AMSTERDAM - Ondanks het optimisme in Brussel over een ophanden zijnd akkoord, is de kwestie rond Irans kernenergieprogramma nog niet uit de wereld. Teheran liet gisteren tenminste dreigende taal klinken: een aanval van Israël of de VS op zijn nucleaire installaties, zal worden gewroken.
Het lijkt erop dat Teheran, geconfronteerd met de realiteit van de herverkiezing van de Amerikaanse president Bush, dit weekeinde nog eens met Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië om de tafel is gaan zitten om te zien wat zij kan bereiken.
Iran wil het recht hebben zelf uranium te mogen verrijken. Washington is daar mordicus tegen. Verrijkt uranium is nodig voor het produceren van kernenergie, maar hoogverrijkt uranium kan worden gebruikt voor de aanmaak van kernwapens. En voor dat laatste zijn de Amerikanen bang, gegeven de geheimzinnnigheid waarmee het Iraanse programma is omgeven.
De oplossing die de Europeanen hebben aangeboden, is tweeledig: Iran krijgt vreedzame nucleaire technologie plus de benodigde brandstof (die eenmaal verbruikt weer wordt ingeleverd) én een handelsovereenkomst; in ruil daarvoor zou Teheran af moeten zien van verrijken van uranium. Breekpunt is hoelang zo'n moratorium op uraniumverrijking moet duren: 'voor altijd' (VS) of 'tijdelijk'(Iran).
Nu een akkoord met de Europeanen niet verder dan 'nabij' is gekomen, lijkt het erop dat het Duits-Frans-Britse trio zijn Iraanse gesprekspartner heeft voorgehouden dat verrijking er echt niet inzit. Dat verklaart ook de oorlogszuchtige taal die gisteren in Teheran te horen viel.
Daarmee dreigt de kwestie naar een climax te gaan. Als er voor 25 november geen doorbraak is, wil het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) in Wenen naar de VN-Veiligheidsraad stappen wegens de verrijking van uranium door Iran en de geheimzinnigheid rond zijn nucleaire programma. De V-raad zal dan worden gevraagd om sancties op te leggen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.