Meccano-liefhebber Henk Brouwer, een verzamelaar die museumdirecteur werd. Brouwer onderzoekt of er verband bestaat tussen het spelen met Meccano en de latere loopbaan (info@meccanoland.nl).
Aan de basis van menig museum staat een bevlogen verzamelaar. Neem het Kröller-Müller Museum in Otterlo. Als mevrouw Kröller-Müller niet zo fanatiek beeldende kunst had verzameld, hadden we nu geen wereldberoemd museum.
Dit is uiteraard een extreem voorbeeld, maar zo gaat het vaak wel. Iemand spaart iets leuks -speelgoed, alles op het gebied van kikkers of platen uit de jaren zestig- en op een gegeven moment roept de familie: 'Daar moet je iets mee doen!' Er komt een kleine expositie in de bibliotheek, de bezoekers zijn aangenaam verrast en voor je het weet, word je lid van de Nederlandse Museumvereniging.
Lid worden stelt wel wat meer voor dan het bordje aan de deur. De voorwaarden van de Museumvereniging (NMV) zijn gebaseerd op de internationale museumdefinitie. Een museum moet niet alleen een collectie hebben, maar ook informatie geven aan het publiek, iets aan onderzoek doen en er een fatsoenlijke bedrijfsvoering op na houden. In Nederland voldoet een kleine 900 musea aan die voorwaarden: daarvan zijn er 434 lid van de NMV.
Henk Brouwer uit Brummen is zo'n verzamelaar die 'museumdirecteur' werd. Van jongs af aan spaarde hij postzegels en bezocht hij jaarlijks de verzamelaarsbeurs in Utrecht. Daar zag hij 25 jaar geleden Meccano liggen, het speelgoed uit zijn jeugd. ,,De emotie van vroeger kwam helemaal terug. Ik kocht materiaal om nu eindelijk die grote block setting crane te bouwen waar je als kind gek mee werd gemaakt. Op alle dozen stond een foto van die kraan, maar je kon hem nooit maken, omdat je er zoveel materiaal voor nodig had en dat was in die tijd veel te kostbaar.''
De kiem voor een topcollectie was gelegd. Brouwer ging bijzondere stukken sparen, werd lid van het Meccanogilde Nederland en kwam in contact met de Toy Gallery in Brummen. ,,Daar heb ik nu een groot deel van mijn collectie liggen. In een speelgoedwinkel oude stijl waar je met je neus tegen de ruiten kunt staan.''
Ook de Toy Gallery is uit een particuliere verzameling ontstaan. Frans Schalkwijk spaarde antieke spellen en auto's, zijn broer Hans zocht het meer in antieke treinen en soldaatjes. Daarmee hadden ze her en der in Nederland tentoonstellingen, tot ze in 1994 in het Ambachtenmuseum in Barneveld exposeerden. Dat ging net verkassen en ze kregen de oude zolderverdieping aangeboden. ,,Sindsdien zijn we een vast museum, dat inmiddels naar Brummen is verhuisd.''
Rijk worden de broers er niet van. Integendeel. Een klein museum kost erg veel tijd en is vaak alleen in stand te houden met vrijwilligers. Schalkwijk: ,,Liefhebbersmusea denken zelden commercieel. De beheerders genieten van de eigen collectie en willen die met anderen delen.''
De Toy Gallery en het Meccanomuseum zijn bezig zich te laten registreren bij het Nederlands Museumregister -een soort keurmerk dat sinds een paar jaar bestaat. Er zijn zwaardere eisen aan verbonden dan aan het NMV-lidmaatschap, zoals een minimum aantal dagen dat het museum open is, het volgen van bepaalde cursussen en het hebben van gekwalificeerd personeel. Over een paar jaar is registratie een voorwaarde voor NMV-lidmaatschap.
Schalkwijk is heel eerlijk over zijn beoogde registratie. ,,Je valt in dezelfde categorie als een Rijksmuseum en dat geeft toch een bepaalde status waar je weer profijt van hebt op het gebied van bijvoorbeeld publiciteit. En het vergroot je kans op mogelijke subsidie. Verder is het nuttig voor de onderlinge contacten.''
Binnen de NMV is het Platform Kleine Musea actief. Paul van den Heuvel -van TV Toys in Zutphen- legt namens het platform uit dat de beheerder van een klein museum een soort duizendpoot moet zijn die niet alleen de financiën beheert, maar ook het personeel begeleidt en met het bestuur onderhandelt. ,,Het bestuur heeft niet altijd in de gaten wat er op de werkvloer speelt. Dat het moeilijk is om vrijwilligers te vinden, bijvoorbeeld.''
Ter ondersteuning van de kleine musea organiseert het platform contactdagen over uiteenlopende onderwerpen: omgang met het bestuur, voorlichting over beveiliging of het op peil houden van de collectie.
Een ander onderwerp is hoe musea elkaar kunnen versterken. Van den Heuvel en drie andere musea geven het goede voorbeeld: TV Toys, de Toy Gallery, het Speelgoed- en Blikmuseum in Deventer en het Poppenspelmuseum in Vorchten lanceren op 17 april de Speelgoedroute, een route langs musea en winkels aan de IJssel die allemaal iets met speelgoed te maken hebben.
Ook de Meccanocollectie die Brouwer in een expositieruimte bij hem thuis in Ellecom heeft liggen, maakt deel uit van de route. Hij hoopt dat er zo nog meer mensen van zijn verzameling genieten. ,,Als je ziet hoe leuk bezoekers het vinden, dat is echt kicken. Veel verzamelaars houden alles thuis, maar ik wilde er iets meer mee doen. Dat doe ik kennelijk niet voor niks en dat geeft voldoening.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.