*

 

De Veluwe ruikt naar herfst

Bert van Panhuis − 09/10/04, 00:00

De heide is op zijn prachtigste paars, het zand straalt in de middagzon en de bossen ruiken na wat regen naar de herfst. Het is de ideale ambiance voor de verkenning van de zuidoostelijke zoom van Nederlands mooiste natuurgebied, de Veluwe.

De Veluwezoom, het gebied in de driehoek Arnhem-Zutphen-Apeldoorn verheugt zich deze zaterdag in de belangstelling van honderden fietsers en wandelaars. Voor de herfst met zijn onstuimigheid toeslaat moet de misschien wel laatste mooie worden benut. Wij beginnen in Dieren, de plaats waar in de 17de eeuw de Oranjes het jachtslot Huis te Dieren hadden. Vandaaruit trokken de jachtstoeten de Veluwe over langs speciaal aangelegde wegen.

Van het slot is niets meer over dan een vervallen stuk koningsmuur. We laten de restanten voor wat ze zijn en steken vanaf de zuidzijde van het station de spoorlijn Arnhem-Zutphen over en duiken via een heuvelachtig bospad het natuurgebied Twickel in. Bij ANWB-paddestoel 23929 is het oppassen geblazen. Slechts met moeite ontdekken we het bemoste bordje van de Veluwezoomroute dat ons naar links wijst.

Pannenkoekenhuis Carolinahoeve heeft een rijke, met de Oranjes verbonden historie. Carolina was de enige volwassen geworden dochter van Willem IV. De hoeve was er voornamelijk om de jachtstoet te laten verpozen en om paarden te laten wisselen. Het was later nog even een pension, waar bijvoorbeeld Wim Kan en Corry Vonk 26 jaar te gast waren. Een familie met de fraaie naam Just de la Paisires dient er nu pannenkoeken op en aan de animo te zien met succes.

Een modderig zandpad met veel boomwortels leidt onder de rook van De Steeg van de route af naar het landgoed Rhederoord. We zijn erg benieuwd, vooral na het lovende artikel, dat we onlangs lazen over de manier waarop hier culinaire hoogstandjes met biologische teelt worden geleverd. We hadden de lamsbout of kalfshaas graag uitgeprobeerd, ware het niet dat er slechts aan grotere partijen wordt geserveerd.

Een etensbodem in de maag was van pas gekomen, want het wordt flink klimmen door een glooiend gebied met heide en stuifduin en met een fiets zonder versnelling is het niet te doen. Het oogt een beetje desolaat en het vele naaldbos belooft weinig herfstkleur. Hier staat de bekende Posbank, ter nagedachtenis aan de oud-voorzitter van de ANWB, en een prachtig paviljoen met dezelfde naam van de Vereniging Natuurmonumenten. We passeren een groep bijenkorven, iets wat natuurlijk in een heideomgeving niet mag ontbreken. Een brandtoren markeert het hoogste punt van de Veluwe, 110 meter boven NAP.

Dwars door de Imbosch, waar Schotse Hooglanders het gras kort en het bos open houden voert de route langs de Loenermark. Een mark is een gemeenschappelijk heidegebied waar de Veluwse dorpsbewoners hun schapen lieten grazen. In de schaapskooien werden heideplaggen gebruikt om de mest op te vangen. Met de intrede van de kunstmest werd deze bemesting overbodig. De Loenermark bleef nog het langst gehandhaafd, tot 1932, toen Apeldoorn het van de Loenenaren kocht -voor 34,75 gulden aan elke van de bewoners- om er eerst vuil te storten en er later een natuurgebied van te maken. Het gebied van de Loenermark is een lusthof voor de liefhebber van flora en fauna. Het Gelders Landschap heeft het onder zijn beheer.

Even verderop is het weer opletten, want de routebordjes zijn niet erg duidelijk aangebracht. Bij paddestoel 24508, waar een bankje met een prullenbak staat moet de routefietser naar links de onverharde weg op en niet, zoals men verwacht, naar rechts de richting van Loenen op. Want eerst is er nog een naar herfst ruikend stukje Loenense Bos. Aan het begin van het dorp Loenen is wat te eten of te drinken bij Den Eikenboom.

Bij Eerbeek, dat zich omhoog heeft gewerkt via de papierindustrie, maakt het Apeldoorns Kanaal een grote bocht. Waterfietsen liggen hier onbenut te wachten op een betere zomer van 2005. Langs de weg naar Hall valt ons oog op het ABK-huis, waar natuurvrienden onder de paraplu van de Nivon kunnen overnachten. Hall zelf heeft een trekpleister in de laatgotische Ludgeruskerk, die uit de 14de eeuw stamt. Opmerkelijk zijn de geschilderde gewelven met de vier evangelisten Matteus, Markus, Lukas en Johannes en hun symbolen. Ze worden omlijst met toortsvormige bloemtakken met levensechte vogelfiguren.

Door landerijen gaat het naar, voor ons, het eindpunt Brummen. Hier treffen we landgoed De Engelenburg, dit jaar tot Kasteel van 2004 gekozen. De Engelenburg heeft als voorbeeld gediend voor paleis 't Loo. Aan het eind van de 18de eeuw was het het hoofdkwartier van de patriotten van Gelderland. De kanonnen op het bordes herinneren aan die tijd. Nu wordt er een Engelse High Tea geserveerd en kan de liehebber van Schotse whisky er meedoen aan een traditionele nosing and tasting. Brummen is rijk aan landgoederen, landhuizen en oude grote villa's. Met deze keur aan gerestaureerde en geconserveerde monumenten kan Gelderland zich geen fraaier hart wensen.

mailIcon print |