier heeft een naam. Neem Miss Pepper, wier tragische overlijden in 1992 de natie raakte: de borderterriër van koningin Beatrix stikte in een konijnenhol.
In Madame Tussaud's staat sinds vorige week het beeld van Pim Fortuyn, met Kenneth en Carla Fortuyn ernaast. De twee wassen King Charles spaniëls schijnen niet erg te lijken, maar je mag ze wel aaien. De echte hondjes wonen in het souterrain van Palazzo di Pietro en Fortuyns butler Herman zorgt goed voor ze.
Honden koester je als -inderdaad- kinderen. ,,Onze eigen dieren', schrijft Paul Schnabel, ,,hebben tot op grote hoogte de status van beschermwaardige personen verworven'.
Dat de moordenaar van Fortuyn een dierenrechtenactivist was, maakte -zo vreesden zijn geestverwanten, die zich razendsnel distantieerden van Volkert- de discussie over dierenrechten er niet makkelijker op.
Rechtsfilosoof Paul Cliteur vreesde dat Volkerts 'terroristische daad' de kruistocht voor dierenrechten zou besmetten, maar een jaar later lijkt de moord op Fortuyn in dit opzicht niet meer dan een rimpeling te zijn geweest. Niet alleen het maatschappelijk debat gaat door, ook de activisten zijn het afgelopen jaar actiever geweest dan ooit in het vernielen van spullen, signaleert de AIVD, die hen vergelijkt met islamfundi's.
De Nederlandse activisten wijzen geweld tegen personen wel af. Dat kan veranderen, wanneer ze de hoogopgeschroefde waardering van mensen voor (huis)dieren omkeren. Het is goed denkbaar dat activisten de verontwaardiging over de behandeling van (andere) dieren zo schandalig vinden, dat mensen ervoor moeten wijken. Lees: lastiggevallen, gewond -gedood. In Groot-Brittannië hebben werknemers van dierproevencentrum Huntingdon Life Sciences al geen leven meer. Net als hun slachtoffers, zeggen de activisten als rechtvaardiging van hun acties. Dierenbescherming was onder 19de-eeuwse gegoede dames en vogue, en zelfs Abraham Kuyper was er lid van. Een goed christen behoorde dieren barmhartig te behandelen, dierenmishandeling was zonde. Maar dierenrechten, dat is wat anders.
Bij het zien van de grijpers die varkens in vrachtwagens stortten, laaide de discussie over dieren weer even op. De maatschappij is nu eenmaal veranderd, de morele waarde die men aan dieren toekent, is gewijzigd. In 1962 werden, zonder maatschappelijke onrust over de slachtwijze en pastorale zorg voor sneue, economisch getroffen boeren, 320000 varkens geruimd. De varkenspest van 2001 -280000 varkens ontijdig gedood en verbrand- wekte wel beroering. Net als de vergelijking tussen het lot van bio-industriedieren en dat van Joden in de Holocaust -een vergelijking die overigens niet alleen door Robert Long en Frank Ankersmit werd gemaakt (zoals in 'Het Doden van Dieren' staat), maar ook meermalen door de Joodse Nobelprijswinnaar Isaac Bashevis Singer.
Het menselijke is, dankzij de inzichten van Darwin, minder exclusief geworden: We zijn naakte apen. Een hond die jankt na een trap van z'n baas is geen gevoelloze machine, zoals Descartes meende, maar een voelend wezen dat menselijk meegevoel genereert.
Een mens is ook maar een dier, kijk maar naar het euthanasiedebat: gevoerd in Nederland over de mens, maar in veterinaire kringen ook over het paard. Laten we haar 'Oma' noemen. Wat doen we met Oma? Mag ze, oud en der dagen zat, doodgaan, of moet dokter alle toeters en bellen nog eens gebruiken? Dit is toch ondraaglijk lijden, niet menswaardig meer? Heeft dokter gewetensbezwaren? Moet alles wat kan? En wat kost het?
De ethiek is antropocentrisch: de mens heeft intrinsieke waarde, het dier instrumentele. ,,Wie ooit het museum van de slavenhandel op Curaçao bezocht heeft, beseft het historisch belang van deze gedachte', noteren enkele ethici relativerend.
Ook de theologie is trouwens antropocentrisch: alles draait om de redding van de mens, al weet een kind dat ook de dieren naar de hemel gaan.
Wat 'houden van dieren' precies betekent -waardering om hun economisch, gastronomisch, sociaal nut, of liefde- maakt de Australisch-Joodse filosoof Peter Singer niet veel uit. Zijn opvatting viel terug te lezen op de website van Volkerts Animal Freedom: ,,Het deugt niet wat in de bio-industrie met dieren gebeurt. Verder handel ik gewoon rationeel, hoef geen dierenvriend te zijn om dieren te beschermen.' Niet, omdat 'de natuur goed is', ,,alle donkere kanten van de mens zie je ook terug in de natuur. Dieren beschermen is mensen beschaven, zeggen ze wel.'
Singer is 'zoöcentrisch', gericht op het dier (dat ook 'mens' kan heten), uitgaand van het vermogen tot lijden. Dát bepaalt het moreel handelen. Voor utilitarist Singer is er nog wat ruimte voor dierproeven bij het ontwikkelen van medicijnen, als de dood van één het leven van velen redt. Voor de Brit Tom Regan -hoogleraar en dominee- zijn ieder mens en elk dier er één. Hun individele belangen mogen niet worden geschaad, zelfs niet als de maatschappij als geheel daar beter van zou worden. Het doden van dieren is dus onaanvaardbaar. Altijd, al blijft het doden van een mens erger dan dat van een dier.
Dat bijna iedereen vlees eet betekent dat we niet moeten zeuren over het slachten van dieren, betoogt de voorzitter van de afdeling veehouderij van LTO Nederland. Hij vindt dat 'vooral de stedeling die vervreemd is geraakt van de natuur, het platteland en de gangbare voedselproductie' beter voorgelicht moet worden. Maar miskent dat de erupties van verontwaardiging bij het zien van ruimingen op televisie meer blootleggen dan alleen door de media opgepookte, maar voorbijgaande emotie. Dat 'meer' is, signaleert een ander, een 'bizarre tegenstelling in het waarden- en normensysteem dat wij hanteren ten aanzien van verschillende dieren'.
Het probleem voor de boer wordt zelfs nog groter: binnen de VVD -bolwerk van ondernemers, niet van activisten- maakt Paul Cliteur zich op z'n Singers sterk voor dieren die 'personen kunnen zijn'. Hij stelde een 'universele verklaring van de rechten van het productiedier' op. Aanvaarding daarvan lijkt ver weg, maar kon wel eens dagen: de slotbijdrage van 'Het Doden van Dieren' signaleert een verschuiving in de sociale moraal die kan betekenen dat vleeseten niet zomaar geaccepteerd blijft.
Voor veganisten -een radicale variant op vegetariërs- is vrijwel elk gebruik van dieren verwerpelijk. Zoals het studio-in-auto-uit-gesleep met twee schoothondjes door een zekere lijsttrekker op wiens staatsieportret ze zelfs staan. Cabaretier André Manuel verklaart in zijn nieuwe show de zes kogels van veganist Volkert, vandaag een jaar geleden, aldus: hij deed het voor Kenneth en Carla. Die hoeven nu nooit meer te werken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.