Wat zal ik vertellen over m'n allochtone cursisten?
Over het Afrikaanse gezin dat nogal geïsoleerd in een klein dorp woont? Dat er daar iemand rondloopt die de Hitlergroet brengt aan de dochter?
Of dat hij probeert de moeder te laten struikelen bij het instappen in de bus? Dat de moeder in de bus toegesnauwd wordt dat ze hier niets te zoeken heeft en dat ze een nikker is? Dat de moeder geen aangifte hiervan wil doen?
Over de imam die vol trots vertelt dat hij in Turkije al 80 uur Nederlandse les heeft gehad? En ook trots is als hij zegt dat hij met andere kerken samenwerkt? Over hoe hij, in een gesprek over integratie, xenofobie etcetera, koranteksten met verzoenende woorden uit z'n tas tovert?
Of over minder zware dingen? Zoals de Japanse die als sinterklaascadeautje een amaryllisbol kreeg? Ze wist niet wat het was. Anderen vertelden haar dat ze het niet op moest eten. ,,Dat deden we alleen tijdens de oorlog', zei ik, met een blik op twee Duitse cursisten die de humor wel vatten.
Of over de Afghaanse vrouw? Ze wilde zo graag dat ik bij haar op het suikerfeest kwam. Maar wanneer dat precies was, kon ze niet aangeven. ,,Zaterdag, zondag, het is goed. Ik ben thuis.' Toen ik er was, viel het me op dat ik alleen zat te drinken. Bleek ik een dag te vroeg te zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.