Door het bloedig grensconflict tussen Ethiopië en Eritrea zijn niet alleen de beide landen politiek verdeeld. Ook een van 's werelds oudste christelijke kerken, de Ethiopisch-orthodoxe kerk, is door de grensoorlog tot op het bot verdeeld. Als de loopgravenoorlog in Afrika oplaait, groeit onder in Nederland verblijvende orthodoxe Eritreeërs en Ethiopiërs het wantrouwen en willen ze niet meer samen in een kerk zitten. Ondanks zeventienhonderd jaar gedeelde religieuze geschiedenis. ,,Het liegen zit ín ze.''
De Eritrees-orthodoxe kerk bestaat officieel tien jaar. Op 23 februari komt de Eritrese aartsbisschop, Abune Jacob, naar Rotterdam om zijn Nederlandse gelovigen in de Pauluskerk toe te spreken. Het gros van de naar Nederland gevluchte Eritreeërs woont in de Maasstad.
De Eritreeërs begonnen religieus voor zichzelf na de afscheiding van Ethiopië in 1993. Onder de Eritrese minister-president Isayas Afewerki werd een eigen Abune (aartsbisschop) benoemd, door de Koptisch-orthodoxe kerk in Egypte. Tot 1951 werd hier ook de leider van de Ethiopische kerk benoemd. Na inmenging van keizer Haile Selassie, alias Ras Tafari, vonden alle benoemingen op Ethiopische bodem plaats.
Veel Ethiopiërs ontkennen echter nog steeds stellig dat er zoiets als een Eritrese kerk bestaat. Zo ook predikant Keflemarian van de Ethiopisch-orthodoxe kerk in Amsterdam, die diensten houdt in de oud-katholieke kerk aan de Ruysdaelstraat. ,,Wij geloven niet in een Eritrees-orthodoxe kerk, dat is door de politiek bedacht'', vindt hij. ,,Er staan drieënzeventig verwijzingen in de Bijbel naar Ethiopië, en niet één keer wordt Eritrea genoemd, omdat dit nooit heeft bestaan.''
,,Al meer dan duizend jaar bestaan er vijf oriëntaalse kerken, de Armeense, Syrische, Egyptische, Indiase en de Ethiopische. Mensen die een aparte Eritrees-orthodoxe kerk willen, zijn niet met God bezig maar met politiek. Die zijn niet recht in hun geloof. We hebben altijd dezelfde God gehad maar omdat de mensen die de macht hebben, zijn veranderd, willen ze nu een andere kerk.''
Ethiopisch-orthodoxen gaan er prat op dat zij de oudste Afrikaanse kerk zijn, als eerste gekerstend. Daarbij verwijzen ze onder meer naar de passage in Handelingen 8 waar een Ethiopische eunuch ('Kamerling uit Morenland') gedoopt wordt. De kerk zou de stenen tafelen met de Tien Geboden bezitten. Volgens de orthodoxe overlevering verwekte Salomo een kind bij de Ethiopische koningin Sheba, bekend uit het bijbelboek Kronieken. Dit kind smokkelde de Ark naar Ethiopië, vóór de vernietiging van de tempel. In elke Ethiopische-orthodoxe kerk staat daarom nog steeds een kopie van de Ark.
Eritrees- en Ethiopisch-orthodoxen hebben dezelfde kerkelijke feestdagen en beide kerken zijn ingericht als een joodse tempel, inclusief een heilige der heiligen. Ook wat overtuiging betreft is er tussen beide groepen geen verschil; in de kerk van Keflemarian komen ook enkele Eritreeërs. ,,We vieren de dienst in dezelfde taal. Wij Ethiopiërs spreken Amhaars, en de Eritreeërs Tigrinya, maar in de Ethiopisch-orthodoxe kerk wordt Ge'ez (Semitische kerktaal, red.) gesproken, en dat verstaan we allebei. Zolang we niet over politiek maar over God praten gaat het goed. Ik wil ook niet over politiek praten, ik wil bidden voor vrede.''
Niettemin groeien de gemeenschappen steeds verder uit elkaar. De Eritrese predikant Tecle Michael maakt zich zorgen. ,,We zijn eigenlijk één volk, en ik probeer in de kerk de nadruk op eenheid te leggen. Maar de politiek beïnvloedt onze gemeenschap en wakkert haat aan, en dat is niet van God. We zouden naast elkaar kunnen leven, zoals bijvoorbeeld België en Luxemburg.'' Toch vindt hij wel dat de Ethiopiërs moeten ophouden met het steeds willen overheersen van de Eritreeërs.
Vooral in de rechtervleugel van de Eritrees-orthodoxe kerk staat men vijandig tegenover Ethiopiërs. Door de bloedige loopgravenoorlog in 1999 is dit versterkt. ,,Alle Ethiopiërs zijn leugenaars'', vindt een Eritrese kerkganger in Rotterdam, waar de gemeenschap in de Pauluskerk samenkomt. ,,Het zit ze in hun natuur. Toen ze onze steden hadden platgebrand dansten zelfs hun geestelijken op straat om hun overwinning te vieren. Over het bloed van onze kinderen.'' Hij heeft, vertelt hij, een neef die in de loopgraven tegen Ethiopië heeft gevochten, en ja, onderlinge vijandschap is een hot item in de Eritrese kerk. Ook hier.
Voorlopig zullen de kerkgangers in beide gemeenschappen hard voor eenheid moeten bidden. Want ondanks een grensovereenkomst die dit jaar moet worden uitgevoerd en interventie door de VN botert het nog steeds niet tussen beide landen. Zo heeft Ethiopië alle Eritrese inwoners de grens overgezet. En de Eritrese minister-president Isayas Afewerki heeft de radio verboden nog langer liedjes te laten horen in het Amhaars, de belangrijkste Ethiopische taalgroep.
Maar waar komt de onderlinge vijandschap werkelijk vandaan? De kiem ervan ligt in een verzet tegen de dominante bevolkingsgroep in Ethiopië, de Amharen. De onafhankelijkheidsstrijd van de Eritreeërs, voor het merendeel Tigranya-sprekenden, begon in 1961. Keizer Haile Selassie, een Amhaar, confisqueerde dat jaar de voormalige Italiaanse kolonie Eritrea.
Selassie domineerde tevens de orthodoxe kerk en onderdrukte de niet-Amhaarse taalgroepen. Door de dertig jaar lange oorlog vluchtten zo'n 4500 Eritreërs naar Nederland. Ze staan wrang genoeg voor het leeuwendeel als Ethiopiër geregistreerd, want voor 1993 was Eritrea nog geen erkend land.
Jan Abbink, hoogleraar en verbonden aan het Afrika Studiecentrum in Leiden, noemt het huidige grensconflict een 'postuum koloniaal litteken'. ,,De naam Eritrea is door de Italianen in 1890 bedacht'', zegt hij. ,,Het is afgeleid van het Latijnse mare erythreum, wat 'Rode Zee' betekent. Voor die datum bestond er niet zoiets als een 'Eritrese identiteit'. Verwijzingen naar een Ethiopisch koninkrijk komen al in het Oude Testament voor. Ytyopia betekent 'land van de verbrande gezichten' en is later toegekend door een Griekssprekende autochtone elite in de begindagen van de kerk.'' De Ethiopisch-orthodoxe kerk werd enkele decennia na het eerste concilie in Nicea (318) gesticht.
,,De Tigrinya, het volk waaruit de meerderheid van de Eritreërs bestaat, waren voor de komst van de Italianen gewoon een van de bevolkingsgroepen van Ethiopië'', zegt Abbink. ,,Het Eritrees nationalisme, dat onder deze groep leeft is pas in de jaren vijftig ontstaan. Politieke elites die onder de Amhaarse Haile Selassie, de keizer van Ethiopië, niet aan de bak kwamen, wilden zelf macht en grepen de 'Eritrese identiteit' aan om dit te krijgen.''
Volgens Abbink is de Eritrese minister-president Afewerki een van de hoofdschuldigen van de afgelopen oorlog en de huidige spanningen. ,,Hij voert nu een bijna stalinistisch bewind met zijn cultuurpolitiek'', zegt Abbink. ,,Er is geen enkele persvrijheid meer en hij heeft een superontwikkelde veiligheidsdienst. Ook stelt hij steeds de verkiezingen uit met het excuus dat het land in een noodtoestand is vanwege de oorlog. Er begint wel langzaam kritiek op hem te komen en misschien dat hij zichzelf op langere termijn ondergraaft met zijn beleid.''
Eritreeërs uiten in het algemeen geen openlijke kritiek op hun president. De Eritrese journalist Habtom Yohannes, die nu bij de EO werkt, is 'niet partijdig, maar neutraal' en verwijt Abbink een 'pro-Ethiopisch' standpunt. 'Eritrea' bestond inderdaad voor 1890 niet, maar men had er wel een eigen taal en cultuur. In het boek 'Afrikanen in Nederland' wijst Yohannes de volksaard aan als oorzaak voor het gebrek aan kritiek op eigen leiders, wat als niet loyaal wordt beschouwd. Ethiopiërs blijven voorlopig volksvijand nummer één.
De verscheurde orthodoxen kunnen een voorbeeld nemen aan de Eritrese Jehova's getuigen, met minder dan een procent van de bevolking opererend in de religieuze marge. Hun is door Afewerki de burgerrechten ontnomen omdat ze niet in het leger wilden. Maar in hun kerk zijn wel Ethiopiërs welkom. Iedere gewonnen ziel is er één en zo kan bekeringsdrift, vaak goed voor veel slachtoffers, toch nog voor verbroedering zorgen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.