*

 

Twijfels bij machtsvorming verzekeraars

Jeroen den Blijker − 18/10/04, 00:00

Vijf grote zorgverzekeraars bedienen nu al ruim de helft van de Nederlandse bevolking. Aan de fusie-en concentratiegolf komt voorlopig geen einde. Maar komt er zo nog wel iets terecht van de zo vurig verlangde concurrentie tussen zorgverzekeraars?

AMERSFOORT - Op papier loopt de machtsconcentratie van de zorgverzekeraars niet zo'n vaart. Volgens onderzoeksbureau Vektis liep het aantal ziekenfondsen in de periode 2000-2003 terug van 27 naar 22, voor particuliere zorgverzekeraars van 77 naar 66. Maar schijn bedriegt. Achter oude vertrouwde namen doemen steeds vaker grote concerns op. Het Zilveren Kruis bijvoorbeeld is al lang niet meer zelfstandig. Net als Groeneland of PWZ is het eigendom van Achmea, een van de grootste verzekeraars van het land met 2,7 miljoen verzekerden. Maar Achmea is niet lang meer de grootste zorgverzekeraar. De VGZ-IZA-groep (2,7 miljoen klanten) heeft een fusie aangekondigd met de regionale verzekeraar Trias (355 000 verzekerden). Daardoor ontstaat in een klap een concern van ruim 3 miljoen klanten. En, net als Achmea, wil ook dit nieuwe concern oude vertrouwde namen handhaven. Boudewijn Dessing, voorzitter van de raad van bestuur van de VGZ-IZA-groep: ,,Het zijn immers sterke merken.”

Deskundigen verwachten dat met de fusie van VGZ-IZA en Trias de machtsconcentratie nog niet ten einde is. Ziekenfondsen en particuliere verzekeraars slaan vooral de handen ineen om in de toekomst zo sterk mogelijk te staan. Op 1 januari 2006 wil minister Hoogervorst (Volksgezondheid) immers de verplichte basisverzekering invoeren. Ziekenfonds en particuliere verzekering verdwijnen en zorgverzekeraars moeten onderling flink gaan concurreren.

Ook VGZ-IZA maakt zich op voor deze nieuwe tijden. ,,Verzekeren is een kwestie van omvang,” zegt Boudewijn Dessing.

,,Met drie miljoen klanten hebben we voldoende omvang om effectief te kunnen onderhandelen met zorgverleners, zoals zieken-huizen. Maar Martin Favié, voorzitter van de apothekersorganisatie KNMP, ziet die schaalvergroting met lede ogen aan. ,,Concentratie is natuurlijk onvermijdelijk, maar het krijgt ook trekjes van een monopolie.” En Favié staat niet alleen in zijn kritiek. Vorige maand nog waarschuwde de Raad van State in zijn advies over de basisverzekering dat er ,,een reëel gevaar voor monopolie en oligopolievorming dreigt van een aantal verzekeraars.”

Favié schetst waar dat toe kan leiden. ,,Kijk nou naar VGZ: die is heel sterk beneden de grote rivieren. Als apotheker in Brabant ben je dan volledig afhankelijk van ze. De verzekeraars probeerden vorig jaar voor te schrijven welke medicijnen wij tegen welke prijs moesten leveren. Dat hebben we met tussenkomst van de rechter weten te voorkomen. Want wat de verzekeraar wil, is lang niet altijd hetzelfde wat de patiënt wil.”

De Raad van State waarschuwt verder dat er een 'aanzienlijke groep personen is ons land die aangeduid kan worden als 'functioneel analfabeet'. Die mensen zijn niet in staat om een weloverwogen keuze te maken tussen de verschillende zorgverzekeraars. Bovendien: wat blijft van de beoogde concurrentie over als die zich slechts afspeelt tussen een handvol grote spelers, die nota bene wettelijk verplicht worden hetzelfde basispakket aan te bieden?

Maar de topman van VGZ-IZA ziet dat anders. Er is voor verzekeraars veel winst te boeken, meent Dessing. En er is dus ook het een en ander te kiezen voor de klant, meer dan ooit tevoren zelfs. Daar-gio.” bij wijst hij op de prestatiecontracten die VGZ-IZA heeft afgesloten met een twintigtal ziekenhuizen: leveren de ziekenhuizen ondermaats, dan gaat ze dat geld kosten.

En misschien, denkt Dessing, hebben de critici gelijk dat er over een paar jaar vijf of zes grote zorgverzekeraars zijn met ieder een paar miljoen klanten. ,,Maar je houdt altijd een stuk of tien, twintig kleine specialistische zorgverzekeraars over. Trias heeft nu voor een fusie gekozen en ongetwijfeld zal dat onderwerp ook in een aantal andere bestuurskamers ter discussie staan. Maar een kleine verzekeraar kan ook kiezen voor zelfstandigheid en zich toeleggen op een specifieke re-Vijf Dat de nieuwe combinatie VGZ-IZA-Trias een dominante marktpartij is, wuift Dessing weg. ,,Als de Nederlandse Mededingingsautoriteit met de fusie instemt, worden we een echt landelijke speler, met overal in het land verzekerden en een gemiddeld marktaandeel van acht à tien procent per regio. In sommige regio's zijn we weliswaar sterker, zoals beneden de grote rivieren, maar echte superconcentratie is nergens aan de orde. Daar hebben we hooguit veertig à vijftig procent van de markt. Dat is nooit genoeg om apothekers of fysiotherapeuten als blok van de kaart te kunnen spelen.”

De kritiek van de KNMP vindt Dessing verder ongepast. Hij wijst er fijntjes op dat de verzekeraars de apothekers vorig jaar niet voor niets zo aanpakten. Anders hadden die waarschijnlijk bonussen en kortingen ter waarde van ruim 600 miljoen euro in hun eigen zak gestoken, zonder dat de verzekerde daar iets van terugzag. Bovendien, redeneert Dessing, ook onder farmaceuten zijn de laatste jaren behoorlijke machtsblokken ontstaan. ,,Er zijn niet zoveel kleine apothekers meer. Zij hebben zich de laatste jaren vrijwel allemaal verenigd in inkooporganisaties of zijn gewoon eigendom van de groothandel.”

mailIcon print |