Nederlanders moeten de politie blijven waarschuwen wanneer ze een verdacht pakje zien. De politie moet waakzame burgers hiervoor bedanken.
AMSTERDAM - Mike Granatt is deskundig in overheidscommunicatie. Hij werkte 25 jaar als topadviseur bij de Britse overheid -de laatste jaren was hij hoofd van de GICS, de nationale communicatiedienst. Hij heeft verschillende landen geadviseerd over hun overheidscommunicatie.
Toen 11 september 2001 de wereld veranderde had Engeland, vanwege de Ira, al ervaring met terrorisme. ,,Mijn kinderen hebben hun hele leven al te maken met de dreiging van terrorisme. En ik het grootste deel van mijn volwassen leven. Voor ons is het dus heel gewoon.''
Maar in Nederland, waar terrorismedreiging nieuw is, moeten mensen nog worden 'opgevoed' om met de veranderde situatie te kunnen leven. ,,Een lastige klus voor een overheid, waarvoor mensen van buiten de overheid best wat tolerantie mogen opbrengen'', zegt Granatt. Hij geeft adviezen over hoe overheden met de situatie kunnen omgaan en het vertrouwen van hun burgers behouden.
Er zijn de valse bommeldingen. Londen werd daar al eerder mee overspoeld. ,,De politie kreeg op zeker moment honderden valse meldingen per dag. Enkele waren van terroristen, maar de meeste van het publiek. Van mensen die genieten van de blauwe zwaailichten en de stilte die op hun melding volgt.''
Mensen die expres een valse bommelding doen, zijn kwaadaardig en dom. ,,Die meldingen helpen terroristen. Zij kunnen daaraan zien hoe de regering reageert. En het leidt de politie af. Een valse melder is asociaal. Mensen moeten zich juist verantwoordelijk voelen als lid van de samenleving en de overheid moet dat gevoel versterken'', zegt Granatt.
In Londen vroeg de overheid de media geen aandacht meer te besteden aan valse meldingen. ,,Dat hielp enorm.'' De valse melders zagen niet meer wat hun meldingen teweegbrachten en daardoor was de lol er snel af. Ook de Nederlandse overheid zou met de media in gesprek kunnen, stelt de Brit. ,,Je moet dan wel de redenen uitleggen van zo'n verzoek. En je kunt het ook alleen maar vragen, niet bevelen.''
Verder moet een overheid zo open mogelijk zijn over een dreiging, vindt hij, en dat is het moeilijkst. Sommige informatie kan de overheid niet met het publiek delen, omdat die terroristen in de kaart speelt bij het plannen of uitvoeren van hun misdaden of de opsporing belemmert. De overheid moet steeds laveren tussen openheid en geheimhouding.
Maar de overheid moet ook open durven zijn over wat zij niet kan, benadrukt Granatt ,,Dat ligt politiek moeilijk. Maar als het bijvoorbeeld voor iedereen duidelijk is dat we gevaar lopen, helpt een regering zichzelf niet door te zwijgen. Mensen raken niet in paniek als ze door hun overheid als volwassenen worden behandeld.''
De informatievoorziening moet daarom zo precies mogelijk zijn. Burgers moeten weten op wat voor soort voorwerpen of situaties ze moeten letten en wat ze zelf kunnen doen. Ook moeten ze genoeg informatie krijgen om het risico te kunnen inschatten.
,,Juist doordat mensen niet aan terroristische dreiging gewend zijn -het onbekende- kan een gevoel van angst geven. Terwijl in grote steden het risico op een aanslag veel kleiner kan zijn dan het risico dat je aangereden wordt bij het oversteken.'' De overheid moet uitleggen dat ze de risico's zo klein mogelijk houdt en dat ze snel reageert bij onraad.
Mike Granatt juicht het toe dat mensen aan de hand van tips van de overheid verdachte zaken melden, zelfs al gaat het om een brooddoosje op een verafgelegen stationnetje. Want alleen de politie kan een melding echt op z'n waarde schatten. En het melden toont dat mensen zich collectief verantwoordelijk voelen, vindt hij. De politie moet daarom altijd snel reageren en de melder bedanken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.