*

 

Het grote geld stroomt ongeremd

Gijs Moes − 14/02/04, 00:00

Geld moet rollen en het rolt daarheen waar het rendement het hoogst is. Regelgeving en toezicht zijn de obstakels in het financiële landschap, waar het geld als het even kan omheen stroomt.

Net als schoon drinkwater is zuiver geld een schaars goed. Grote voorraden zijn zwart, aan de belasting onttrokken of bedoeld om weg te sluizen naar financiële paradijzen of potentiële terroristen. Controle en toezicht kunnen deze vervuiling niet voorkomen. De toezichthouders, zoals de Autoriteit Financiële Markten, Belastingdienst en de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst, hebben het al druk genoeg met het testen van het water.

Daarbij gaat veel aandacht uit naar instellingen en organisaties die al relatief schoon zijn. Zelfs in de kristalheldere bergmeertjes van duurzame fondsen weet een kritische onderzoeker altijd wel een lichte verontreiniging te vinden. Ondertussen zijn er grote geldstromen die de regelgeving en het toezicht probleemloos ontwijken. Het Financieel Expertise Centrum wees gisteren op de stichtingen, onschuldig klinkende organisaties die echter ook voor kwalijke doelen gebruikt kunnen worden. Niemand weet wat de 138084 Nederlandse stichtingen eigenlijk doen met hun geld.

Ook het doen en laten van investeringsmaatschappijen, deze week in het nieuws vanwege hun belangstelling voor winkelconcern Vendex KBB en uitgever PCM, wordt nauwelijks gecontroleerd. De pogingen om goed ondernemen tot norm te maken, door de commissie Tabaksblat, gaan aan deze financiële krachtpatsers voorbij. Veelal treffen hun aandeelhouders elkaar alleen in besloten bijeenkomsten, zodat de buitenwereld geen indruk krijgt van de afwegingen die zij maken. Ook grote, bekende bedrijven als C & A en Aldi werken op deze manier. Niemand verplicht hun in het openbaar verantwoording af te leggen over de manier waarop zij ondernemen en hun zorg voor de samenleving en het milieu.

Opvallend is dat accountants, de meteropnemers van de financiële wereld, zelf nauwelijks publieke verantwoording afleggen. De 'grote vier' die wereldwijd de cijfers van multinationals opnemen -KPMG, Ernst & Young, Deloitte en PriceWaterhouseCoopers- zijn maatschappen. De buitenwereld heeft niets te maken met hun cijfers.

De aandacht van de politiek en van de media concentreert zich op de bedrijven die toch al in de schijnwerpers staan: de beursgenoteerde ondernemingen. Dezer dagen zijn ze, bij de presentatie van hun jaarcijfers, weer volop in beeld. Bedrijven die niet aan de beurs genoteerd zijn, stichtingen, maatschappen, maar ook coöperaties kunnen ondertussen rustig hun gang gaan.

Natuurlijk mogen rijke individuen, families en andere groepen zelf weten wat ze met hun vermogen doen. Maar de kracht van het grote geld, die het landschap economisch en sociaal vormgeeft, heeft publieke controle nodig. Anders dreigen mens en milieu kopje onder te gaan in de geldstromen op weg naar de hoogste winst.

mailIcon print |