,,Het morele plichtsbesef van vroeger om te gaan stemmen is verdwenen: je hoeft niet meer voor de schone schijn te gaan stemmen. Dit is het gevolg van de maatschappelijke ontwikkelingen in Nederland en past in het postmoderne straatje van voorbije gezagsgetrouwheid, ontkerkelijking en ontzuiling.'' Aldus enkele zinnen uit het artikel 'Kiezers zijn massaal thuisgebleven.
Nou en?'(Podium, 11 juni). Ondanks dit verhaal blijf ik toch zitten met de zorgelijk tanende belangstelling voor politieke of maatschappelijke onderwerpen, die onder andere bij de opkomstpercentages bij verkiezingen tot uitdrukking komt. De belangstelling voor politiek en maatschappelijk nieuws is in een tijdsbestek van 25 jaar aanzienlijk verminderd, kranten worden minder gelezen en vaker opgezegd, politieke tribunes van raads-, staten- en Tweede-Kamervergaderingen blijven leeg; politieke partijen kampen met ledenverlies en voor maatschappelijke informatiebijeenkomsten komen maar weinig mensen opdagen. Politici tonen buiten de verkiezingstijd weinig belangstelling voor de inbreng van burgers, door zichzelf te vaak op een voetstuk te plaatsen. De democratie is dus wel degelijk in gevaar. Na iedere verkiezing waarbij het opkomstpercentage laag is, verklaren politici of politicologen dat er iets moet gebeuren. Maar daarna hoor je er niets meer van.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.