*

 

Gelukkig oud worden, hoe doe je dat? Zeker als de ouderdom met gebreken komt, is het niet altijd makkelijk.

door JONATHAN HUSEMAN − 25/03/04, 00:00

Steeds meer bejaarden krijgen steeds meer (chronische) ziektes. Dat is geen prettige gedachte, want ouderdom is ons aller voorland. Maar wat doe je eraan? Je begint ermee bejaarden geen bejaarden te noemen, maar ouderen of senioren. Dat voelt al een stuk beter. En daarna bied je een cursus aan: gelukkig oud worden. Dat is kort door de bocht wat Henrike Elzen, als onderdeel van haar promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen, met ouderen onderneemt.

In haar cursus 'Grip op lijf en leven' richt ze zich op patiënten van zestig jaar en ouder die met meerdere chronische ziekten kampen. Het is een van de drie onderzoeken die momenteel worden gedaan met het doel ouderen een gelukkiger oude dag te geven. In Utrecht draait 'Op weg naar de gouden jaren' voor ouderen tussen de vijftig en vijfenzeventig, een cursus die vooral aandacht besteedt aan 'zinvolle levensinvulling'. Ook in Groningen moet 'Geef je leven een beetje meer glans' vrouwen van boven de zestig ondersteunen bij het behoud, en liefst ook de uitbreiding, van sociale contacten. Elzen en de haren bieden dus meer dan zomaar een cursus gelukkig (oud) worden. Maar, erkent de psychologe, uiteindelijk is een gelukkiger oude dag wél het doel.

'Grip op lijf en leven' werd tien jaar geleden ontwikkeld in de Verenigde Staten, enerzijds om te voorkomen dat ouderen onnodig een beroep doen op de zorg, of het nu dokters of fysiotherapeuten zijn, anderzijds om ze zich opgewekter te laten voelen. In landen als Groot-Brittannië, Canada, Australië, maar ook in China, is de cursus al gemeengoed. De vernieuwing ten opzichte van de duizenden andere cursussen zit hem erin dat deze cursus niet 'aandoeningsspecifiek' is, dus alléén voor reumapatiënten of alléén voor diabetici, maar patiënten behandelt die minstens twee chronische aandoeningen hebben. ,,Hoe meer hoe beter zeg ik dan!'', lacht Elzen (30). Patiënten met reuma, artrose, longemfyseem/astma, hartfalen/angina pectoris en diabetes komen voor het onderzoek in aanmerking. Als de cursus in gebruik genomen wordt, is iedereen met welke chronische ziekte dan ook welkom.

Elzen vertaalde het programma naar Nederlandse omstandigheden. De eindeloze rijen voedseltabellen gingen eruit. Euthanasie voegde Elzen toe, nadat haar Nederlandse proefpersonen daaraan behoefte bleken te hebben, evenals aan een paragraaf over schaamte, die Elzen later zal invoegen. ,,Als je niet over euthanasie wilt lezen, dan sla je dat stuk toch lekker over?'' Het resulteerde in een dik cursusboek van bijna vierhonderd pagina's. De cursus bestaat uit zes bijeenkomsten van tweeënhalf uur, die door twee 'docenten' wordt gegeven. Elzen volgde een opleiding aan de Stanford University, en het idee is dat zij straks anderen opleidt tot cursusleider, het liefst een chronisch zieke. ,,Ik begin altijd te zeggen: ik ben Henrike, en ik heb eczeem. Anders is de reactie vaak: ammehoela, jij hebt makkelijk praten!''

Een training is hoognodig, meent Elzen. In de VS heeft iemand van boven de 65 gemiddeld 2,2 chronische aandoening. De vergrijzing zal het aantal patiënten met meer dan één chronische ziekte doen stijgen. En daarop is het huidige gezondheidssysteem volgens Elzen totaal niet berekend. Die richt zich op acute aandoeningen; probleem weghalen, klaar. ,,Als dat niet verandert, gaat het hier erg fout. Wij hopen dat te ondervangen door patiënten zelfstandiger te maken. Zodat ze niet te snel bij de dokter aan de bel trekken, en zeker ook niet te laat. Een patiënt moet weten: nu zit het fout en moet ik, hup, naar de dokter.''

Dat oogt riskant. Stimuleert ze bij patiënten niet de gedachte dat de klacht wel meevalt? Nee, zegt Elzen. Neem vermoeidheid. Sommige zieken doen meteen niets meer omdat ze zo moe zijn. Maar juist daardoor gaat hun conditie (nog verder) achteruit, waardoor ze zich nog eerder vermoeid voelen en in een neerwaartse spiraal belanden. ,,Wij zeggen dan: probeer door te zetten binnen uw mogelijkheden.'' De theorie is dat een patiënt zijn grenzen kent, en dat het verre van deprimerend werkt om te zien hoe anderen, ouder dan jij, soms meer kunnen. ,,Ze zijn heel reëel, patiënten weten over het algemeen wat ze van zichzelf kunnen verwachten. Ze stimuleren elkaar juist. En natuurlijk moet je iemand die juist een hartinfarct achter de rug heeft en nu klaagt over pijn op de borst niet laten doorlopen. Dat is nu juist het doel. De ouderen symptomen leren herkennen zodat ze weten: nu naar de dokter!''

De cursus veronderstelt de pure medische problemen als bekend. Het is meer een brainstorm van ervaringsdeskundigen over hoe met de ziekte om te gaan, zoals de titel van hoofdstuk 5 van het boek aangeeft: 'Uw gedachten gebruiken om met die symptomen om te gaan'. ,,Hoe erg de pijn is, hoe de insulinespuit werkt, dat weten de meeste deelnemers al. Het draait nu om de dagelijkse gevolgen van chronische ziekten. Hoe treed ik een arts tegemoet, hoe ga ik om met vermoeidheid, met medicijnen. Deelnemers geven elkaar tips: neem een begeleider mee, schrijf de vragen van tevoren op.''

,,Dat we het verschil tussen acute en chronische aandoeningen nog eens uitleggen kan geen kwaad. Het blijft goed om te horen dat pieken en dalen bij hun ziekte horen. Het is niet als met blindedarm: snijden, weghalen, dichtnaaien, medicijnen, klaar.''

De cursus maakt deel uit van een onderzoek waarin Elzen bekijkt of het van oorsprong Amerikaanse model werkt. In de VS bleken chronisch zieke bejaarden baat te hebben bij de cursus. De deelnemers schatten na afloop hun gezondheid beter in, deden minder een beroep op de zorg, voelden zich minder moe en somber, waren actiever en hadden beter overleg met hun arts. Precies de doelen die Elzen zich met de cursus stelt.

Ontspanningsoefeningen, de ervaren woede ('Waarom heb ik dit!') onder controle brengen, bewegingsoefeningen, het moet de klant allemaal beter doen voelen. Een belangrijk onderdeel is doelen stellen om een 'succeservaring' op te doen. Enige voorwaarde, het moet een realistische doel zijn dat de patiënt zelf wil bereiken, en niet door de dokter is ingegeven. Wandelen in het park, de vakantiefoto's inplakken of het tafelzilver poetsen; het is allemaal prima. Het gaat om succes en niet om gedragsveranderingen als stoppen met roken, afvallen of andere ontwenningen, die na een lang leven amper kans van slagen hebben.

De kleine successen geven de patiënten het vertrouwen dat als ze iets willen, dat ook kan. Daardoor bezien patiënten, is de ervaring, de gevolgen van hun ziekte op een positievere wijze en zoeken ze oplossingen voor de problemen. Elzen: ,,Wij leggen uit dat vermoeidheid verschillende oorzaken kan hebben, dat het niet per se aan de aandoening ligt. Ze verbreden hun blik. Wij zoeken niet naar die oorzaak, maar proberen aan te dragen wat iemand zelf kan doen. Hun kleinkind bezoeken bijvoorbeeld. Dat kan een gesteld doel zijn én kan energie en vreugde geven.''

Het hele sociale aspect van de cursus -herkenning, begrip voor elkaar- bieden andere cursussen, biljartclubs of theekransjes toch ook? ,,Ik heb gemerkt dat dit programma rust biedt. En relativering. Een patiënte zei: 'Als ik dit hier zo hoor, ben ik blij dat ik maar diabetes heb.' En bij de meeste cursussen is het effect zó weg. Dit vertrouwen werkt door.'' Het plan is de training bij bewezen succes binnen de thuiszorg aan te bieden, of bij revalidatie.

Stel dat uit het promotieonderzoek blijkt dat de cursus niet werkt? ,,Ja, eh, dat is dan heel jammer, maar als mijn data-analyse het tegendeel uitwijst... Ook dat is onderzoek doen: uitvinden dat iets niet werkt. Natuurlijk hoop ik op het tegendeel. Tijdens een voorgesprek bleek een mevrouw best verdrietig te zijn, ongelukkig. Die zág je tijdens de cursus opbloeien! Ze krabbelde echt uit een dal. Dus zelfs al bewijs ik dadelijk geen effect, daarvoor doe ik het.''

De cursus zit nog in een experimentele fase en wordt nog niet in het hele land gegeven. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Henrike Elzen, tel. 050 3619038.

mailIcon print |