*

 

Bloemsdag 9

Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes − 16/06/04, 00:00

Een feuilleton naar James Joyce's 'Ulysses'

[Eumaeus]

Voorafschaduwend aan al de rest was meneer Bloem in het gezelschap van Anton in de algemene richting van de Nieuwmarkt gerepareerd, na het in ontvangst nemen van de oplawaai die hem (Anton) was toegediend van overactieve marinierszijde op de Wallen. Zo hadden zij omstreeks een uur lang hun wonden gelikt met zalvende warme drank tot het tijd was zich weer buitengaats te begeven.

Meneer Bloem keek op de caféklok. In gedachten trok hij de gebruikelijke twintig minuten á een half uur van de aangegeven tijd af, want in cafés zette men de klok altijd voor, om niet telkens overuren te hoeven draaien door dralende klanten, waarop trouwens tegenwoordig fikse boetes stonden en ook daadwerkelijk werden uitgedeeld. Hij zag dat het al flink laat in de vroege uurtjes werd, dus hij stelde Anton voor te vertrekken van hier. Zo gezegd, zo gedaan was het adagium en zo geschiedde. Er werd met het voorgeschreven decorum afgerekend, met fooi en al, nog steeds uit de zak van meneer Bloem, daar Anton tamelijk insolvabel en pecuniair platzak geworden was na zijn laatste aanvaring met koning Alcohol de Tweede en vrouwe Lucifera de Eerste (vooraf betalen graag). Anton hield de deur voor meneer Bloem open bij het vertrekken uit de openbare gelegenheid en eenmaal bij de taxistandplaats op de Nieuwmarkt aanbeland, besloten zij er een te nemen (een taxi, geen neut), richting domicilie Bloem.

[Ithaca]

Hoe verschafte meneer Bloem zich toegang tot zijn woning?

Ondanks het gemis aan toegangverschaffende middelen (sleutels, lopers, koevoeten, ruitentikkers, aksen, stormrammen, explosieven, anti-tankwapens, mortieren, schoenen van het merk Jehova's Getuige) wisten zij langs ingenieuze weg de woning te betreden. Bloem en Anton klommen over de schutting van de achteruitbouw van de studio van het vpro-televisieprogramma Jiskefet over het bitumen dak, ze lieten zich zakken naar het binnenplaatsje en klommen waaghalzend langs de regenpijp omhoog naar de tweede verdieping op het balkonnetje waar zij de deur die toegang tot de keuken bood in ontsloten staat aantroffen waardoor zij deze konden openschuiven. In de keuken dronken zij lapsang souchongthee, daar Anton geen trek had in de groene citroengrasthee die Bloem die ochtend had gekocht bij Lévelt.

Nodigde meneer Bloem Anton uit om te blijven slapen en ter bestemder plekke de nacht door te brengen op het opklapbed in Tilly's oude kamertje, dat nu dienst deed als opberghok?

Dat deed hij zeker doen, in huize Bloem, ontbijt op bed, de thee wordt vers gezet. Sorry, koffie.

En werd de uitnodiging tot een overnachting van Bloem aan Anton door Anton aanvaard?

Sorry, mange tak voor ingeting, spasiba bolsjoj, maar het was al bijna de moeite niet meer zo laat als het was en bovendien er is nog zoveel te doen op de

Op dev Waar? Waar is nog zoveel te doen? Of zijn we klaar? De S op 12 dus? Nee erachter:

[Penelope]

en laten we wel wezen zijn we voor ons verdriet hier of voor ons plezier nou dan o maar die eerste keer mijn hartje geraakte vol vuur zo exotisch was het erotisch bedoel ik maar exotisch ook hij rook naar vreemde landen heerlijk we zijn toch allemaal gelijk zeggen ze nou mooi niet en gelukkig niet ik zou dr helemaal mal van worden de hemelzijdank zijn er nog verschillen tussen mensen ik moet er niet aan denken dat we allemaal gelijk waren bloempie uit de jordaan waar de huizen in en boven op elkander staan met je huid als fluweel en je prachtige mond ben jij een juweel als ik nog nimmer vond lekkere zakken met krentenbrood en gewoon brood namen we mee en we stopten onderweg voor een ijssie allemaal dat lekkere he snoepkobussen waren we maanzaadkoekies en appelbeignets met een berg slagroom eten in het zomertuintje van kras o klaassie ja de nare dingen vergeet je de leuke onthou je en dat is maar goed ook ja wat nou

mailIcon print |