*

 

Stemmingmakerij tegen nieuwe Europeanen

Ryszard Daniël − 15/11/03, 00:00

De aanstaande lidstaten van de Europese Unie krijgen een kritische pers in het 'oude Europa'. Maar nieuwkomers zoals Polen nu al meten naar de EU-standaard is oneerlijk. Deel 14 in een serie over een zich verenigend Europa.

Trouw van 5 november stond weer eens vol van berichten en commentaren over de aanstaande nieuwe lidstaten van de EU, waaronder mijn geboorteland Polen.

De koppen zeiden al genoeg: 'Import BSE-vlees dreigt', 'Prestaties EU-kandidaten onder de maat', 'De Poolse staat is ziek', 'Verdwaald in de aardappelrepubliek'. In het laatste artikel, waarin Polen als een corrupt land wordt afgeschilderd, vraagt Trouws correspondente zich af waar het enthousiasme is gebleven, waarmee Polen de vrijheid en democratie omhelsde. Bij mij drong zich een andere vraag op: Waar is het begrip en de solidariteit gebleven waarmee Nederland begin jaren tachtig Polen te hulp schoot?

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat Nederland slechts zo lang aardig tegen een ander blijft zo lang het ondergeschikt is. Het is inderdaad waar dat er in Polen corruptie bestaat, maar daar valt meer over te zeggen. Ten eerste, corruptie is op dit moment onderwerp van een zeer brede en emotionele discussie in dat land, een discussie die bijvoorbeeld Nederland nooit heeft gehad. Het is even makkelijk als tendentieus om allerlei verdenkingen op te sommen die nu in de Poolse media opduiken, tot de geiten aan toe die een directrice van de sociale dienst in een Pools dorp op eigen erf hield in plaats van ze aan de armen te schenken. De beesten hebben vast nooit vermoed dat ze de Nederlandse pers zouden halen. Ten tweede, een land zoals Polen dat, na de enorme materiële en morele verwoestingen in de Tweede Wereldoorlog gevolgd door 45 jaar dictatuur, omschakelt naar de democratie, kan niet gelijk met dezelfde integriteitsmaten worden gemeten. Het verenigde Europa zal enige tijd zijn eigen 'wilde Oosten' moeten aanvaarden. De geschiedenis van de Verenigde Staten leert dat dit niet zo slecht hoeft af te lopen.

Ook de toon over de voedselkwaliteit uit de toetredende landen baart mij zorgen. Voedselveiligheid is uiteraard een legitieme en begrijpelijke wens van ons allemaal. De stemmingmakerij rond deze zaak in de Nederlandse media is echter bedenkelijk. De Poolse landbouw heeft een andere structuur en traditie dan de Nederlandse. Het is een kleinschalige landbouw, met kleine veestapels per bedrijf, en een verscheidenheid aan beesten en gewassen. Het is inderdaad moeilijk om in zo'n situatie een waterdicht controlesysteem op te zetten volgens EU-normen. Maar dat is maar de helft van het verhaal. De andere helft is dat dit kleinschalige systeem een gezonder, dier- en natuurvriendelijker en gewoon lekkerder voedsel produceert dan de grootschalige landbouw van een land als Nederland. Wie terugdenkt aan onze rampen met de BSE, de varkenspest en de pluimveeziekte herinnert zich dat er elke keer na afloop om kleinschaligheid werd geroepen. In Polen zijn de afstanden groter, de productie is plaatsgebonden met weinig gesjouw heen en weer. Een uitbraak van een veeziekte is daar ook makkelijker te lokaliseren en te isoleren dan in Nederland. Dit neemt niet weg dat het controlesysteem in Polen voor verbetering vatbaar is. De manier waarop deze zaak door de media en sommige politici wordt belicht, heeft echter meer weg van stemmingmakerij dan van een oprechte voorstelling.

Het is misschien goed om nog eens te beseffen dat de landen die nu tot de EU toetreden, bijna een halve eeuw een bufferzone vormden tussen het Westen en de Sovjet-Unie. Mede hierdoor kon ook Nederland zich ontwikkelen als vrij, democratisch land. Er mag dus wel iets tegenover staan. Bijvoorbeeld meer begrip en echte hulp en minder dreiging met vrijwaringsclausules en gesloten grenzen.

mailIcon print |