Ik had niets met begrafenissen, tot een jaar geleden onverwacht mijn eigen vader overleed. Wij namen als familie op een waardige en hele persoonlijke manier afscheid van hem. Ik was verrast en dankbaar met de steun die ik zelf kreeg. Het zijn momenten in je leven die je niet vergeet.
Enkele maanden daarvoor was een tante van mijn Vlaamse echtgenote overleden. Ze leek, net als mijn eigen vader, het eeuwige leven te hebben, zelfs na meerdere hartoperaties. Maar toen kwam die beroerte, gevolgd door nog een tweede. Het plantje lag te verwelken in een troosteloos ziekenhuisbed in Diest, de Vlaamse Oranjestad. Praten kon ze niet meer, eten of drinken evenmin.
Wij waren te laat voor haar uitvaart in het Mariabedevaartsoord Scherpenheuvel. In de zomer kun je er over de koppen lopen. Na de wijding van je voertuig door de pastoor, is de kans op een ongeval aanmerkelijk kleiner, denken veel Vlamingen. Vandaar dat ze daarna het gaspedaal nog wat dieper indrukken. En hoeveel anderen zullen in Scherpenheuvel geen wonderbaarlijke genezing hebben meegemaakt van een familielid, na het prevelen van een schietgebedje en het branden van een kaarsje voor Maria?
Voor tante mocht het allemaal niet baten. De dienst in de Onze Lieve Vrouwbasiliek was al bezig toen wij binnenkwamen. Zoals de traditie het wil, zaten de mannen rechts en de vrouwen en kinderen links in de kerk. Het was een mis zonder één persoonlijk woord. Haar enige zoon, een gepensioneerde militair en een fervent, maar weinig succesvol Weight Watcher, zat op de voorste rij. Hij toonde, voor zover ik het kon waarnemen, geen emotie. Na de uitvaart ging hij ook niet mee naar het kerkhof in het geboortedorp van zijn moeder. Zijn hart kon dat niet verwerken, beweerde hij stellig. Hij zou zich dan maar over de gasten voor de koffietafel ontfermen.
En dus reden wij als plichtsbewuste, verre familieleden in de lijkstoet naar het dorpje Assent. De kerk staat er naast café Congo, een naam die mij altijd weer nieuwsgierig maakt. Maar ik heb helaas nooit de moed gehad er binnen te stappen om te luisteren naar de sterke verhalen van de oud-kolonialen. Nu stonden we in de najaarskou op een kaal kerkhof met een eenzame schoondochter, een zus en drie neven. We liepen voorbij de kist die, zoals dat tegenwoordig gaat, pas later die dag in aarde zou zakken. Mijn oog viel op twee werklieden die, half zichtbaar achter een muurtje, leunend op een schop, stonden te wachten totdat het kleine, rouwende gezelschap was opgehoepeld.
Terug in Scherpenheuvel, zat het overgrote deel van familie en kennissen, die niet de moeite hadden genomen om op het kerkhof afscheid te nemen, te genieten van taart en broodjes. Begrafenissen zijn altijd wel een beetje een reünie, maar hier heerste een buitengewoon jolige stemming. De eerste pinten van de dag werden rondgedragen. De zoon, die de laatste reis van zijn moeder overmand door emoties niet aankon, gedroeg zich als een ceremoniemeester op een huwelijk. Zijn hart klopte vrolijk, in de wetenschap dat moeder hem een mooie erfenis had nagelaten. Ik herinner me dat in een van haar huizen langs de steenweg naar Diest ooit Daddy's Hobby gevestigd was. Geen café of winkel, maar een bordeel, zoals er wel meer zijn langs die weg. De uitbater of pooier had destijds ook een filiaal in de buurt van de Nederlandse grens.
Er werd die dag, en ook daarna, geen woord meer gerept over de overledene. Haar zoon spendeert zijn dagen tegenwoordig grotendeels achter de huiscomputer en stuurt onnozele verjaardags- en kerstkaarten rond. Druk, druk, druk. De klanten van café Congo hebben hem dan ook waarschijnlijk niet voorbij zien komen op Allerzielen, de dag dat de katholieken hun doden herdenken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.