*

 

Knetemann wil Dekker in Athene zien fietsen

John Graat − 10/06/04, 00:00

BERGEIJK - Na jaren van kommer en kwel ging het hart van bondscoach Gerrie Knetemann tijdens het Nederlands kampioenschap tijdrijden eindelijk weer sneller kloppen. Thomas Dekker bevestigde gisteren in Bergeijk zijn status als aankomend wereldtopper. De 19-jarige amateur van de Rabobankploeg veroverde met een riante marge de titel bij de profs.

Knetemann hoefde na de ontknoping van het NK niet lang na te denken over de consequenties van het optreden van Dekker. De bondscoach wil hem op 18 augustus in Athene laten starten op de olympische tijdrit. ,,In het grote geweld van Ullrich, Millar en Armstrong is hij misschien nog wat te jong, maar deze jongen verdient het om daar te starten. Dit is een talent dat je zelden tegenkomt. Het zou stom zijn om daar niets mee te doen.''

Knetemann besefte echter dat hij 'een list' moet verzinnen. Als hij Dekker aanwijst voor de tijdrit -andere gegadigden zijn er niet- moet hij de jonge belofte ook opnemen in de ploeg voor de wegwedstrijd in Athene. Maar dat vindt Knetemann geen optie. Hij wil die selectie van vijf vormen uit de zes renners die zich genomineerd hebben via wereldbekerwedstrijden. Dit zijn Michael Boogerd, Erik Dekker, Servais Knaven, Tristan Hoffman, Leon van Bon en Max van Heeswijk.

De ontsnappingsroute die Knetemann voor ogen heeft is Dekker als reserve van de baanploeg mee te nemen. In dat geval zou hij de tijdrit als 'reserve' kunnen rijden en vervalt de verplichting hem ook in de wegwedstrijd op te stellen. Voor deze optie zal Knetemann op het bondsbureau echter nog een stevig robbertje moeten vechten met collega Peter Pieters. De baancoach wil de twee reserveplaatsen opvullen met de baanspecialisten Jos Pronk en Tim Veldt.

De claim van Pieters lijkt wat de kans op medailles betreft rechtvaardiger. Hoe fenomenaal de jonge Dekker zich dit seizoen ook profileert, reƫle kansen op een medaille zijn er niet. Zelf acht de Noord-Hollander zich goed genoeg voor 'plaats tien tot vijftien'. Dat is geen klassering die voor sportkoepel NOC-NSF uitzending rechtvaardigt. Ook voor het argument dat deelname voor Dekker een waardevolle ervaring voor de toekomst zou zijn, waar Knetemann nu mee schermt, is chef de mission Joop Alberda nooit gevoelig geweest. Op de Olympische Spelen is presteren belangrijker dan investeren.

Om die reden staat Dekker zelf ook niet zo te springen om in augustus door de Griekse hoofdstad te soleren. Diep in zijn hart geniet het WK eind september in Verona prioriteit. Daar wil hij zijn amateurtijd afsluiten met de wereldtitel tijdrijden, voordat hij volgend jaar verder gaat bij de beroepsrenners van de Rabobank. ,,Op de Spelen kan ik toch niet winnen. De olympische gedachte dat deelnemen belangrijker is dan winnen is leuk hoor, maar voor mij telt dat niet.''

Het talent uit Dirkshorn excelleert al het hele jaar in zijn specialisme. In de Ronde van de Algarve bleef hij slechts op 19 seconden van Lance Armstrong in een tijdrit van 27 kilometer. Met de eindzege in Olympia's Tour won hij vorige maand al zijn vierde internationale etappekoers. Van alle hooggespannen verwachtingen -de speaker in Bergeijk blies hem gisteren in zijn woordkeus op tot mythologische proporties- ligt Dekker geen seconde wakker. Zijn grootste kwaliteit is volgens zijn vader dat hij altijd de klok rond slaapt.

Gistermiddag sliep hij nog even twee uur voordat hij met een gemiddelde van 47,301 kilometer per uur over de Brabantse landwegen raasde. Onderweg haalde hij de Australische Nederlander Russell van Hout, onlangs achtste in de tijdrit van de Giro, in. Na ruim 55 kilometer was Dekker 1.15 minuut sneller dan Joost Posthuma (23), sinds een maand prof bij Rabobank. Bart Voskamp (36) completeerde het podium.

mailIcon print |