*

 

Wereldse megamix van dans en muziek

Sander Hiskemuller − 10/04/04, 00:00

De theaters worden de laatste jaren overspoeld met hiphop dansgroepen. Want hiphop is jong en jong heeft de toekomst, zo luidt het motto. Artistiek overstijgen deze hiphop acts meestal niet het niveau van een video van Britney Spears of van een streetdancelesje op een trendy sportschool. Bravoure en kunstjes -weliswaar razend knap uitgevoerd- maskeren dat de gemiddelde hiphop choreograaf op wat 'street credibility' na niet bijster veel te melden heeft. Hoe anders is dat gesteld met de Amerikaanse hiphop choreograaf Rennie Harris, dit weekend te gast in Amsterdam. Wat een verademing.

Opgegroeid in de getto's van Philadelphia, beschouwt Rennie Harris hiphop meer dan een puur fysieke ervaring. Hiphop is voor de choreograaf een 'way of life', een culturele uiting van een stedelijke multiculturele samenleving waarin migranten op zoek zijn naar het verwoorden van een gemeenschappelijke geschiedenis en mogelijke toekomst. Hiphop dans, waarin veel Afro-Amerikaanse, Caribische, latino en zelfs Aziatische invloeden te vinden zijn, is voor Harris de ultieme 'melting pot'. En, daar komt zijn engagement om de hoek kijken, hiphop kan daarmee misschien wel louterend werken in deze tijden van culturele polarisatie.

De Kaüba, het islamitische heiligdom in Mekka, is in videoprojectie en als decorstuk in 'Facing Mekka' een paar keer opvallend in beeld. Mekka, waar miljoenen pelgrims hun spirituele reis eindigen, staat voor Harris voor reflectie en bezinning. Hier start hij zijn eigen zoektocht naar de herkomst van hiphop door deconstructie van de vorm. Dat voert de choreograaf, zijn elf dansers en vijf muzikanten naar alle windstreken. In de muzikale score staat een dj met zijn draaitafels naast een Indiase tablaspeler, een celliste speelt naast een Cubaanse drummer en een human beatbox. Alle ritmes en toonsoorten zijn tot een merkwaardig, maar weergaloos knap soort wereldmuziek in elkaar 'gemegamixt'.

Eenzelfde soort procédé voert Harris in zijn dans. Afrikaanse dans, grondwerk uit de Braziliaanse gevechtsdans capoeira, Aziatische martial arts, gebroederlijk naast een tot in het extreme doorgevoerde headspin uit de breakdance. Hierbij beschikt Rennie Harris over buitengewone dansers, waarschijnlijk de besten in hun genre. Helaas blijven de mannen en vrouwen op toneel gescheiden opereren, alsof Harris bang was de bewegingskwaliteiten van de Afrikaans geschoolde danseressen te mengen met het acrobatisch machismo van de mannelijke hiphopper. Wat voor moois zou deze 'fusion' hebben opgeleverd?

'Facing Mekka' is grofkorrelig en wat al te rauw gemonteerd. Het eerste deel is 'up' en voelt als een viering vol energieke groepsdansen en opzwepende muziek. Het tweede deel is 'down' met muziek die in losse klankflodders tot spookachtig geluidsbehang desintegreert. Ook de videoprojecties worden grimmiger. Beelden van pelgrims in Mekka, joden bij de klaagmuur en feestende Afrikanen, maken plaats voor brandende huizen en lijken op straat. Het is duidelijk dat Rennie Harris weinig fiducie heeft in de toekomst van deze wereld. De abrupte overgang tussen de flitsende start en het ingetogen tweede deel zorgt voor een 'zakker' die pas op het allerlaatst met een fantastische solo van Harris zelf wordt opgeheven. Hierin combineert Harris zijn eigen hiphop specialisme 'popping', gekenmerkt door korte aangespannen bewegingen in de ledematen, met de grimassen van de Japanse avant-gardistische dansvorm butoh. Het resultaat is even aangrijpend als curieus, eindigend in een door merg en been gaande schreeuw om mondiale peace & understanding.

mailIcon print |