Het jaarcijferseizoen is weer geopend. Deze weken presenteren bedrijven hun resultaten over 2002. Door de financiële schandalen in de Verenigde Staten is de belangstelling voor de jaarverslagen gegroeid. Probleem is dat die jaarcijfers geen duidelijke taal spreken over de toestand van de onderneming. Zonder duidelijke spelregels blijven de cijfers een brij.
'Volstrekt logisch'', vindt Fritz Fröhlich de toegenomen aandacht voor cijfers van bedrijven. De financiële topman van Akzo Nobel zit dezer dagen tot over zijn oren in de boeken, om het jaarverslag op tijd rond te krijgen. Fröhlich weet ook wat de oorzaak is van die fixatie op cijfers: de boekhoudschandalen in de Verenigde Staten. Die hebben het vroeger vanzelfsprekende vertrouwen in de cijfers ondergraven.
Enron, Worldcom en andere bedrijven presenteerden jarenlang prachtige cijfers, die achteraf grotendeels op drijfzand gebaseerd bleken. Schulden werden door slimme boekhouders handig buiten de boeken geparkeerd, omzet en winst werden kunstmatig opgepompt met deals die alleen op papier bestonden.
De betrokken bedrijven zitten inmiddels diep in de problemen en een aantal toplieden wordt vervolgd. Wantrouwen, veroorzaakt door het gesjoemel, drukt de beurskoersen.
Nederlandse toplieden beroepen zich in het rumoer rond de boekhoudschandalen vaak op de wet: die regelt in Nederland geen details, zoals in de VS, maar stelt eenvoudigweg dat het jaarverslag 'een getrouw beeld' moet geven van de financiële situatie waarin het bedrijf verkeert.
,,De Amerikanen hebben regels, wij hebben principes'', zegt ING-topman Ewald Kist. Schandalen zoals bij Enron en Worldcom kunnen hier niet voorkomen, is de suggestie.
Maar die globale wetgeving biedt Nederlandse bedrijven de mogelijkheid om cijfers te presenteren zoals het hen uitkomt. De Raad voor de Jaarverslaggeving heeft wel een richtlijn, maar die is niet bindend.
Internationaal wordt inmiddels gewerkt aan nieuwe regels, de International Accounting Standard (IAS), die in 2005 in de Europese Unie verplicht gesteld worden. Sommige Nederlandse bedrijven houden zich nu al zoveel mogelijk aan de IAS, andere niet. Dat maakt de vergelijking van jaarcijfers voorlopig niet gemakkelijker.
Ondernemers tillen niet zo zwaar aan de wanorde in de wereld van de jaarverslagen en kijken vooral naar dat van de eigen onderneming. ,,Ons jaarverslag heeft juist waarde, omdat het een getrouw beeld van de ontwikkelingen binnen Akzo Nobel geeft'', verzekert Fröhlich.
,,Onze jaarcijfers geven absoluut een getrouw beeld van de gang van zaken'', zegt ook woordvoerder Tom Gordijn van Unilever. Toch is het Nederlands-Britse concern berucht onder financiële journalisten. Niet dat iemand Unilever verdenkt van oplichterij, maar de cijfers zijn door hun complexiteit een puzzel, ook voor de deskundigen.
Unilever presenteert immers verschillende cijfers: met en zonder bijzondere posten (zoals overnames en verkopen van bedrijfsonderdelen) en afschrijvingen van goodwill (de meerwaarde van merknamen in de boeken). Bovendien laat Unilever de cijfers zien in Britse ponden, in euro's en in 'constante valuta', een eigen uitvinding die de invloed van schommelingen in wisselkoersen moet buitensluiten.
,,We vinden ons eigen jaarverslag en de kwartaalberichten soms ook moeilijk om te lezen'', erkent Gordijn.
Waarom presenteert het bedrijf dan al die verschillende soorten resultaten? Gordijn benadrukt het verschil tussen de lopende zaken, zoals de verkoop van wasmiddelen en ijsjes, en de eenmalige posten, zoals overnames en verkopen van bedrijfsonderdelen. ,,Die bijzondere posten ontnemen het zicht op de werkelijke gang van zaken. Daarom presenteren wij ook een resultaat vóór bijzondere posten en afschrijving van goodwill. Verwarrend? We geven liever een paar verschillende winstbegrippen dan eentje. Want dan krijgen we van de buitenwereld weer te horen dat we maar de helft laten zien.''
,,De categorie blunders'', zo noemt Alfred Oosenbrug de bijzondere posten. ,,Ze kosten natuurlijk wel geld, maar slechts eenmalig.'' De hoogleraar verslaggeving van financiële instellingen in Rotterdam vindt ook dat die cijfers buiten de winst uit de dagelijkse gang van zaken moeten staan. Oosenbrug pleit al jaren voor heldere en overzichtelijke cijfers van bedrijven. ,,Als een bedrijf het slechter heeft gedaan dan een jaar eerder, moet je dat uit de cijfers kunnen lezen.''
Dat is nu niet zo gemakkelijk, omdat uniforme regelgeving ontbreekt. ,,Het grote probleem is dat er nogal wat speelruimte zit in de normen voor de financiële verslaggeving'', stelt Oosenbrug. ,,En er zijn altijd partijen die die ruimte zullen benutten.''
Ze gebruiken de regels dus zoals het hen uitkomt. ,,Dat kan bijvoorbeeld door van boekhoudstelsel te veranderen. Bedrijven kunnen beslissen de goodwill in één keer af te boeken van het eigen vermogen.'' Daarmee zijn ze direct af van een last die anders nog jarenlang op de resultaten zou drukken.
Zo schreef KPN vorig jaar miljarden af op de licenties voor UMTS, de beoogde nieuwe standaard voor mobiele telefonie. Achteraf dringt de vraag zich op of die licenties nu de miljarden waard waren waarvoor ze eerst in de boeken stonden of niet? ,,Ze waren altijd al niks waard'', oordeelt Oosenbrug, ,,maar men wist het eerst blijkbaar aan de goegemeente gepresenteerd te krijgen alsof ze goud waren.''
Verzekeraars hebben weer hun eigen mogelijkheden om te goochelen met de cijfers. Bedrijven als ING, Fortis en Aegon beleggen hun vermogen, dat is opgebouwd uit de premies van polishouders. Het vervelende is nu dat de koersen van aandelen en de prijzen van obligaties steeds veranderen. Daardoor is het vermogen het ene jaar veel meer waard dan het andere. Geen nood, veel verzekeraars smeren hun beleggingsresultaten gewoon over jaren uit om zo een mooi beeld van gestage groei te tonen, dat niet wordt verstoord door uitslagen in de beurskoersen.
Geen goede praktijk, vindt Oosenbrug dit uitsmeren. ,,Je kunt niet het spaarvarken vet laten worden en weer laten leegstromen zoals het jou uitkomt. Bedrijven kunnen zo een winststijging laten zien, terwijl ze eigenlijk grote verliezen lijden omdat de beurzen zijn ingestort.'' Oosenbrug vindt dat de beleggingen ieder jaar tegen de actuele waarde in de boeken moeten staan. ,,Verzekeraars willen daar niet aan, met als argument: daar schrikken de mensen maar van.''
Het zou mooi zijn als de nieuwe boekhoudregels, volgens de IAS, verbetering zouden brengen. Reken er maar niet op, zegt Oosenbrug: ,,Ik heb heel weinig fiducie in dat systeem. De IAS is sterk theoretisch georiënteerd. De waarde van een onderneming wordt bepaald op basis van schattingen van de toekomstige opbrengsten.'' Drijfzand, vindt Oosenbrug, die liever in de boeken ziet wat een bedrijf op dit moment in de praktijk waard is.
De jaarcijfers zijn niet bepaald een bron van helderheid. En erger is, zegt Oosenbrug, de manier waarop die in de publiciteit komen. ,,De meeste financiële journalisten varen op het persbericht, ze bladeren snel nog even in het jaarverslag en dan moet het stukje de krant in. Maar in het persbericht staan vooral de dingen die het management wil laten opvallen, niet de negatieve zaken.'' Tijd om het jaarverslag te analyseren is er nauwelijks.
De opgewonden aandacht voor de cijfers en voor details in de boekhouding heeft een groot nadeel: tijdens persconferenties over het jaarverslag blijft vaak weinig aandacht over voor de echte activiteiten en plannen van bedrijven. Waar zien ze nieuwe markten, welke nieuwe producten ontwikkelen ze?
Bij Unilever kent men het probleem. ,,De financiële pers wil vooral precies weten wat van belang kan zijn voor de hoogte van het dividend'', zegt woordvoerder van Unilever. ,,Daarnaast is er niet zoveel ruimte voor nieuwe producten. We proberen onze activiteiten daarom ook in de rest van het jaar onder de aandacht te brengen.'' Fröhlich (Akzo Nobel) wijst op de mogelijkheid om tijdens beurzen, open dagen en evenementen duidelijk te maken wat Akzo Nobel doet.
Volgens Oosenbrug is de obsessie met cijfers het gevolg van de te grote speelruimte in de boekhoudingsregels. ,,Als je duidelijke wetgeving hebt volgens duidelijke normen, dan kun je vergelijken: Een bedrijf met een miljard winst heeft het dan beter gedaan dan een onderneming die honderd miljoen heeft verdiend. Zolang de regels niet duidelijk zijn, moet iedereen wegen zien te vinden om achter de echte cijfers te komen.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.