Zeventien imams hebben deze week de verplichte inburgeringscursus met goed gevolg doorlopen. Imams dienen zich door deze cursus meer bewust te worden van hun rol in de samenleving, vindt de overheid. Imams Celal Malkoç en Sebahattin Kaygusuz volgden de inburgeringslessen. ,,Het was een handige cursus.''
Alle imams die na 2002 naar Nederland zijn gekomen, hebben van hun gemeente een oproep gekregen mee te doen aan het inburgeringsprogramma voor geestelijke leiders. Tijdens de cursus komen allerlei onderwerpen aan bod. Zoals de Grondwet, de Nederlandse taal, geschiedenis, de verschillende religies die Nederland kent, de minderheden en niet te vergeten het Nederlandse zorgstelsel.
,,Daar heb ik vooral veel van geleerd,'' vertelt imam Celal Malkoç uit Haaksbergen. ,,Ik wist niet dat je geen cent hoeft te betalen als je in het ziekenhuis ligt en een zorgverzekering hebt afgesloten. Verder weet ik nu meer over hoe het hier juridisch werkt en wanneer de eerste allochtoon naar Nederland is gekomen. Het was een algemene cursus. Mijn algemene kennis is nu groter. Echt veel nieuwe dingen heb ik niet geleerd, want in Turkije moet je ook een cursus van drie maanden volgen over het land waar je naar uitgezonden wordt.''
Volgens imam Sebahattin Kaygusuz uit Beverwijk is het een misverstand dat hij en zijn collega's weinig weten over de Nederlandse samenleving. ,,Imams hebben ten minste één universitaire opleiding gevolgd, vaak meer. Veel imams hebben een doctorstitel. Dus als de Nederlandse overheid deze cursus verplicht heeft gesteld omdat ze denken dat wij niets weten van Nederland, dan ben ik het daar niet mee eens.''
Toch zegt Kaygusuz van de cursus geleerd te hebben. ,,Het is altijd handig om meer te weten. Sommige elementen uit de cursus spraken me echt aan. Ik wist niet dat er in 1950 veel families vanuit Nederland naar Nieuw-Zeeland en Canada emigreerden, bijvoorbeeld. Tien jaar later kwamen de eerste Turkse mensen in Nederland wonen. Maar het verschil was dat de Turkse mensen naar hier kwamen om een beetje geld te verdienen en uiteindelijk terug te gaan naar hun vaderland. De Nederlanders die emigreerden, wilden juist permanent in dat land blijven wonen. De Turkse emigranten waren vaak lager opgeleid dan de Nederlandse emigranten uit de jaren vijftig. Tenslotte kwamen de Turkse mensen in een christelijk land, terwijl ze zelf islamitisch waren. De Nederlanders kwamen in een christelijk land terecht, een land met dezelfde religie. Ondanks deze grote verschillen zag je dat de problemen die de individuele emigranten hadden, vrijwel hetzelfde waren. Dat idee fascineerde me.''
Zowel in Haaksbergen als in Beverwijk komen de plaatselijke pastoor, de dominee en de imam maandelijks bijeen. ,,Heel leerzaam'', meent Malkoç. ,,Het belangrijkste van het islamitische geloof is dat je de vrede bewaart en dat je de mensen waardeert en van ze houdt. Dat is hetzelfde als in het christendom. Ik leer veel van dat contact, van hoe ze bij de christenen bidden en hoe ze geloven. Dat contact zal wat mij betreft blijven.''
Kaygusuz trekt een folder uit zijn jaszak waarop een toneelstuk staat aangekondigd. Het is georganiseerd door de plaatselijke katholieke en protestantse kerk en de moskee. Een heel goed initiatief, vindt hij. ,,We hebben zoiets al zo'n drie keer gedaan. Het is goed voor het wederzijdse begrip. Zo leer je elkaar meer te respecteren. Dat is echte integratie.''
Imams vervullen een brugfunctie, zegt Sebahattin Kaygusuz. ,,Ik moet een brug slaan tussen de Turkse gemeenschap en de Nederlandse samenleving. Volgens de islam moet je als een goede burger in een land wonen. Je moet je houden aan de heersende wetten en regels. De meeste Turken in Nederland proberen op een nette manier te leven. Ze doen hun best zich aan te passen. Ik zeg bijna elke dag wel een keer in de moskee dat ze als broeders moeten leven met de plaatselijke bevolking. Een enkele imam verkondigt andere dingen, maar dat betekent niet dat alle imams dat zeggen.'' Eigenlijk was de cursus extra leerzaam geweest voor juist die imams die extreme uitspraken doen, meent Celal Malkoç, die op de cursus van dominees en pastoors voorlichting kreeg over religie in Nederland. ,,Bij ons in de moskee zitten mensen van alle leeftijden. Ik ben eens bij een kerkelijke bijeenkomst geweest; ik zag daar maar één jongere zitten. De pastoor vertelde ook dat er zesduizend zendelingen bezig waren om ongelovige mensen tot het christelijke geloof te bekeren. 'Waarom verwaarloos je je eigen jeugd, terwijl je naar het buitenland gaat om mensen te bekeren?', vroeg ik toen. Hij vertelde dat de kerken daar de laatste tijd inderdaad over nadachten. Ze willen meer aandacht schenken aan de jeugd'', vertelt Kaygusuz.
Religie is volgens hem goed voor een samenleving. ,,Want een gelovige heeft liefde voor God. Dat uit zich weer in liefde voor mensen. Want als je van God houdt, heb je jezelf niet op de eerste plaats. Ik denk dat gelovige mensen zich daardoor beter aan de regels zullen houden en zich sociaal gedragen. Misschien zullen daardoor minder mensen scheiden, waardoor hun kinderen niet zonder begeleiding opgroeien'', redeneert Kaygusuz.
Over vier jaar moeten de imams weer terug naar hun moederland. ,,Dat is een afspraak die tussen de landen is gemaakt'', legt imam Kaygusuz uit. ,,Mijn vader was imam in Rotterdam. Na vier jaar moest hij weer terug naar Turkije. Daar is hij een paar jaar gebleven, want dat is verplicht. Daarna vestigde hij zich opnieuw in Nederland, in Den Haag. Misschien kom ik op de lange duur ook weer terug in Nederland. Waarom niet?''
Collega Malkoç vindt het prettig werken in Nederland. ,,Ik ben imam geworden omdat het een sociaal beroep is. Ik denk dat de Turkse gemeenschap in Nederland extra sociaal is, omdat de mensen daar meer op elkaar aangewezen zijn dan in Turkije. Ik vind het daarom erg leuk om in Nederland te werken. Ik denk dat ik het nog eens extra getroffen heb met Haaksbergen. Het is een kleine plaats. De meeste mensen kennen elkaar. De mensen reageren positief op de moskee. Veel mensen komen een kijkje nemen. De Turkse gemeenschap leeft hier in vrede met de andere inwoners. Ik weet niet of dat in de grote steden ook zo is.''
Ze volgden ook een cursus in Turkije. Het eerste dat ze daar leerden was dat Nederland het land van de vrijheid is. Sebahattin Kaygusuz: ,,Nederland is voor honderd procent een democratie. Al vanaf 1600 komen hier allerlei mensen uit verschillende culturen. Dat heeft nooit problemen opgeleverd. Ik weet niet of het verstandig is om veel druk op de allochtonen uit te oefenen. In de toekomst kan dat slecht uitpakken. Mensen moeten broederlijk samenleven en elkaar niet verstoten. Als mens moet je je medemens vriendelijk aankijken, niet met haat. Dat levert alleen maar conflicten op.''
Imam Celal Malkoç stemt in: ,,Je moet elkaar gewoon in je waarde laten''.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.