Het is 'dubieus' om de netten weg te halen bij de stroombedrijven. Zonder netten zijn ze vleugellam. ,,Wie moet er dan investeren in centrales?''
BAARN - Het kabinet is bezig gezonde Nederlandse stroombedrijven ,,om zeep te helpen'', zegt Jaap de Jong, energieconsultant bij The Boston Consulting Group (BCG). Minister van economische zaken Brinkhorst maakt volgens hem een ,,denkfout'' door de laagspanningsnetten bij de energiebedrijven weg te halen.
,,De bedrijven zullen zonder deze zekere inkomstenbron niet in staat zijn in nieuwe centrales te investeren'', stelt De Jong. Hij praat vrijer dan de bazen van Nuon, Essent en Eneco, die regelmatig op het ministerie van economische zaken langskomen. Brinkhorst stuurde hen deze week een onheilstijding die uitlekte: ze verliezen hun distributienetten, punt uit. Alleen de Tweede Kamer kan Brinkhorst van zijn voornemen afhouden.
,,Dubieus'', zegt De Jong. ,,De overheid kleedt gezonde bedrijven uit.'' De consultant met opdrachtgevers in de stroomwereld is geen onverdachte bron. ,,Maar de cijfers zijn objectief: die laten zien dat de vraag naar elektriciteit de komende jaren doorgroeit, terwijl het Nederlandse productiepark op het einde van zijn technische levensduur afstevent. Je moet voorkomen dat door onderinvesteringen een bom wordt gelegd onder de stroomsector.''
In het rapport 'Keeping the Lights on' waarschuwde The Boston Consulting Group vorig jaar voor het ergste: als we niets doen, dreigt rond 2007 een tekort aan capaciteit, met stroomuitval als doemscenario. In de ogen van De Jong schiet de discussie over de economische eigendom van de netten daarom haar doel voorbij.
Volgens De Jong moet er snel 'grootschalig' opwekvermogen worden bijgebouwd -het Internationaal Energie Agentschap (IEA) heeft berekend dat in Europa tot 2020 zo'n 250 miljard euro moet worden vrijgemaakt voor deze investeringen. Dat zijn bedragen die alleen kunnen worden opgebracht door bedrijven als Nuon, Essent en Eneco, die dankzij de distributienetten op hun balans nu nog financieel gezond zijn. ,,Wie moet die investeringen anders doen?'', vraagt De Jong zich af. Een goedkope centrale kost al gauw 500 miljoen euro.
Het verhaal klinkt als een klok, maar de minister ziet het anders. De Jong: ,,De overheid hanteert een verkeerd uitgangspunt.'' Zij denkt dat de leveringszekerheid, het onbelemmerde transport van stroom, het beste is gewaarborgd door een netbeheerder die volledig los staat van het handelsbedrijf. ,,Onzin'', zegt De Jong.
Ten eerste gebruikt de overheid een foutief argument, zegt de consultant: de grootste gevaren voor de leveringszekerheid doen zich voor in netten met hoog voltage, die stroom over grote afstanden transporteren -en niet in de distributienetten van de bedrijven die stroom onder lage spanning bij de klant afleveren. Verder is in Nederland de netbeheerder juridisch al van de commerciële afdeling losgemaakt.
,,Dat werkt. Toezichthouder DTe kijkt of de investeringen afdoende zijn, en kan boetes opleggen als de netbeheerder er een potje van maakt.'' De concurrenten hebben bovendien gegarandeerd toegang tot het net, aldus De Jong. ,,In Duitsland ontbreekt concurrentie ten enenmale.''
Het argument dat bedrijven mét netten een voorsprong nemen op concurrenten zonder, wuift De Jong weg. ,,De overheid moet keuzes maken: wil ze dat er geïnvesteerd wordt of niet? Zo ja, dan moet zij bestaande bedrijven groeimogelijkheden bieden.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.