De VVD speelt momenteel een leidende rol in het publieke debat. Zij durft in de lastige kwesties van deze tijd positie te kiezen en vertoont de dynamiek van een partij die in beweging is. Zo vanzelfsprekend als het lijkt is dat niet. Net als de PvdA en D66 kreeg de VVD de afgelopen jaren harde electorale klappen. Daarbij werd de verwachting de bodem ingeslagen dat zij de grootste partij van het land zou worden. Het lichte herstel in 2003 was onvoldoende om die hoop nieuw leven in te blazen en het verbleekte bij de spectaculaire wederopstanding van de PvdA. Toch klaagde de sociaal-democraat Duivesteijn deze week over de 'diepe depressie' en de 'ideologische leegte' waarin hij en links na Fortuyn zijn beland. Zelfs de gunstige stand van zijn partij in de peilingen kan zijn gemoed niet verlichten. Integendeel. 'We zitten in de peilingen gevangen, zoals we altijd gevangen hebben gezeten in de polls.'
Het verschil in gemoedstoestand is wel begrijpelijk, als we de John Rawls-lezing er nog even bij pakken die de liberaal Bolkestein vorig jaar november in Utrecht uitsprak. Feitelijk was dat een grafrede bij de teloorgang van de idealen waarvoor Duivesteijn zijn politieke leven lang heeft gestreden: een samenleving met gelijke kansen voor iedereen, zonder armoede en ongelijkheid van inkomen, zonder egoïsme, open en multicultureel. Bolkestein wilde niet ontkennen dat degenen die zo'n samenleving nastreefden dat deden met de beste bedoelingen, maar nu kon iedereen toch wel zien tot wat voor narigheid dat heeft geleid: een knuffelstaat met een te hoge werkloosheid, uitkeringen als hangmatten en een doorgeslagen tolerantie tegenover immigranten.
De Amsterdamse liberaal was zo eerlijk te erkennen dat ook de VVD zwaar onder de invloed van Rawls, de filosoof van de verzorgingsstaat, heeft gestaan. Daarom draaide de rede niet helemaal uit op een filippica tegen de linkse geest van de jaren zeventig, maar bevatte zij vooral een oproep aan zijn geestverwanten tot herbezinnig op de liberale koers. In de ogen van Bolkestein is zowel de verzorgingsstaat als de multiculturele samenleving op haar grenzen gestuit. Als het hem ligt, keren de liberalen terug tot een van de belangrijkste bronnen, Adam Smith, de grondlegger van de markteconomie. Smith nam als uitgangspunt dat de mens ernaar neigt het eigenbelang voorop te stellen. Ontzag voor anderen en generositeit zijn hem niet vreemd, maar deze drijfveren komen meestal op de tweede plaats.
In de afgelopen tien jaar is Bolkestein consistent gebleven in zijn denkbeelden, maar hij heeft onvoldoende gedaan om zijn partij op dat spoor te krijgen. Vermoedelijk had hij daar het geduld niet voor. Maar na de zware terugslag in 2002 komt de partij naar hem toe. Zij volgt hem niet alleen in zijn visie op de integratiekwestie (vorige week beschreven op deze plaats), maar gaat ook ver mee in zijn kijk op de verzorgingsstaat en de overlegeconomie. Het was al opvallend hoe onbeschroomd vice-premier Zalm zich in de eerste Miljoenennota van Balkenende II spiegelde aan de Amerikaanse economische orde, die minder (sociale) obstakels kent dan ons Rijnlandse model en daarom een hogere groei kan genereren. In het zicht van de vergrijzing, die een groot beslag zal leggen op de nationale middelen, keek de minister van financiƫn daar jaloers naar.
Bolkestein fulmineerde al in het begin van de jaren negentig tegen de Nederlandse overlegeconomie, omdat dit model de dynamiek van de economie in de weg zou staan. In zijn Rawls-lezing trok hij zelfs het morele gehalte ervan in twijfel, omdat het hoge arbeidskosten meebrengt en dus ook veel werkloosheid. Miljoenen Europeanen met talent en ambitie vinden geen werk, zei hij, omdat het Europese model hun geen kans geeft. Het zoekt wel sociale gerechtigheid als tegenwicht tegen de waarde van groei, maar het brengt sociale uitsluiting. Met andere woorden, we zouden ons iets minder moeten afzetten tegen wat we smalend aanduiden als 'Amerikaanse toestanden'.
Vier jaar terug kwam de denktank van de VVD na een vergelijkend onderzoek nog tot de conclusie dat het verkieslijk is het Amerikaanse surplus aan economische dynamiek en welvaart weg te strepen tegen gematigde inkomensverhoudingen en welzijn. De Amerikanen mogen dan wel meer presteren, de inkomensverdeling is veel schever dan hier. Dat willen we hier dus niet, concludeerde de liberale staatssecretaris van sociale zaken Rutte. Maar de vraag is of dat de dominante opvatting in de VVD zal blijven. Volgens Bolkestein kunnen we veel van de Amerikanen leren en moeten we dat ook doen, omdat de verzorgingsstaat zich moeilijk verdraagt met de immigratie. De VVD-fractie heeft die gedachte overgenomen. Zij zegt dat in het vangnet van onze sociale voorzieningen zelfs de meest welwillende immmigrant verstrikt raakt.
Bolkestein stelt ons dus een rauwere samenleving in het vooruitzicht, een kapitalisme naar angelsaksisch snit. Dat perspectief is ver van het bed van Adri Duivesteijn, maar wonderlijk genoeg kan hij daar niet veel meer tegenover stellen dan wat de filosoof Ankersmit vorige week in NRC noemde 'een politiek van morele verontwaardiging'. Die politiek bevat veel retoriek, maar mist een krachtige eigen overtuiging en het vermogen tot het leveren van architectonische kritiek, waardoor de liberalen in het publieke debat weinig weerwerk krijgen. Niet alleen links staat met lege handen, ook de christen-democraten laten zich in het defensief drijven, te zeer geobsedeerd door de heroverde machtspositie. Nu Bolkestein in de VVD weer school maakt, is het ook voor hun zaak alert te zijn, omdat zijn aanvallen hun visie op de samenleving in de ziel raken. CDA-fractieleider Verhagen moet zich dus losmaken van zijn rol als chef de bureau van Balkenende, anders wacht zijn partij hetzelfde lot als de PvdA in 2002.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.