*

 

Uit serie foto's rees het vermoeden van een Rembrandt

Henny de Lange − 31/01/03, 00:00

* 'Govert, schilder maar een tronie over dat zelfportret van mij heen. Anders raken we dat ding niet kwijt'. Zo zou het gesprek kunnen zijn gegaan, pakweg 365 jaar geleden, in het schildersatelier van Rembrandt aan de Jodenbreestraat in Amsterdam, tussen de meester en één van zijn leerlingen, Govert Flinck.

Dat veronderstelt Rembrandt-kenner Ernst van de Wetering. In Rembrandts atelier werd niets weggegooid. Niet opgehaalde schilderijen werden overgeschilderd of aangepast, om ze alsnog te kunnen slijten. Dat Rembrandt aan recycling deed, vonden we niet vreemd, zegt Van de Wetering van het Rembrandt Research Project. ,,Maar wat voor ons een raadsel was dat Rembrandt er kennelijk ook geen problemen mee had om zelfportretten te laten overschilderen.'' Des te raadselachtiger was dat, omdat de schilder zichzelf vaak als onderwerp koos. Van Rembrandt zijn bijna 80 zelfportretten bewaard gebleven, waaronder zo'n 40 schilderijen, 30 etsen en zeven tekeningen.

Op die vragen meent Van de Wetering nu antwoord te hebben gevonden, ook al ontbreken harde bewijzen. De sleutel vond hij tijdens het onderzoek naar een schilderij, waarvan hij acht jaar geleden een foto uit 1980 kreeg opgestuurd van de Franse eigenaar met de vraag of dit zelfportret mogelijk van Rembrandt was. Van de Wetering had een dubbel gevoel. Het schilderij had onmiskenbaar de trekken van een echte Rembrandt. Er zaten prachtige passages in, waaronder de mond, kin en kaaklijn. ,,Maar de ogen zagen er niet uit, die kwamen zo van de vismarkt.'' Toen hij daarna nog twee foto's zag van hetzelfde portret, gemaakt in 1950 en 1935, waarop de afgebeelde persoon er heel anders uitzag, werd duidelijk dat het schilderij in de loop der tijd een reeks gedaanteveranderingen had ondergaan. Onderzoek leerde dat het paneel was gemaakt van hout van een boom, waarvan de laatste jaarring uit 1624 dateerde.

Uit de opname van 1935 blijkt dat de afgebeelde man een Russische edelman moest voorstellen met lang haar, een opgedraaide snor, een bontmantel en hoge muts. De eigenaar moet toen hebben gezien dat de muts er later bij was geschilderd en hem daarom hebben verwijderd. Op de foto uit 1950 is te zien dat onder de muts een baret zat. De volgende eigenaar, een restaurator, verwijderde delen van het haar en de snor, zoals de foto uit 1980 laat zien. In deze toestand kreeg Van de Wetering het doek in handen. Omdat er al zoveel overschilderingen waren weggehaald, vond hij het verdedigbaar het schilderij verder onder handen te nemen. Met als uitkomst dat de achtergrond nooit overgeschilderd bleek te zijn en van de hand van Rembrandt. Hetzelfde geldt voor het onderste deel van het gezicht. Ook de signatuur van Rembrand bleek echt.

Bij de vorige restauraties waren sterke afbijtmiddelen gebruikt om muts, snor en haren weg te halen. Martin Bijl van het onderzoeksteam hanteerde een scalpel om de overschilderingen die nog restten, voorzichtig weg te schrapen tot Rembrandts eigen verflaag tevoorschijn kwam. Een proces dat zes jaar heeft geduurd. Maar het zelfportret ziet er nu weer precies zo uit als het in 1634 door Rembrandt werd geschilderd, voordat het enkele jaren later als 'winkeldochter' werd veranderd in een tronie van een Russische edelman.

mailIcon print |