AMSTERDAM - De Sint Maartenskliniek in Nijmegen wil een landelijke keten van orthopedische centra opzetten. Het ziekenhuis wil zo de lange wachtlijsten voor heup- en knieoperaties aanpakken.
De Nijmeegse kliniek, die haar plannen gisteren presenteerde, wil nog dit jaar beginnen met de bouw van het eerste en mogelijk ook al het tweede centrum. Binnen twee maanden hoopt de Sint Maartenskliniek de definitieve plannen en de locaties hiervan bekend te maken.
De bedoeling is dat er over vier of vijf jaar een landelijk netwerk van orthopedische klinieken moet zijn.
In elk centrum zullen jaarlijks 6000 tot 8000 operaties plaatsvinden. Dat is veel meer dan de 2500 orthopedische ingrepen die gemiddeld in een Nederlands ziekenhuis worden gedaan. De Sint Maartenskliniek denkt dat hoge aantal ingrepen te kunnen halen door efficiënt te werken.
Directeur W. de Bie: ,,We gaan alleen ingrepen doen die vooraf kunnen worden ingepland. Er komen geen spoedingrepen tussendoor, waardoor patiënten moeten worden afgezegd en het operatie-programma vertraging oploopt.''
Daarnaast mikt het ziekenhuis op grote behandelteams, met tien tot twaalf orthopedisch chirurgen.
Zodoende kunnen de artsen onderling de taken verdelen en zich op enkele specifieke ingrepen toeleggen. De Bie: ,,We werken zelf op deze manier en het blijkt dat onze orthopedisch chirurgen daardoor enkele tientallen procenten meer operaties doen dan elders.''
De Sint Maartenskliniek zoekt voor ieder centrum samenwerking met een ziekenhuis in de regio. Andere mogelijke partners zijn zorgverzekeraars of 'zorghotels', waar patiënten na een opname op adem kunnen komen. De orthopedische centra worden geen privé-klinieken, beklemtoont De Bie.
,,Iedereen kan er terecht, voor het hele scala aan orthopedische operaties.'' Wel ligt de nadruk op typische 'wachtlijstaandoeningen', zoals vervanging van heupen en knieën.
De Sint Maartenskliniek denkt snel te kunnen bouwen door de nieuwe klinieken te bestempelen als 'nevenvestiging'. Daarvoor is volgens De Bie geen afzonderlijke erkenning van de overheid nodig. Het ministerie van volksgezondheid is daarom alleen 'informeel' op de hoogte gebracht.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.