*

 

'Banenexport helpt armen'

Van onze redactie economie − 16/06/04, 00:00

AMSTERDAM - Vier op de tien Europese bedrijven verplaatst dienstverlening naar andere regio's, zoals Oost-Europa en Azië. Het zijn vooral de Britse ondernemingen die de trend zetten.

Dat blijkt uit een gisteren gepubliceerd rapport van de Unctad (de VN-organisatie voor handel) en Roland Berger Strategy Consultants. Het onderzoek naar de zogeheten offshoring van diensten -gepresenteerd tijdens de elfde Unctad-conferentie in het Braziliaanse Sao Paulo- is het eerste onder Europese bedrijven. Het gaat daarbij om een steekproef bij de 500 grootste Europese ondernemingen.

Bedrijven met hun hoofdkwartier in Groot-Brittannië, de Benelux en Duitsland zijn goed voor bijna 90 procent van de offshoring. De Britten zijn goed voor 61 procent, de Benelux en Duitsland volgen op grote afstand met elk 14 procent van het aantal banen dat naar elders is of wordt overgebracht. Volgens Thomas Eichelman, beleidsmedewerker bij Roland Berger vallen de bedrijven in twee groepen uiteen: zij die al ervaring hebben met offshoring gaan daarmee door en de bedrijven zonder ervaring zijn ook niet van plan om werk te verplaatsen.

Van de ondervraagde bedrijven mét ervaring is 80 procent positief over de projecten, slechts

3 procent zegt de verkeerde keuze te hebben gemaakt. Een op de twee banen in de dienstverlening die worden verplaatst, verdwijnt niet uit Europa. Groot-Brittannië blijkt zowel een land te zijn dat arbeid verplaatst naar elders maar ook aantrekkelijk is om dienstverlening op te nemen. Daarnaast zijn Ierland, Portugal en Spanje doel voor de offshoring. In Oost-Europa worden vooral Polen, Hongarije en Roemenië genoemd. Bijna vier op de tien projecten betreft offshoring van diensten naar Azië, en dan hoofdzakelijk India.

In het verleden werd vooral administratieve afwerking of computerprogrammering overgebracht, inmiddels worden ook activiteiten als verkoop naar goedkopere landen overgedaan. Overigens is niet alleen de (loon)kostenpost de belangrijkste drijfveer voor verplaatsing van de arbeid. Verbetering van de kwaliteit van de dienstverlening, meer aandacht voor de kernactiviteiten en meer aandacht voor een land waar al een relatie mee is, worden ook als redenen genoemd. Opmerkelijk is dat een op de drie ondervraagden meldt dat de serviceverbetering door de offshoring groter is dan werd verwacht.

Voor arme landen geldt dat offshoring nieuwe kansen biedt. Volgens de onderzoekers kunnen weinig ontwikkelingslanden aan de eisen van de Europese bedrijven voldoen. Slagen ze wel dan kunnen ze een dienstensector opbouwen. Veel ontwikkelingslanden zijn nu nog geheel afhankelijk van de export van grondstoffen en landbouwproducten.

mailIcon print |