Sinds de oorlog in Bosnie (1991-1995) is er van het systeem van ouderenzorg niets meer over. Bejaardentehuizen bestaan niet mer. Ouderen blijven noodgedwongen thuis wonen, ook als ze gehandicapt of ziek zijn. In de industriestad Zenica bieden vrijwilligers van de stichting Ruhama enige verlichting in de vorm van 'thuiszorg. Het project krijgt hulp uit Nederland.
Koolsoep zonder telefoon
Hasam en Zubejda Cerim wonen in de bergen buiten de stad. Vanaf het lemen huis heb je zicht op de schoorstenen en fabrieken van Zenica. Veel fabrieken zijn gesloten. Er heerst grote werkloosheid. Het echtpaar Cerim staat in de deuropening op de vrijwilligster van Ruhama te wachten. In huis is het schemerig. De geur van koolsoep vult de ruimte. Oud-mijnwerker Hassam (76) is geopereerd aan beide ogen en heeft bronchitis. Zijn vrouw Zubejda (70) is al jaren blind en lijdt aan diabetes. Ze hebben geen kinderen.
Hasam haalt herinneringen op aan de oorlog. ,,Opeens hoorden we van de buren dat het oorlog was. Oorlog? vroeg ik. Wij wisten nergens van. Veel mensen hadden zich voorbereid. Ze hadden voedselvoorraden; wij hadden niks. Soms was er drie dagen achter elkaar geen eten. Dan kwam de buurman met aardappels, een wortel of wat meel. Hij is katholiek en wij zijn moslims. Ons maakt dat niets uit.''
Voor Ruhama hoort het echtpaar Cerim bij de 'sociale gevallen.' Hoewel medische hulp op dit moment nauwelijks nodig is, houden vrijwilligers de twee goed in de gaten. Het echtpaar heeft geen telefoon en kan in geval van nood geen alarm slaan. Hasam: ,,We hoorden laatst dat je als blinde recht hebt op gratis telefoon. Maar wat moeten wij ermee? Wie zouden wij moeten bellen?''
Voor alle spiergroepen
Seval Bjeloglavic met vrijwilligster Alma Hodzic.
Het huis ligt hoger op de helling en is alleen te voet bereikbaar. In de krappe huiskamer van Seval Bjeloglavic staat het blauw van de rook. Het zondagse bezoek zit aan de koffie. Bjeloglavic (53) negeert het gepraat en probeert zijn hemd uit te trekken. Het gaat moeizaam. Totdat hij ziek werd, was Bjeloglavic voorman in de steenkolenmijnen. Nu leeft hij van een pensioen van 70 euro per maand.
Bjeloglavic lijdt aan Parkinson. Jarenlang weigerde hij een dokter te bezoeken. Inmiddels is de ziekte zover voortgeschreden dat de artsen niets meer kunnen doen. Praten gaat niet meer, eten nauwelijks. Bjeloglavic heeft elke dag pijn.
Het enige wat verlichting brengt, zijn de massages van vrijwilligster Hodzic. Zwijgend geeft ze alle spiergroepen een beurt. Ze is niet geschoold voor dit werk, vertelt Hodzic. ,,Ik kom uit Banja Luka. In de oorlog moesten we vluchten naar Duitsland. Daar heb ik een opleiding tot crècheleidster gedaan. Maar daarin is hier geen werk te vinden.''
Tekst en de foto's van Ziyo Gafic op deze pagina zijn aangeleverd mede via de hulporganisatie Vastenaktie/Cordaid, die het besproken project in Zenica ondersteunt.
www.vastenaktie.nl
Van Tito blijf ik houden
Ruhama heeft ook veel klanten in Zenica zelf. Ze bewonen eenkamerflatjes in de grijze woonkazernes aan de rand van de stad. Voormalig kokkin Mara Nicolic (73) woont in haar eentje op de zevende verdieping. De lift doet het al een tijd niet.
Ze is herstellende van een heupoperatie en heeft artrose. Zonder hulp kan ze niet lopen. Ze brengt haar dagen op het divanbed door. Met haar stok kan Nicolic het plastic bakje eten naar zich toetrekken. Twee keer per dag krijgt ze bezoek van iemand van de thuiszorgorganisatie.
Zodra ze de sleutel in het slot hoort, veert Nicolic half overeind. De vrijwilligster schuift de gordijnen open. Er hangt een vage urinegeur. Nicolic moet oefeningen doen met haar knie. ,,Ik ben twee jaar geleden geopereerd,'' vertelt ze. ,,Eerst kon ik helemaal niks, maar sinds een paar maanden kan ik een beetje bewegen.'' Terwijl ze probeert te gaan staan, praat ze honderduit. Boven het bed hangt een reusachtig schilderij van Tito. ,,Ik hou van Tito en ik blijf van hem houden,'' wijst ze.
Het is vier uur. Het bed is opgeschud, de beker bijgevuld. De gordijnen gaan weer dicht. Alleen de televisie geeft licht. Als ze wil gaan slapen, kan Nicolic hem uitzetten. Morgenochtend komt er weer een vrijwilliger langs.
De hele nacht gehuild
Veel patiënten waren wekenlang onbereikbaar door de sneeuw. Vandaag dooit het. Vrijwilligster Alma Hodzic rijdt in haar oude Fiatje door de papperige sneeuw omhoog. Ze werkt voor de Bosnische thuiszorgorganisatie Ruhama en heeft nogal wat patiënten in de bergen rondom.
Hodzic bezoekt hen -als het weer het toelaat- enkele keren per week. Ze brengt medicijnen, behandelt wonden, helpt met wassen en eten. Voor veel patiënten is de komst van de vrijwilligers van Ruhama de laatste strohalm. ,,Je ziet dat je hulp hard nodig is'', zegt Hodzic.
Bij het huis van Jure Markovic (93) ligt de sneeuw kniediep. De oude mijnwerker was in goeden doen, totdat hij vorige herfst zijn heup brak. Sindsdien ligt hij op bed. ,,Voor een operatie is hij te oud; dat kan zijn hart niet aan'', zegt zijn dochter. ,,Hij heeft de hele nacht gehuild. Ik denk dat hij pijn heeft.''
Alma Hodzic heeft intussen voorzichtig drie paar sokken en een verband afgepeld. De doorligwonden zijn groter geworden. Terwijl Hodzic de oude man op bed wast en verschoont, houdt hij zijn ogen gesloten. Soms gromt hij wat. ,,Je weet niet of hij er wel veel van merkt. Hij praat niet meer.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.