*

 

Doodslag is eigenlijk hetzelfde als moord

Alexander von Schmid − 11/02/03, 00:00

Doodslag geschiedt uit een impuls waaraan geen weerstand is te bieden. Moord vereist berekening vooraf. Gezien de moderne psychologie is van dat laatste bijna altijd sprake en dat doet het verschil tussen moord en doodslag vervagen.

Na bijna 18 jaar is eindelijk een vonnis geveld over Louis H. Had justitie 'slechts' doodslag en niet moord op de kinderen, Donna (9) en Sharon (6), kunnen bewijzen, dan was Louis H. vrijuit gegaan omdat de verjaringstermijn van doodslag vijftien jaar is. Nu moord bewezen is geacht, ziet hij een levenslange gevangenisstraf tegemoet.

Er zijn weinig zaken waar het verschil tussen moord en doodslag zo belangrijk was als in deze. Doodslag wordt gedefinieerd als opzettelijk iemand van het leven beroven zonder dat er sprake is van voorbedachten rade. Wanneer de dood wel van tevoren is bedoeld, is er sprake van moord.

In theorie is het verschil helder. In de praktijk is het problematisch. Laten we aannemen dat Louis H. in een vlaag van woede Corina Bolhaar, de moeder, doodde. Na zijn daad realiseert hij zich dat de kinderen Donna en Sharon tegen hem kunnen getuigen. In een seconde calculeert hij dat het beter is hen 'op te ruimen'. Met wurging en messteken voegt hij de daad bij de gedachte. Hoe moet een officier van justitie bewijzen dat zo'n voorbedachten rade aan de moord op de kinderen is voorafgegaan?

Louis H. kan zich verweren door te zeggen dat hij in een storm van woede de moeder en aansluitend haar twee kinderen vermoordde. ,,Ik was zo razend dat ik helemaal niet meer wist wat ik deed.'' Al het bewijs tegen Louis H. is 'van horen zeggen' en er zijn nauwelijks technische aanwijzingen. Het is niet denkbeeldig dat Louis H. in hoger beroep bij het gerechtshof alsnog wordt vrijgesproken omdat moord niet bewezen wordt geacht.

Wat deze zaak interessant maakt is dat Louis H. bij nadere beschouwing niet goed genoeg gecalculeerd heeft. Het feit dat hij de kleinste van anderhalf heeft laten leven, is tegen hem gebruikt: Donna en Sharon konden tegen hem getuigen en zij werden gedood. De kleinste niet en deze bleef leven. Dat wijst op calculatie en voorbedachten rade.

Als Louis H. 'goed' gecalculeerd had, had hij alle kinderen, inclusief de kleinste, met een overmaat van messteken om het leven gebracht. Zo had hij de indruk kunnen wekken dat hij volledig buiten zichzelf was, wellicht zelfs ontoerekeningsvatbaar. In dat geval had justitie moord misschien niet kunnen bewijzen en was Louis H. wegens verjaring voor doodslag vrijgesproken. En dat terwijl hij een drievoudige moord gepleegd had. Het onderscheid 'moord en doodslag', kan hoe rechtvaardig ook bedoeld, dus extra misdaden uitlokken.

Dit werpt de vraag op of het wel verstandig is om doodslag lichter te straffen dan moord. Daarnaast is het de vraag of het rechtvaardig is.

Voor de opkomst van de psychologie toen alle geestesprocessen (zoals denken, willen en dergelijke) per definitie bewust waren, maakte de bewuste calculatie die aan moord in tegenstelling tot doodstraf voorafging, een wereld van verschil. Tijdens die bewuste calculatie zou de moordenaar de morele vrijheid hebben gehad om 'neen' te zeggen. Bij doodslag daarentegen zou iemand in zekere zin door het moment verrast worden en zou hij zijn vrijheid niet ten volle kunnen benutten.

In de oude filosofische en religieuze traditie werd bewustzijn als een eigenschap van de ziel of de geest gezien (Descartes). De geest was vrij, in tegenstelling tot het lichaam, die de wetten van de materiƫle natuur volgt. Een bewust denkproces duidt dus in deze traditie altijd op vrijheid. Met de opkomst van de moderne psychologie is dit wetenschappelijk achterhaald.

De bewuste calculatie die aan een moord voorafgaat zegt in het algemeen niets over de mate van vrijheid die de dader had. In 2001 vermoordde de Texaanse Andrea Yates haar vijf kinderen. Ze verdronk hen een voor een in een badkuip. Voor de rechtbank pleitte ze niet schuldig. Ze beweerde dat ze niet meer wist wat ze deed en dat ze door te grote druk geestelijk volledig de weg kwijtgeraakt was (not guilty by reason of insanity). Toch was het een vijfvoudige moord met voorbedachten rade. Ze had er maanden over nagedacht. Maar van morele vrijheid kunnen we in dit geval toch niet spreken. We hebben het hier over een geesteszieke vrouw met zwaar dwangmatig gedrag.

Zo zijn er meer gevallen waaruit blijkt dat bewust nadenken of voorbedachten rade evengoed voorkomt bij geesteszieke mensen met zwaar dwangmatig gedrag als bij gezonde, normale mensen. Ted Bundy bereidde al zijn moordpartijen zeer zorgvuldig voor. Deze geesteszieke seriemoordenaar is het schoolvoorbeeld van iemand met zwaar dwangmatig gedrag.

Het onderscheid tussen moord en doodslag gaat op de idee terug dat doodslag minder het product is van iemands wil dan moord. Bij doodslag lijkt het moment van keuze zo plotseling en onverwachts dat iemand niet de tijd lijkt te hebben gehad om werkelijk te bedenken wat hij nu eigenlijk wil. ,,Had hij meer tijd (om na te denken) gehad, dan had hij wellicht iets heel anders gedaan.''

Sinds de opkomst van de moderne psychologie is ook dit idee achterhaald. Wat een plotselinge opwelling van haat en woede leek, blijkt vaak het eindpunt van een lang psychologisch proces te zijn.

Een van de eerste lessen geschiedenis vroeger ging altijd over het verschil tussen aanleiding en oorzaken. ,,De emmer druppelt vol met oorzaken maar de aanleiding is de druppel die de emmer doet overlopen.'' De aanleiding van de Eerste Wereldoorlog was de moord op aartshertog Frans Ferdinand van Oostenrijk, maar de oorzaken lagen in hoog opgelopen spanningen tussen de Europese landen.

Op dezelfde manier gaat er aan een 'plotselinge' doodslag vaak een lange geschiedenis van spanningen en haat vooraf. Die ene klap, die ene belediging van die ander, is dan niet de oorzaak van de plotselinge vlaag van woede, waarin iemand een ander doodt maar de aanleiding er toe. Wat er precies in het hoofd van een dader is omgegaan op zijn weg naar doodslag, is vermoedelijk heel moeilijk te bepalen. Heeft hij de dood van die ander echt gewild? Of is hij langzaamaan steeds meer in een psychologische schemertoestand geraakt, waarin niet meer duidelijk was wat hij nu eigenlijk wel en wat hij niet wilde? Het onderscheid tussen wel en niet meer toerekeningsvatbaar zal in veel gevallen nog maar heel moeilijk te maken zijn.

Neem het geval van een vrouw die na jarenlange vernederingen en krenkingen besloot haar man neer te schieten. Een duidelijk geval van moord. Vergelijk dit met het geval van een vrouw die na de zoveelste vernedering in een vlaag van woede een vleesmes pakt en haar echtgenoot neersteekt. Wat is nu eigenlijk het verschil?

Heeft de eerste (moord) de dood van haar echtgenoot meer gewild dan de ander? Ze kan wel besloten hebben, hem te vermoorden, maar toen ze daar over na ging denken, verkeerde ze misschien net als de ander in een psychologische schemertoestand, een toestand waarin alles mogelijk is. De vrouw die 'plotseling' het vleesmes pakte, had haar echtgenoot misschien al honderden keren de dood toegewenst en misschien al vele malen naar het vleesmes gekeken met de gedachte ,,er komt nog eens een dag dat.....''. De stelling dat de eerste vrouw de dood van haar man meer gewild heeft dan de tweede, lijkt me dan ook onverdedigbaar.

Dat Louis H. Corina Bolhaar in een vlaag van woede doodde, betekent niet dat hij het niet ten volle wilde. Alleen hijzelf weet met wat voor gedachten hij die laatste avond bij haar op bezoek kwam.

Er zijn geen goede gronden om moord en doodslag in het algemeen verschillend te bestraffen. In veel gevallen is de morele vrijheid bij moord niet groter dan bij doodslag en meestal valt dit ook niet duidelijk te bepalen. Daarnaast kan doodslag net zo gewild zijn als moord.

mailIcon print |