WILLEMSTAD - Het vreemdelingenbeleid van de Nederlandse Antillen vertoont grote gebreken. Vreemdelingen kunnen documenten moeiteloos vervalsen en bij toekenning van vergunningen heerst vaak willekeur. Er is geen centraal systeem dat de stromen vreemdelingen registreert en op geen enkel eiland wordt systematisch toezicht gehouden op de vreemdelingenstroom.
Dat zijn de belangrijkste conclusies uit een rapport van G. Bodde. Deze Nederlandse deskundige verrichtte in opdracht van de Antilliaanse minister van justitie Norberto Ribeiro een onderzoek naar het vreemdelingenproces op de Nederlandse Antillen.
De deskundige stelt vast dat vooral bij de Vreemdelingendienst op Curaçao veel verbeterd moet worden. De arbeidsomstandigheden van het personeel zijn slecht en er is nauwelijks onderlinge communicatie. Op de afdeling Toezicht liggen stapels paspoorten en tickets voor het grijpen, omdat het ontbreekt aan afsluitbare kasten.
Illegalen die uitgezet moeten worden, zitten urenlang op bankjes in de gang tegenover de afdeling Toezicht, die lang niet altijd is bemand. Paspoorten, tickets en stempels verdwijnen hierdoor. De vreemdelingen kunnen makkelijk ontsnappen en dit gebeurt dan ook.
De onderzoeker constateert dat op Curaçao, Bonaire en Sint Maarten het zogenoemde Navas-systeem wordt gebruikt om vreemdelingen te registreren, maar de systemen van de drie eilanden zijn niet aan elkaar gekoppeld. Zo kan het gebeuren dat een vreemdeling die Curaçao wordt uitgezet op St. Maarten probleemloos binnenkomt.
Daar komt bij dat Saba en St. Eustatius niet op het Navas-systeem zijn aangesloten.
Bodde noemt het verder opmerkelijk dat elk eiland de verblijfsvergunningen kosteloos verstrekt. De Antillen kunnen volgens Bodde twee miljoen Antiliaanse guldens (bijna een miljoen euro) per jaar verdienen als ze 100 gulden (bijna 50 euro) in rekening brengen voor iedere tijdelijke verblijfsvergunning en verlenging.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.